woensdag 1 februari 2017

Twinesuns

Twinesuns
The Empire Never Ended
Pelagic Records

Voor het maken van hun tweede full cd liet Twinesuns zich inspireren door de trilogie ‘Valis’ van science fiction auteur Philip K. Dick. ‘The Empire Never Ended’ wordt opgedeeld in drie stukken die elk een fase van de gesteldheid van Dick’s geest onder de loep nemen. Met name krankzinnigheid, zijn relatie tot God en de nooit aflatende zoektocht naar de waarheid. De drie muzikanten brengen elk een eigen muzikaal georkestreerde perceptie van deze verschillende stadia. Toch wel speciaal is dat Twinesuns muziek maakt zonder drums. Het instrumentarium bestaat uit twee elektrische gitaren, Moog synthesizers plus nog allerhande versterkers, effecten en pedalen. Elk van de composities is een op zichzelf staand sonisch avontuur met wisselende patronen van drone, doom en ambient. Maar liefst vijfenzeventig minuten word je meegesleurd door een sombere en duistere stroom aan gedachten. Je wordt ondergedompeld in een spookachtige en tijdrovende wereld. Het vereist overgave en inleving om deze muzikale implementatie te overleven. De weinige woorden klinken als doodsgereutel. Het samenspel met de sonore en zware geluidsgolven stellen je als luisteraar zwaar op de proef. Zelfs de ijle ambient klanken brengen geen verlichting. Om de grootst mogelijk impact te bekomen en de onderlinge interactie te optimaliseren werd het materiaal in een ‘live setting’ opgenomen. De lage frequenties en het geluidsvolume zorgen voor een meedogenloze en verpletterende toonzetting. 

Once Human

Once Human
Evolution
earMUSIC

De laatste tien jaar vonden we gitarist Logan Mader meer achter de knoppen als producer en geluidstechnicus dan in de schijnwerpers. Als muzikant is Mader vooral bekend voor zijn rol in Machine Head en korte passages bij Soulfy, Medication en nog een paar andere, minder bekende ondernemingen die zelfs de startfase niet overleefden. In 2014 richtte hij Once Human op, een melodieuze death metal band. Aanleiding was zijn eerste kennismaking met zangeres Lauren Hart. Die klinkt als een jongere versie van Angela Gossow (ex-Arch Enemy). De overige bandleden van Once Human zijn eerder nobele onbekenden. Logan wou vooral geen supergroep en ook geen muzikanten die dit zagen als een zoveelste zijproject. Hun eerste langspeler ‘The Life I Remember’ (2015) kreeg veel lovende recensies en het was dan ook uitkijken naar een tweede album dat al dit fraais zou moeten bevestigingen en consolideren. In de bio lezen we dat Mader en Hart veel tijd doorbrachten met het schrijven, herschrijven en het blijven sleutelen aan de arrangementen. Als het je het mij vraagt vind ik dat geen goed teken. ‘Evolution’ verliest op die manier een deel van de spontaniteit en het verrassende dat wel een deel van het succes uitmaakte van hun eersteling. Hier is het allemaal wat te veel berekend. Nochtans neemt ‘Evolution’ een prima start met ‘Flock Of Flesh’ en het als eerste single gelanceerde ‘Eye Of Chaos’. Daarna plooit Once Human terug, kiest voor de meer bekende en vaste patronen van een doorsnee melodieuze death metalband en gaat op veilig spelen. Technisch klopt het allemaal en dat Mader zich laat omringen met talentrijke muzikanten ook. Toch hadden we liever gezien dat Once Human wat meer zijn nek had uitgestoken. Nu komt men niet verder dan de middenmoot.

The Prisoner

The Prisoner
Life Of The Mind
Dooweet Agency
Met hun tweede worp borduurt dit uit Parijs afkomstige extreme metal combo verder op hun eersteling ‘The Silence, And Nothing…’ uit 2012. Het verhaal gaat over een individu die lijdt aan geheugenverlies en wiens geