zaterdag 17 februari 2018

Loudness

Loudness
Rise To Glory
earMUSIC

Loudness is in thuisland Japan en ook ver daar buiten een begrip. De groep werd opgericht in 1981 en was één van de eerste Japanse heavy metal bands die internationaal kon doorbreken. Op de teller staan inmiddels 26 studio en 9 live albums. Hun piek kenden ze met langspelers als ‘Thunder In The East’ (1985) en ‘Lightning Strikes’ (1986). Loudness is ondanks het wisselen van de wacht van een aantal muzikanten dus al meer dan drie decennia lang actief. De enige die sinds het begin aan boord bleef is gitarist Akira Takasaki. De huidige bezetting bestaat trouwens, behalve de in 2008 overleden drummer Munetaka Higuchi, uit de originele line-up. Als vervanger voor Higuchi werd Masayuki Suzuki ingehaald. ‘The Sun Will Rise Again’, hun vorige studioplaat dateert van midden 2014. Een op de Amerikaanse markt afgestemde remix kwam uit op 7 oktober 2015. De fans zaten dus al een tijdje op hun honger en keken dan ook reikhalzend uit naar de volgende plaat. Verwacht met ‘Rise To Glory’ geen spectaculaire koerswijziging. Loudness zweert nog altijd bij oerdegelijke heavy metal. Af en toe probeert men eens iets anders zoals in de twee instrumentale nummers, de cinematografische intro ‘8118’ en het bij prog en jazzrock aanleunende ‘Kama Sutra’. Alhoewel traditioneel opgevat klinken de songs overwegend fris, monter en heftig. Tot die categorie behoren alleszins ‘Soul On Fire’, ‘I’m Still Alive’, ‘Go For Broke’ en de titelsong. Onder de verwachtingen blijven het aftandse vehikel ‘No Limits’ en het slome, zich als ballad aandienende ‘Rain’. Voor de Amerikaanse en Europese markt gaat ‘Rise To Glory’ vergezeld van een bonus cd. ‘Samsara Flight’ is een verzameling van hun dertien meest bekende tracks. In 2016 in een nieuw jasje gestoken en toen alleen uitgebracht in Japan. Een leuk extraatje voor de diehard fans of voor wie niet vertrouwd is met het vroegere werk van deze Japanse metal pioniers.      

Heavatar

Heavatar
Opus II - The Annihilation
earMUSIC

Heavatar is het (hobby) project van Van Canto stichter Stefan Schmidt. Met ‘Opus I - All My Kingdoms’ verscheen in 2013 een eerste cd. Ligt de nadruk bij Van Canto op het vertolken a cappella dan kiest Heavatar voor een op klassieke muziek geënte variant van power en symfonische metal. De klassieke meesters waarbij men te rade ging op hun tweede langspeler zijn Puccini (‘None Shall Sleep’), Chopin (‘Hijacked By Unicorns’) en ook nog Beethoven, Mendelssohn, Boellmann en Vivaldi die elk op hun beurt wel ergens in één van de songs opduiken. Naast zingen speelt Stefan ook elektrische gitaar. De rest van de bezetting bestaat uit ervaren muzikanten als  drummer Jörg Michael, bassist Daniel Wicke en gitarist Sebastian Scharf. Met de tweede plaat zoekt een groep meestal naar bevestiging. Er is dan ook niet veel gewijzigd aan het concept. Men pakt het wel nog grootser aan met epische vormen aannemende orkestratie, imposante vocalen en koor, geweldige riffs en het betere solowerk. In de eerste helft legt men er duchtig de pees op en komt het power element nadrukkelijk op de voorgrond. Vanaf ‘A Broken Taboo’ gaat men genuanceerder te werk en kiest men voor een meer theatrale en bombastische invulling. Alleen ‘Metal Daze’ klinkt weer wat agressiever, doch is tegelijk nogal naïef opgevat. Het refrein heeft wel een hoog meezing gehalte. Afsluiten doet Heavatar met ‘The Look Inside’ een hoogdravend instrumentaal opus. Wie ‘All My Kingdoms’ het summum vond zal ook heel blij zijn met ‘The Annihilation’ waarbij Schmidt en co. de lijn van die eerste verder doortrekken.

Atrocious Filth

Atrocious Filth
Moans
From Pub
Voor dit plaatje moeten we terug naar 24 februari 2016, want dat is de datum waarop ‘Moans’ werd uitgebracht. Atrocious Filth is een Poolse industrial formatie die ook het experiment niet schuwt. Het kernduo Andrzej Choromanski en Slawomir Jozwiak kijkt op naar muzikanten als Mick Harris en Justin Broadrick en het hoeft dan ook niet te verwonderen dat sommige nummers dicht aanleunen bij Godflesh en Scorn. Hun experimentele aard verwijst dan weer naar artiesten als Robert Fripp (King Crimson), Michael Gira (Swans) en Mike Patton (Mr. Bungle). Deze mini cd laat de twee gezichten zien van Atrocious Filth. Zijn de eerste twee nummers nog industrial en metal getint dan waagt men zich bij de overige tracks aan probeersels waarin een hoofdrol is weggelegd voor saxofoon en elektrische contrabas in ‘Tesseract 1 & 2’. Maar het zijn vooral ‘Hubris’ en ‘Angst’ die alle aandacht naar zich toe trekken. Vooral in die laatste proef je echt de beklemming en de spanning. ‘Moans’ is in de optiek van tweespalt tussen ‘gewoon’ en proefneming een vreemdsoortige release die wel wat aandacht verdient.   

K-Essence

K-Essence
We Prefer The Night
Alchera Visions
Dit is de laatste van een vijftal platen uit 2016 die pas nu boven water zijn gekomen bij Dark Entries en waar ondergetekende zich mocht over ontfermen. Achter K-Essence gaat de Pool Bartek Czarno-Księżyk schuil. Zijn debuut ‘Prince Of Pawns’ verscheen in 2013 dankzij crowdfunding via het megatotal.pl platform. Deze ‘We Prefer The Night’ is zijn tweede worp en zag het levenslicht eind april 2016. Was die eerste nog een solo uitstap, dan verzamelde Bartek voor het inspelen van ‘We Prefer The Night’ een heuse band met een traditionele bezetting van gitaar, bas en drums rond zich. De man heeft iets met cabaret en theater en laat zich leiden en inspireren door sterren als Nick Cave, Lou Reed, Tori Amos en PJ Harvey. De songs baden in een sfeer van hartzeer, verwachting, verbeelding, verrukking, gemiste kansen en teleurstelling. Niet alle composities zijn even dwingend en emfatisch. Komt ook wel door de verschillen wat betreft trant waarop ze worden ingekleurd en de subtiele variaties van alternatieve rock gaande van ingetogen, jazzy, burlesk en zeemzoet tot wervelend en heftig. Het zijn ‘This Party Isn’t Over’, ‘Bathe And Forget’, ‘Swim Says’, ‘Those Summerdays’, ‘Every Black Shirt’, ‘Come Home And Stay’ en ‘Dangerous Man’ die elk op hun eigen manier net dat ietsje meer brengen. Met deze plaat slaagt de Poolse songsmid erin om de sfeer na een nachtje stappen bijna perfect weer te geven en het nachtleven aan te prijzen.

The Micronaut

The Micronaut
Forms
Acker Records

Nog een oudere release, meer bepaald van begin december 2016. The Micronaut is de artiestennaam voor Stefan Streck, een Duitse multi-instrumentalist en producer. ‘Forms’ is The Micronaut zijn derde langspeler. Duitsland heeft een traditie hoog te houden wat betreft elektronische muziek en Streck trekt aardig zijn streng. Zijn mix van electro, pop en IDM is lekker dansbaar en omvat een kleurrijk palet met twaalf veelzijdige tracks. Komt ook door de inbreng van een aantal gastbijdragen van artiesten als Saskia Arndt, Robert Groos-Albouts, Laura Deadelow, I Am Halo en Sebastian Bode. Af en toe is het ook wat minder zoals met het wat slappe ‘Prism’ of   zoutloze ‘Kite’. Heel wat beter is het funky ‘Triangel’, ‘Square’ het sterk gevarieerde ‘Ellipse’, het avontuurlijke tweeluik ‘Trapez’ en ‘Circle’ of het meer slome door stemeffecten gestuurde ‘Pyramid’. ’Oval’ doet dan weer denken aan Fatboy Slim. Je moet ook wel een fan zijn van die bewerkte stemmetjes. Stefan laat een brede waaier horen van heel verscheiden ritmes en uiteenlopende subgenres. De man speelt jaarlijks zo een honderd shows en vult dit aan met het producen van remixes. Streck is dus heel goed thuis in het Duitse danscircuit en weet hiermee te scoren. 

Off World

Off World
1
Constellation Records

De Canadees Sandro Perri is al vele jaren actief. Sinds 2003 wordt zijn muziek uitgebracht door het gerenommeerde Constellation label. Deze in Toronto residerende componist, producer en multi-instrumentalist was niet alleen actief onder zijn eigen naam, maar ook de stuwende kracht achter projecten als Polmo Polpo en Glissandro 70. De man is befaamd voor de manier waarop hij zijn muziek voorstelt. Hij bezit een rijke verzameling van geluidsopnames, maakt gebruik van vreemde zowel akoestische als elektronische instrumenten en experimenteert met diverse compositietechnieken en het deconstrueren van melodieën. Perri heeft nog heel wat onuitgegeven materiaal en in 2008 rijpte dan het idee om onder de naam Off World en gespreid over drie langspelers deze nummers uit te brengen. Naast Sandro bestaat het gezelschap Off World uit producers/muzikanten Drew Brown (Lower Dens, Blonde Redhead, Beck), Susumu Mukai (Zongamin), MJ Silver (aka Mickey Moonlight) Craig Dunsmuir (Glissandro 70, Kanada 70) Jesse Zubot en Eric Chenaux. Deze ‘1’ klinkt buitenaards en wereldvreemd. Je zou bijna denken dat het geen mensen zijn die hier musiceren. Tegelijk, door het gebruik van vintage synthesizers, maak je een reis doorheen de geschiedenis van de elektronische muziek. Er dienen zich elementen aan die ongetwijfeld velen bekend in de oren zullen klinken. ‘1’ is in vele opzichten een bijzondere plaat, een tikje excentriek en niet onder te brengen in een bepaalde categorie. Het is muziek die je met open geest gewoon moet ervaren en ondergaan. Deze release dateert eigenlijk al van eind september 2016. Externe factoren zorgden er voor dat deze nu pas bij ons de nodige aandacht krijgt, onder het motto beter laat dan nooit.  

Birth Of Joy

Birth Of Joy
Hyper Focus
Glitterhouse Records

Van toetsenist Gertjan Gutman is geweten dat hij een fervent voorstander is van zijn Philicorda orgel. Nooit gedacht dat hij zich een nieuw instrument zou aanschaffen en toch. Gertjan kocht zich een Hammond C3, een door de verkoper wat aangepast model. En die krijgt op deze ‘Hyper Focus’ zijn vuurdoop. Zelf heb ik altijd een zwak gehad voor de warme klanken van een Hammond orgel. Wie kent niet beroemde beoefenaars als Jon Lord, Ken Hensley, Rick Wakeman of Keith Emerson. Nu hoort Birth Of Joy ook bij het selecte groepje van hedendaagse bands die dit instrument in ere herstellen en ze sturen er hun muziek mee naar ongekende hoogtes. Maar Birth Of Joy is meer dan alleen maar Hammond. Ook op gitaar en drums staan ze hun mannetje en op het gebied van (samen)zang hebben ze op deze ‘Hyper Focus’ een grote sprong voorwaarts gemaakt. Hun muzikale spectrum van jaren zestig en zeventig rock, blues en psychedelica hebben ze aangedikt met afwisselend een streep latin, fusion, stoner, punk, prog rock en grunge. Dat zorgt voor een mooi, gevarieerd palet van dertien energieke en stomende rock tunes. Je hoeft dus niet te vrezen voor een gebrek aan creativiteit en vernuft. De 450 live shows van de afgelopen drie jaar dragen er toe bij dat Birth Of Joy het klappen van de zweep kent. De drie muzikanten voelen elkaar blindelings aan en hebben vertrouwen zat. ‘Hyper Focus’ is ook een plaat met verrassende wendingen. Zoals de intro in ‘You Are Many’, de drie korte, maar daarom niet minder interessante, zeer van elkaar verschillende instrumentale tracks, het progressief en psychedelisch ingekleurde ‘Witches Hammer’, de blazers in ‘Poor Duffy’ of de hippe afsluiter ‘Sell Out’. Neem het van mij aan: ’Hyper Focus’ is een hele vette plaat.

Visible Cloaks

Visible Cloaks
Lex
RVNG Intl./Dense Promotion

Met ‘Reassemblage’ probeerde het duo Spencer Doran en Ryan Carlile nog verschillende culturen uit zowel de oude als nieuwe wereld dichter bij elkaar te brengen. Met de opvolger ‘Lex’ gaan ze nog een stap verder. Taal is het middel om mensen onderling met elkaar te laten communiceren. Maar wat zou er gebeuren als men een utopische ‘droomspraak’ zou ontwikkelen of wat als de mensheid in contact zou komen met buitenaardse wezens wiens taal men niet zou begrijpen? Doran ontwikkelde het idee om een een nieuwe spreekvorm te creëren door een veelvoud van verschillende talen en dialecten te bewerken met vertaling software. Dit resulteerde in een soort van ‘alien jargon’ mede in de hand gewerkt door de onnauwkeurigheid en het verval dat optreedt bij het gebruik van automatische vertaling software. Een vorm van kennisgeving surreëel en ondoorgrondelijk. Voor de muziek blijft men trouw aan de beproefde technieken, waaronder MIDI processen en hun voorliefde voor Japanse en Italiaanse elektronische pop en ambient. Het tussenvoegen van alle componenten leidt tot merkwaardige esoterische processen. Het geheel heeft inderdaad een gevoel van een kennismaking met het wereldvreemde, het onbekende. Sommige tracks verhouden zich tot elkaar als bouwstenen van een groter geheel. Termen als melodieus, sierlijk, verheven, fijnzinnig zijn hier van toepassing op het muzikale spectrum. Het laatste nummer ‘Permutate Lex’ is de soundtrack voor een kortfilm van Brenna Murphy en ‘World’ is onderdeel van een installatie gemaakt door Spencer en Brenna. Net als ‘Reassamblage’ is ‘Lex een zonderlinge, maar boeiende langspeler.

The Sad Flowers

The Sad Flowers
The Sad Flowers
The Sad Flowers Garden

The Sad Flowers zijn het duo Jan Ooms en Jany Claeskens. Eigenlijk nog een relatief jonge band, want opgericht in 2013 als studioproject. De twee leden zijn al van een iets meer gezegende leeftijd en hebben op muzikaal gebied al tonnen ervaring. Beide zijn multi-instrumentalisten, Jan neemt ook de hoofdzang voor zijn rekening. Onder het motto wat je zelf doet, doe je beter heeft het tweetal ook de opnames en productie zelf in goede banen geleid. Hun muzikale interesses zijn zo uitgebreid dat je onmogelijk één muziekstijl naar voor kunt schuiven die het groepsgeluid domineert. The Sad Flowers hun debuut is een overwegend sombere plaat met teksten waarin ze hun kijk op de wereld en eigen levenservaringen delen en die zijn niet altijd zonnig en vrolijk. Het palet van genres legt toch ook meestal de nadruk op de meer donkere stijlen, met name gothic, darkwave, progressieve rock, heavy metal en doom. De diepe bariton stem van Ooms - klinkt soms wat geforceerd - versterkt nog de hang naar duisternis en zwaarmoedigheid. ‘Never Mind’, ‘The Legend’ en ‘Schmetterling’ verschenen eerder als single, maar je krijgt hier de albumversie te horen. Die laatste is compositorisch erg sterk en valt het meest op, ook al omdat er in het Duits wordt gezongen. Het logge ‘Thin Air’ , hoogdravende ‘Full Moon’ en bitsige ‘Liar’ gaan gebukt onder een te veel aan bombast. Vielen beter in de smaak: ‘The Calling’, ‘Hate’ en ‘Feeling Strange’. Als debuut is deze plaat verre van slecht, maar er zijn punten - onder meer het vocale luik - die nog voor verbetering vatbaar zijn.

Ola Kvernberg

Ola Kvernberg
Steamdome
Grappa/PIAS

Ola Kvernberg is een veelzijdige Noorse jazz violist die in eigen land al heel wat prijzen wegkaapte. Naast de release van soloplaten werkte hij in het verleden mee aan een resem projecten en schreef een aantal soundtracks, onder meer voor de films ‘Jag Etter’ en ‘Two Raging Grannies’. Met zijn vorige album ‘The Mechanical Fair’ bestreek hij een gevarieerd gamma aan stijlen gaande van neoklassiek over future jazz tot deep house. Met  ‘Steamdome’ concentreert hij zich op percussie en ritme. Maar liefst drie van de meest bekende Noorse drummers - Erik Nylander, Hans Hulbækmo, Børge Fjordheim - verleenden hun medewerking naast bassist Nikolai Hængsle, Øyvind Blomstrøm (gitaar), organist Daniel Buner Formo en Kvernberg zelf die hier acteert als multi-instrumentalist. ‘Steamdome’ moet het hebben van fysieke inspanning, tomeloze energie en een grote intensiteit. Het album brengt een combinatie van uiteenlopende genres als jazz, alternatieve rock, folk, prog rock en latino muziek. Het combo slaagt er in om al deze schakeringen in één track te stouwen: ‘Caterpillar’. Al begint de plaat eerder rustig met ‘Prologue’, maar daarna gaat het tempo de hoogte in. Met ‘Through The Mantle’ komt er een tweede, kalmere passage.‘Black Lemmon’ en ‘Go Up’ zijn twee fraaie nummers met een speels karakter. Het tweeluik ‘Above The Dance Part I & II’ klinkt meer bedachtzaam, harmonieus, geraffineerd en uitgebalanceerd. Dit alles maakt van ‘Steamdome’ een niet alledaagse en interessante luisterervaring. 

Greyfell

Greyfell
Horsepower
Atypeek Music/Argonauta

Frans kwartet dat zich heeft opgewerkt uit de lokale metal scene van Rouen. Dit is na ‘Vol 1: I Got The Silver’ Greyfell hun tweede album. Het viertal brengt een mix van stonerrock, doom psychedelische rock, hardcore en black metal. Een extreme vorm, heftig en loodzwaar met beukende riffs, schreeuwerige zang, een diep ronkende basgitaar en een gejaagd, door effecten gestuurd gitaargeluid. De komst van een toetsenist als vierde lid zorgt voor een nieuwe insteek en verrijking. Gruizige drones en donkere synthesizer patronen maken het geheel nog meer sinister en macaber. Van bij de intro van ‘People’s Temple’ zet Greyfell de bakens uit voor wat een helse rit gaat worden. Tegen een dergelijke imposant groepsgeluid zoals in ‘Spirit Of The Bear’ of ‘King Of Xenophobia’ is geen kruid gewassen. ‘Horsepower’ telt slechts vijf nummers, maar eigenlijk is dat ruim voldoende. Het is lastig om na gestaag te zijn blootgesteld aan een om zich heen grijpende moedeloze en zelfs angstige stemming, die je na een tijd helemaal in zijn greep heeft te ontkomen en terug ‘normaal’ te gaan functioneren.  

Charming Timur

Charming Timur
So Far So Good
CD Baby

Laten we eerlijk toegeven: van Charming Timur had ik voor deze ‘So Far So Good’ in de bus viel nog nooit gehoord. Charming Timur is de artiestennaam voor de Fin Lauri Santeri Lohi. Op het muzikale front actief sinds 2013 en heeft in totaal al vijf albums op de teller staan. Deze ‘So Far So Good ‘ is een verzamelaar waarbij het de intentie is de beste songs van die vijf voorgaande langspelers bij elkaar te sprokkelen. Met achttien tracks in totaal meteen een flink aantal om een luisterend oor aan te geven. Wat je krijgt voorgeschoteld is een chaotische geluidsbrij. Charming Timur brengt een obscure metal variant waar sporen in terug te vinden zijn van nu en black metal, cyberpunk, experimentele muziek, noise, industrial, post rock en post metal. De teksten zijn navenant. Lohi verschuilt zich achter dit geschift personage en bediend zich van erotische en perverse bewoordingen die hij op een heel ongewone manier vertolkt. Het gevolg van een verkeerde keuze van stemeffecten. Totaal geflipt en het maakt een aantal nummers in alle opzichten tragisch slecht en pijnlijk om naar te luisteren. Wat we meerdere malen deden, want elke plaat moet je een kans geven. Dus met het risico op blijvende gehoorschade verschillende keren naar deze ‘So Far So Good’ geluisterd. Brengt geen zoden aan de dijk. Het blijft gewoon belabberd. De speurtocht naar een positieve noot liet ons even stilstaan bij ‘Rampage Anthem’. Een slechts schrale troost. Voor de rest is het huilen in een pikdonkere kelder met een zwarte doek voor je kop.      

Aiming For Enrike

Aiming For Enrike
Las Napalmas
Jansen Records/PIAS

Het Noorse tweetal Tobias Ørnes Andersen als drummer en gitarist Simen Følstad Nilsen vormt samen Aiming For Enrike. Ze zijn niet aan hun proefstuk toe, want deze ‘Las Napalmas’ is na ‘Mao Miro’ (2012) en het in 2016 verschenen ‘Segway Nation’ al hun derde worp. Soms is het moeilijk aan te nemen dat ze slechts met zijn tweeën zijn, want ze maken nogal wat kabaal. Het groepsgeluid op ‘Las Napalmas is ‘vol’ en wervelend. Echter na een aantal luisterbeurten wordt die illusie min of meer doorprikt. Via loops en effecten weet gitarist Nilsen het geluid aan te dikken. Andersen volgt zijn kompaan intuïtief met zijn gevarieerd tromgeroffel. Toch hoor je dikwijls hetzelfde stramien. Het gevolg is een stroom van staccato golven. Je kunt amper spreken van songs. Men springt een beetje van de hak op de tak en bij wijze van spreken: het rammelt aan alle kanten. Hun manier van spelen is wel intens en energiek en dat maakt veel goed. De twee hebben hun derde langspeler live ingespeeld in de studio. Het getuigt van realiteitszin en eerlijkheid. Zo klinkt het en zo botst het. Het beperkte arsenaal aan effecten speelt vooral Simen parten. Iets te veel van hetzelfde en dan verdwijnt al snel de euforie van het verrassingselement na een paar keer luisteren. Het blijft wel volop genieten van bijvoorbeeld het relaxte ‘Social Window’ en dito ‘Front Runner’. 

J Churcher

J Churcher
Borderland State
37 Adventures/PIAS

Londenaar J Churcher is een romantische ziel, een dromer. Deze songsmid schrijft fragiele liedjes en brengt die met een even breekbare stem en met bijpassende mooi ingekleurde en weids georkestreerde instrumentatie. Doet qua genre denken aan de indie rock van de jaren tachtig. (The Jesus And Mary Chain, This Mortal Coil, The Comsat Angels, The Church). Twee jaar heeft hij gewerkt aan zijn debuutplaat. Eerst in zijn eentje, maar het is pas later met de introductie van producer Dreamtrak dat het album in een finale fase kwam. Van bij aanvang van ‘I Remember’ creëert Churcher een feeërieke en dromerige sfeer. Door de inbreng van fuzz en galmende gitaar effecten komt er in de tweede helft van ‘Borderland State’ in ‘Finding Roxanne’, ‘Yesterday en ‘In The Summer’ even een rimpeling in de tot dan toe uiterst fraaie, doch rustige stroom van liedjes. Het is slechts een tijdelijke opleving, want in ‘Dream Team’, ‘How It Ends’ en ‘Middle Of The Sun’ komt het weelderige en toch wat wollige aspect uit het eerste deel terug op de voorgrond. Nog vermelden dat deze ‘Borderland State’ al dateert van september 2016, maar omstandigheden buiten onze wil om hebben ertoe geleid dat we deze toch wel meer dan degelijke langspeler pas nu kunnen recenseren.

zaterdag 20 januari 2018

Håkon Kornstad + Kork

Håkon Kornstad + Kork
Live
Grappa/PIAS

Deze cd bevat de hoogtepunten van twee uitverkochte concertavonden in de Store Studio in Oslo in maart 2017. Geven er acte de présence: Håkon Kornstad met zijn ensemble samen met het Kringkastingsorkesteret, kortweg Kork, het Noorse Radio Orkest. Het is een soort van vervolg van de fel gesmaakte langspeler ‘Tenor Battle’ uit 2015. Deze keer dus met strijkinstrumenten. Kornstad is een bijzonder muzikant. Naast jazz saxofonist is hij een prachtig operazanger (tenor) en fluiter. Hij brengt niet alleen enkele klassiekers als ‘Ultima Canzone’ en ‘Nadir’ omkadert door improvisaties met zijn medemuzikanten, maar ook twee instrumentale tracks ‘Plystre’ en ‘Aba’ uit zijn solo album ‘Symphonies In My Head’ uit 2011. Voor de gelegenheid allebei bewerkt voor uitvoering met orkest. Zo wordt ’Aba’ gespeeld door een cello kwintet en doet hier dienst als heel mooie afsluiter. Bijzonder ook zijn de uitvoeringen van Edward Grieg’s ‘En Svane’ en ‘Di Tu Se Fedele’ uit Verdi’s opera ‘Un Ballo In Maschera’. Deze combinatie van jazz, improvisatie en opera is een streling voor het oor en waarschijnlijk uniek in zijn soort. Een exceptionele, markante, maar uitmuntende plaat.

Aidan Baker, Gareth Davis

Aidan Baker, Gareth Davis
Invisible Cities
Karl

Het muzikale avontuur van multi-instrumentalist Aidan Baker (Nadja, Adoran, Caudal) is er één met vele tussenstops en omzwervingen. Door de jaren heen leidde dat tot talloze projecten, zowel in groepsverband als in duo of trio bezetting en als solo artiest. Op deze ‘Invisible Cities’ werkt Baker voor het eerst samen met klarinettist Gareth Davis (Oiseaux-Tempête, The Whalers Collective, A-Sun Amissa). Ook die laatste kan al terugblikken op een uitgebreid oeuvre van meer dan twintig releases waaronder een hele resem samenwerkingsverbanden. Aidan wordt aanzien als een meester als het gaat over genres als ambient, drone en postrock. Meer recent legt hij zich ook toe op het componeren van eigentijdse muziek voor ensembles. Gareth is op zijn beurt bekend in het veld van hedendaags klassiek, vrije improvisatie en orkest muziek, maar voelt zich ook thuis in rock, noise en elektronische muziek. ‘Invisible Cities’ beslaat vier sfeerrijke, instrumentale tracks, elk met een eigen specifieke klankkleur. Het tweetal creëert een parallelle wereld opgebouwd uit subtiele en breekbare klanken. Het geheel is een experimenteel palet van ambient, jazz, drone en kamermuziek, sporadisch verrijkt met veldopnames. Ondanks het minimalistische en meditatieve karakter is ‘Invisible Cities’ een intens en virulent album. Of het bij deze ene plaat blijft zal de toekomst moeten uitwijzen.

Dark Radish

Dark Radish
Dark Radish
Atypeek Music
Dark Radish zijn drie muzikanten die het vooral moeten hebben van improvisatie. Het trio is actief in andere bands als Sidony Box, April Fishes, Coax Collective en Ueno Park, maar komt nu voor het eerst in deze bezetting als Dark Radish aan de oppervlakte. In tegenstelling tot andere acts die hun fantasie de vrije loop laten en dikwijls de chaos verheerlijken blijft men hier binnen het genre postrock opereren. Soms klinkt het ongerijmd en rauw, doch meestal houdt men vast aan herkenbare songstructuren. Gitarist Manuel Adnot en bassist Joachim Florent schreven respectievelijk drie en twee nummers. Drummer Yann Joussein hield zich als componist afzijdig, maar zijn rol in het muzikale raderwerk mag je nochtans niet onderschatten. Hij is de lijm die de drie componenten bij elkaar houdt. Bijvoorbeeld in het dromerige ‘White Lily’ en het exotisch getinte ‘Touareg’ is zijn slagwerk tegelijk doortimmerd, subtiel en veelzijdig. ‘Colossus’ is zoals de titel al laat vermoeden redelijk indrukwekkend en geeft als openingstrack meteen een indicatie van het creatieve proces en de virtuositeit van het drietal. Voor een eerste plaat opteerden de heren voor het extended play formaat. De juiste keuze, want het maakt van dit titelloze debuut de ideale introductie.  

Çub

Çub
Éducation Civique
Atypeek Music/L’Affect/La Police Du Bon Gôut

Vele artiesten zijn woelwaters en altijd op zoek naar verandering en/of vernieuwing. Soms gaan ze een nieuwe uitdaging aan door te gaan samenwerken, ook al hebben ze op het eerste zicht geen enkele affiniteit met elkaar. Neem nu de experimentele mathrock band Ça. Die kiezen er voor om op deze ‘Éducation Civique’ in zee te gaan met dub en techno kunstenaar Submarine FM. Het Ça combo staat garant voor rare bokkensprongen en onorthodoxe riffs. Rémi Das Neves, alias Submarine FM voegt er eigengereid dub en elektronische muziek aan toe. De zangpartijen of wat daarvoor moet doorgaan, bestaan uitsluitend uit klanknabootsingen. Hoe dat in zijn werk gaat hoor je onder meer in het naar prog rock neigende ‘Géographie’ en het pittige ‘Franssais’. De tweespalt in stijl en uitvoering zorgt soms ook voor echte voltreffers waarbij de opponenten elkaar in de armen vallen en de ene muzikale inbreng rimpelloos overvloeit in de andere. Dat gevoel krijg je toch in interessante tracks als ‘Histoire’ en het helemaal maffe ‘Récréation’. De titelsong op zijn beurt klinkt heel apart en is zelfs binnen dit geheel ‘buiten categorie’. Met ‘Éducation Civique’ leggen de betrokken muzikanten een ongebruikelijk en verrassend traject af. Zo je wil absurde dansmuziek voor op een feestje, maar dan wel eentje van een heel ander kaliber dan de doorsnee party.  

Nakama

Nakama
Worst Generation
Nakama Records

In zijn tijd klaagde Socrates al over het gebrek aan respect van jongeren tegenover gezagdragers,  de ouderen en de overheid in het algemeen. (‘Ze hebben geen manieren, spelen continu spelletjes, leren niet graag en houden meer van inhoudsloos te kletsen’). Tot op vandaag is er eigenlijk niets veranderd. Je kunt zelfs stellen dat elke nieuwe lichting er nog op achteruit gaat. De reeks van negatieve effecten op onze leefwereld neemt alsmaar toe en er is geen beterschap in zicht. De vraag is of je een bepaalde troep mensen of één generatie verantwoordelijk kunt houden voor het ontstaan van het debacle. Nakama heeft deze problematiek uitgewerkt tot een muzikaal concept. Daarbij verwijzen de titels van de composities naar de vijf belangrijkste generaties uit de moderne tijd. Muziek wordt gezien als een factor die de verschillen beklemtoont, maar ook diverse groepen van tijdgenoten kan beïnvloeden. Wordt de kloof dieper of net gedicht? Of zorgt het voor onenigheid binnen de eigen groep? Deze ‘Worst Generation’ doet dienst als katalysator. Het is de vijf muzikanten hun commentaar op de huidige situatie. De muziek zien ze ook als hun erfgoed. Met hun vierde album consolideren ze hun bestaan als individu en als collectief. Het is hun eerste totaal geïmproviseerd werkstuk en was een onderdeel van een live concert gespeeld in een studio tijdens hun eerste Europese tournee. Nakama brengt een flexibele vorm van free jazz en laat de fantasie spreken. Inspiratie halen ze bij Europese jazz, vroege Amerikaanse huidige muziek, Japanse traditionele muziek en het romantische klassieke tijdperk. Ze stellen de heersende stromingen in vraag en tonen aan dat ook een minderheid recht van spreken heeft.‘Worst Generation’ is een creatief experiment, onvoorspelbaar en onverklaarbaar. Het gelijknamige label, gesticht door bassist Christian Meaas Svendsen in 2015 concentreert zich op het uitbrengen van grensverleggende en als alternatief bekend staande projecten van artiesten die bij het platenmerk onderdak vonden.  

Molecular

Molecular
Warmest Regards
Hiddenseer

Zelf noemen aanstichters Pete Simonelli (Enablers) en Lynn Wright (And The Wiremen) het ontstaan van Molecular in het jaar 2010 een opwelling waar men niet aan kon weerstaan. Het duo ging al snel op zoek naar gelijkgestemde zielen en Molecular groeide uit tot een collectief met een bezetting van roterende muzikanten en instrumenten. De muzikale ontplooiingen komen voort uit een stroom aan ideeën en gevoelens waarbij men radicaal kiest voor improvisatie. ‘Warmest Regards’ is de weerslag van een één week durende toer in Engeland. Deze live set werd opgenomen in de New River Studios in London in een intieme setting. Het schetst een beeld van de avond na avond groeiende coherentie tussen de muzikanten onderling die zes opeenvolgende dagen optraden en zich verdiepten in een altijd fluctuerend proces van uitsluitend geïmproviseerde muziek. Een vrijheid waar niet aan te tornen viel, want geen enkele van de zes concerten kende hetzelfde verloop. De enige afspraak was dat men nauwgezet naar elkaar zou luisteren. Het laten afgaan van een eierwekker zou telkens het einde van de set aankondigen. De bariton stem van Simonelli buldert en declameert passioneel zijn zelf geschreven teksten en gedichten. De rest van de gelegenheidsbezetting van Molecular bestaat uit Lynn Wright (gitaar), drummer Sam Ospovat, bassist Algis Kizys en Simon Goff (viool). Naargelang de luim en de grillen leidt de fantasie naar een vorm van samenhang, doch proberen de instrumenten zich ook individueel op de voorgrond te hijsen. Het ontspoort nooit tot een kakofonie, al blijft dit een niet alledaags festijn aan een veelvoud van klanken. ‘Warmest Regards’ is een muzikale ode aan de vrijheid en de verbeeldingskracht. Een mooie momentopname om 2017 mee af te sluiten.    

Billions Of Comrades

Billions Of Comrades
Rondate
Black Basset Records

Belgisch kwartet van over de taalgrens dat eind 2013 debuteerde met het album ‘Grain’. Deze underground band bezit een onverzettelijke DIY attitude, laat zich niet kisten en overstijgt op exuberante wijze diverse genres en stijlen. Ze puren daarbij uit een muzikaal vat dat bijna onuitputtelijk is te noemen. Billions Of Comrades overlappen met gemak postpunk, psychedelische rock, mathrock, industrial en geven hun nummers nog wat extra pigment door de toevoeging van exotische tinten. Hun muziek is avontuurlijk, experimenteel en tegelijk weinig toegankelijk. Het vraagt enige inspanning om zich in te leven en dat is misschien ook wel de reden dat het viertal nog maar weinig potten heeft gebroken en hun songs niet zo vlot de weg vinden naar de meer populaire muziekkanalen. Toch houden ze voet bij stuk en sluiten geen compromissen. Hun eigen muzikale inzicht krijgt voorrang op alles. Elke track op deze ‘Rondate’ heeft zo zijn eigenaardigheidjes en soms vreemde, hoekige randjes die telkens weer weten te verrassen. ‘Rondate’ telt zeven nummers en meest opvallende instrumenten zijn de variabele zangpartijen (denk aan Shriekback, Gang Of Four, Zita Swoon en Bloc Party) en de voorname rol die is weggelegd voor het elektronische muziekinstrument Tenori-on. De compositie met het meest bravoure is zonder twijfel de titelsong met in zijn kielzog het aansluitende ‘Moak’. ‘Rondate’ is een plaatje dat zeker de moeite waard om eens te beluisteren en misschien word jij dan wel één van Billions Of Comrades nieuwe kameraden.

dinsdag 9 januari 2018

10 Years

10 Years
(how to live) AS GHOSTS
Mascot

Hun tot voor kort meest recente album kreeg als titel ‘From Birth To Burial’ (2015) mee, want zanger Jesse Hasek ging er van uit dat dit 10 Years hun zwanenzang zou worden. Maar soms neemt het leven vreemde wendingen. Daar hoort een onverwachte reünie ook bij. Onder impuls van Jesse kwamen gitaristen Matt Wantland en Brian Vodinh de rest van de band opnieuw vervoegen voor de opnames van wat hun achtste album zou worden. De rest van de bezetting bestaat uit drummer Kyle Mayer en bassist Chad Huff. Hun laatste platen produceerden ze zelf, maar voor deze zochten ze hulp buitenshuis en sloegen sterproducer Nick Raskulinecz (Alice In Chains, Deftones, Foo Fighters, Rush) aan de haak. Die zorgde voor een heel andere benadering. Zo werden in het verleden de meestal harmonische zangpartijen nog eens extra orkestraal ondersteund. Daar werd nu helemaal van afgestapt. Het brengt deze alternatieve rock/metal en grunge act dichter bij de essentie en maakt van ‘(how to live) AS GHOSTS’ een dynamisch, meer direct en geloofwaardiger werkstuk. Alle elf songs dragen hun steentje bij en zorgen er voor dat het als geheel erg helder en gedreven klinkt. De gitaaruithalen zijn groots en de ritmesectie staat als een huis en is heel secuur. In de meer rustige passages zorgt zanger Hasek voor een gevoel van intimiteit. Met ‘(how to live) AS GHOSTS’ neemt 10 Years een veelbelovende doorstart die hun muzikale carrière misschien wel een nieuwe boost kan geven.

Tjens Matic

Tjens Matic
Middle Finger
PIAS

Voor de eerste muzikale omzwervingen van Arno Hintjens moeten we terug naar 1970 en de groep Freckleface met naast Arno op mondharmonica, zanger/bassist Paul Vandecasteele en gitarist Paul Decoutere. Met die laatste startte hij twee jaar later onder naam Tjens Couter een nieuwe band. In 1980 was er dan de grote doorbraak met TC Matic. Dat brengt ons bij vandaag en je weet meteen waar de de naam Tjens Matic vandaan komt. Met ‘Middle Finger’ kiest Hintjens opnieuw voor de ruige, wat smerige rock uit zijn eigen achtertuin. Zullen als vanouds de vonken er van afspringen? Deze single klinkt alvast veelbelovend en rockt als de pest. Het is een welgemeende ‘fuck you’ naar de watjes van deze tijd. Het B-kantje is een potige live versie van TC Matic’s ‘Being Somebody Else’. Ook de hoes is een pareltje (frietjes met mosselen). Tjens Matic is op toernee en de eerste halte in 2018 is de AB in Brussel op 17 januari. Ik zou zeggen: allen daarheen.

Noel Gallagher’s High Flying Birds

Noel Gallagher’s High Flying Birds
Who Built The Moon?
PIAS

‘I am a fucking genius’ zegt Noel Gallagher van zichzelf. Bescheiden is hij nooit geweest de voormalige frontman van Oasis die in 2009 na een klinkende ruzie met zijn broer Liam daar de deur achter zich dichtgooide. In 2011 startte hij zijn solocarrière met de High Flying Birds als begeleidingsband. Een groep die vandaag bestaat uit ex-Oasis en Beady Eye leden Gem Archer (gitaar), drummer Chris Sharrock, toetsenist Mike Row en The Zutons bassist Russell Pritchard. Met ‘Who Built The Moon?’ mag het gezelschap een derde plaat aan zijn palmares toevoegen. Noel is een kameleon en een slokop. De Britse rockscene kent voor hem geen geheimen en op een speelse en ook wel geraffineerde wijze weet de altijd bij de pinken zijnde songsmid een smeltkroes aan invloeden in zijn liedjes te integreren. Het gamma is uitgebreid en gaat van big beat, funk, krautrock en britpop tot glam, psychedelische rock, rhythm-and-blues en Merseybeat. ‘Who Built The Moon?’ is een fraaie rockplaat met een aantal leuke en swingende tracks als ‘Holy Mountain’, het hippe ‘It’s A Beautiful World’ en ‘Black & White Sunshine’. Een andere hoogvlieger is het majestatische ‘The Man Who Built The Moon’. De twee instrumentale (al of niet overbodige) sfeerstukjes ‘Wednesday Part 1 & 2’ doen denken aan de soundtrack voor een film. Misschien heeft Noel wel plannen in die richting. Dat Gallagher je ook zonder de ‘wall of sound’ van producer David Holmes je van de sokken kan blazen bewijst hij met de live ingespeelde, akoestische bonustrack ‘Dead In The Water’.

Rabitrup

Rabitrup
SWVMPS II
Eigen Beheer

Rabitrup is een project van de uit Seattle afkomstige noise, industrial en metal acoliet Danny Tatom. Dit is de opvolger voor zijn ep ‘SWVMPS’, uitgebracht in januari 2017. Tatom zit in het vaarwater van illustere en tegelijk ontzag afdwingende bands als Skinny Puppy, Nine Inch Nails, Front Line Assembly en Author And Punisher. Danny zoekt naar nieuwe invalshoeken via allerlei elektronische hulpmiddelen. Wat moet doorgaan voor de zang zijn door merg en been snijdende oerschreeuwen. Meest in het oog springende track is het monumentale negen minuten durende ‘Walls’, maar ook de twee overige nummers zijn vernuftig in elkaar geknutseld. Een witheet en ziedend plaatje deze ‘SWVMPS II’. 

electric)noise(machine

electric)noise(machine
Distant Shores
PIAS

Na ‘Pardon’ de tweede ep voor dit Brusselse trio. Trapt wild om zich heen, maar laat ook zijn meer melodieuze en sensitieve kant zien in een nummer als ‘Vengines’. Meest in het oog springende track, ook al door de begeleidende videoclip, is het titelnummer. Het drietal combineert gespreksthema’s van deze tijd met een moderne vorm van noise, rock en punk, wat in de bio omschreven wordt als experimentele dead pop. De twee overige twee nummers zijn onstuimig, robuust en gepassioneerd. Vooral de elektronica in ‘Violent Thoughts’ is spitsvondig en zorgt voor contrast met de zware baslijnen en mokerende drums. Zanger Ioan stond erop dat Kasper De Sutter en Mike Marsh een vermelding krijgen. De eerste is een jonge kerel, 21 jaar en erg getalenteerd. Hij leidde de opnames in levert hier fantastisch werk. De tweede is een internationaal vermaarde mastering engineer met 30 jaar ervaring. Voor Ioan is het ongelooflijk dat een man met zo een palmares de tijd heeft genomen om een plaatje te masteren van een nog onbekend groepje uit België.

electric)noise(machine

electric)noise(machine

Een naam die de lading dekt
Het idee voor het oprichten van een band als e)n(m kwam er na een ontmoeting tussen bassist Vincent Kempeneers (Arkangel, Zaccharia) en zanger Ioan Kaes (Death Before Disco) nu al zeven jaar geleden, maar kreeg pas zijn huidige vorm in 2015. Datzelfde jaar in juni kwam er met ‘Pardon’ een eerste ep uit en daarna is het heel erg snel gegaan en zijn we aanbeland bij vandaag. Tijd dus om deze Brusselse formatie voor te stellen en de geknipte persoon daarvoor is Ioan Kaes.
Paul Van de gehuchte

 

Waar komt de naam vandaan?
Het drietal houdt van beschrijvende merknamen. En er zit een concept achter dat alles te maken heeft met het cijfer drie.  Zo bestaat het logo uit drie driehoeken wat de drie krachten uitbeeldt: elektriciteit, lawaai en het machinaal vermogen dat alles aanstuurt. 
‘Net zoals andere bands maak je een lijstje met namen die je leuk vindt. Deze komt uit het schriftje van Vincent die electric)noise(machine als groepsnaam altijd al supercool heeft gevonden. Voor ons past het perfect bij wat we doen, maar het blijkt ook een problematische naam te zijn. Veel mensen spreken het fout uit en kunnen het niet vanaf de eerste keer onthouden. Het is ook moeilijk om op een affiche te zetten. Lang en in drie woorden… . Het speelt ons ook parten on line. Je moet het maar eens googelen. Iedere zoekmachine reageert anders en het leidt niet altijd meteen tot een juist resultaat. Zo bekeken was het misschien niet de beste keuze, maar we zitten er nu eenmaal aan vast.’

De vierde of is het al de vijfde drummer?
Nieuw achter de drumkit is trommelaar Gabriel Marlier. Hij is net als Ioan en Vincent een Brusselse ket. 
‘Hij is er eentje om te houden en speelt ook in My Diligence. Dat zijn heel goede vrienden van ons. En nu we dezelfde drummer delen hebben we besloten om samen een repetitiekot te huren. Gabriel is een echte rock drummer. Hij luistert ook veel naar hiphop. Hij heeft een heel andere manier van spelen. Alle vorige drummers hadden een hardcore achtergrond. We dachten dat het wel zou klikken, want muzikaal zitten we ergens tussen noise en rock in. Met Gabriel hebben we onze tweede ep ‘Distant Shores’ opgenomen en mede dankzij hem klinkt die een heel stuk volwassener dan de eerste.’

Het minste wat je kunt zeggen van de videoclip bij het nummer ‘Distant Shores’ is dat die zal opvallen. Was het de bedoeling om te shockeren?
‘Wat een beetje verloren gaat in de clip door de snelle montage zijn de beelden op de achtergrond, want daar draait het eigenlijk om. Vandaag de dag worden we ontzettend veel geconfronteerd met beelden die betrekking hebben op de migratie problematiek, zeg maar migratie explosie. Die beelden zijn zo schokkend dat je daar eigenlijk niet onbewogen kunt voor blijven. Het nummer op zich is ook een aanklacht naar het hele mediacircus dat er mee samen gaat. Naar mijn mening ligt de focus te veel op die beelden om de aandacht te trekken in plaats van meer informatie er over  te verstrekken. Je weet niet wat er achter schuil gaat. Het is gratuit voyeurisme ten overstaan van een onnoemelijk leed. Het idee achter de clip is: we nemen één van die cameramannen wiens job het is die beelden te schieten en we zetten die eens keertje in de stoel van voyeur en tegelijk slachtoffer en onderwerpen hem aan leed en geweld. En we laten het hemzelf filmen met een op het hoofd bevestigde go pro camera. Het is iets waar we allemaal meer mee moeten geconfronteerd worden. Nu zitten we vanuit onze luie zetel te kijken en worden er uiteindelijk ongevoelig voor. Als de videoclip als shockerend overkomt, dan zij het zo. Als het de mensen maar wakker schudt.’



Naast de muziek is er de merchandise. Wat moet ik me voorstellen bij de waterboarding bags?
‘De waterboarding bags maken deel uit van het concept. We zijn een band die de actualiteit op de voet volgt: terrorisme, vluchtelingen, armoede. Het is een zak voor mensen met weinig bezittingen. Die kunnen die voor weinig geld bij ons kopen, zelfs al hebben ze voorlopig niks om er in te stoppen (lacht). Daarnaast hebben we ook onze t-shirts en verkopen ook etsen. Een vriend van ons heeft een scenografie ontworpen en er een zeefdruk van gemaakt in een oplage van dertig genummerde exemplaren. Eenmaal die dertig verkocht is het gedaan. Er worden er geen bijgemaakt, dus het zijn tamelijk unieke stukken.’

Hoe combineer je werk met je leven als muzikant?
‘Met weinig slaap, zeker als het wat hectisch wordt. Er zijn heel drukke periodes waarvan je denkt dit valt niet meer te combineren en er zijn andere dagen dat het rustiger is en dat je van mening bent dat het ‘een beetje meer mag zijn’. We zijn maar met drie en als we dan de taken verdelen dan heb je meer te doen dan als je bijvoorbeeld met vijf of zes bent.  We hebben ook elk een job die ons de mogelijkheid geeft om flexibel te zijn. Dat werkt wel langs twee kanten, dat is geven en nemen. Maar dat is een keuze die we al heel lang geleden hebben gemaakt. Met onze muzikale projecten willen we iets bereiken. En dan is het noodzakelijk dat je de tijd eraan kunt besteden die je denkt nodig te hebben.’ 


‘Ik ben al heel lang bezig als muzikant en wat een beetje ontbreekt is een sterk ontwikkeld sociaal leven. Ik heb geen grote vriendenkring waar ik kan op terug vallen. Maar misschien zat dat ook niet in mij en zocht ik daarom mijn toevlucht in de muziek. Ik ben daar gewoon ingerold. Je bent jong en je probeert wat met muziek en als dan blijkt dat je daar talent voor hebt. Je komt dan bijna toevallig andere gelijkgezinde mensen tegen en hop, je bent vertrokken. Tien jaar later is dat een deel van je leven en is je lichaam daar op ingesteld.  Soms is het wat moeilijk te combineren, maar voor mij zijn het nu eenmaal noden waar ik moet aan voldoen.’



dinsdag 5 december 2017

Ni

Ni
Dedoda
Zach Records/Red Wig

Ni, niet te verwarren met het gelijknamige Franse math en noise rock gezelschap, is MANU MITTERHUBER, TOBIAS HAGLEITNER, GIGI GRATT op gitaar en drummer MARTIN FLOTZINGER. Het Oostenrijkse viertal is al zo een tien jaar aan de slag en staat bekend om zijn complexe en tegelijk fantasierijke composities. Hun nieuwe muzikale exploot ‘Dedoda’ ligt dan ook helemaal in het verlengde van hun twee vorige releases, ‘Ni’ (2010) en ‘Foxtrott’ uitgebracht in 2012. Niets bij hen is vanzelfsprekend of voor de hand liggend. Zowel instrumentaal als vocaal wordt er vrijpostig geïmproviseerd en geëxperimenteerd. Delicate postrock passages worden afgewisseld met overrompelende noise uitbarstingen en maffe free jazz excursies. Ook wat de meerstemmige zangpartijen betreft verkent het kwartet de grenzen van het toelaatbare. Soms grappig, soms hartverwarmend, soms honds, soms devoot; hun klankpalet lijkt bijna onuitputtelijk. ‘Dedoda’ telt zeven nummers, volgestouwd met kronkelige en kantige wendingen. Met een speelduur van dertig minuten heeft het kwartet goed begrepen dat men de luisteraar niet te lang mag bloot stellen aan dergelijke uitwassen. Overdaad schaadt, zeker in dit segment van het muzikale spectrum. Met elke nieuwe plaat hijsen de heren zich voor hun optredens ook in een nieuw kostuum. Voor de op til zijnde concerten hullen ze zich in knalrode overalls, inclusief bijpassende hoofddeksels. Mocht de muziek niet volstaan om uw nieuwsgierigheid te wekken dan is dit misschien de stimulans die u ertoe brengt om Ni eens live aan het werk te zien.

Erik Honoré

Erik Honoré
Unrest
Hubro

Erik Honoré is een Noorse muzikant, componist, schrijver, producer en geluidstechnicus. Werkte in het verleden samen met zowel gerenommeerde buitenlandse (Brian Eno, David Sylvian, Jon Hassell) als binnenlandse artiesten (Nils Petter Molvær, Arve Henriksen, Sidsel Endresen). Met collega Jan Bang zette hij zijn schouders onder het als uniek bestempelde Punkt Festival, waarvan de eerste editie plaatsvond in 2005. ‘Artist in residence’ dit jaar was niemand minder dan Daniel Lanois. Op eigen kracht bracht Honoré pas in 2014 met ‘Heliographs’ een eerste solo album uit. Een plaat die lovend werd onthaald in de jazz wereld. Zijn tweede solo uitstap kwam tot stand tijdens een woelige periode in het leven van Erik. Zowel externe als persoonlijke factoren speelden daarbij een rol. De wereldwijde, sociale onrust van de laatste jaren en spanning, geprikkeldheid en roerige tijden in de privésfeer, bepaalden mee de teneur van de composities. Op ‘Unrest’ hanteert Honoré hetzelfde concept van het Punkt Festival, waar net afgelopen optredens live worden geremixt. Dit combineert hij met zijn liefde voor improvisatie en sampling technieken. Hij gebruikt en bewerkt onder meer samples van diverse Punkt arrangementen zoals in ‘Procession’ met een live remix van het Stian Westerhus concert van 2016. De tot stand gekomen composities zijn gedetailleerd uitgewerkte collages, maar deze keer met een scherper randje dan op zijn eersteling. Zelf omschrijft Erik ‘Unrest’ als ‘Heliographs Dark-Eyed Sister’. Honoré kan rekenen op een keur van Noorse muzikanten als Eivind Aarset, het duo Streifenjunko, Ole-Henrik Moe en de eerder genoemde Arve Henriksen die hun medewerking verlenen. De zang en improvisatietechniek van vocaliste Sidsel Endresen speelt een cruciale rol in drie van de acht tracks. Honoré zelf neemt de zang voor zijn rekening op afsluiter ‘The Park’. Ondanks het artificiële karakter getuigt dit toch wel fascinerende album van betrokkenheid en intensiteit. Een aanrader voor wie graag eens op muzikale verkenning gaat. 

Nils Økland Band

Nils Økland Band
Lysning
Hubro

De Noorse violist Nils Økland maakt al dertig jaar muziek in velerlei vormen gaande van solowerk tot opnames met andere artiesten, ensembles of orkesten. Met zijn naar hemzelf genoemde band is hij na ‘Kjølvatn’ - dat verscheen einde maart 2015 - toe aan een tweede album. Nils is zowel thuis in de traditionele Noorse muziek, barok, klassiek als rock en hedendaagse jazz. Belangrijke instrumenten die een hoofdrol vervullen zijn drie verschillende Hardanger violen en de viola d’amore. Zijn vier medemuzikanten, die ook al van de partij waren op ‘Kjølvatn’, leggen hun eigen accenten met het bespelen van alt en bariton saxofoon, contrabas, harmonium en allerhande percussie. Ook het team dat instond voor het in goede banen leiden van de opnames is hetzelfde, net als de locatie: de Østre Toten kerk in het plaatsje Lena in de provincie Oppland. De constructie van dit in steen opgetrokken gebedshuis heeft een grote invloed op het totaalgeluid. Het klankpalet krijgt een soort van naturel en zuiverheid over zich en een specifieke, unieke dynamiek. Op ‘Lysning’ staan negen groepscomposities die de verschillende muziekgenres met elkaar laten versmelten. Toch bewaard elke track zijn eigenheid en herkomst. Bij elke luisterbuurt geven de onderliggende structuren nieuwe details prijs. Kenmerkend zijn ook de leidmotieven als bindmiddel. Het lijkt wel alsof Nils Økland na jarenlange muzikale omzwervingen eindelijk thuis komt. ‘Lysning’ een meesterwerk noemen is misschien wat hoog gegrepen, maar het is zonder enige twijfel een plaat die met ‘Drøm’, de titelsong, ‘Flukt’, Skumring’ en ‘Bølge’ voor meerdere magische momenten zorgt.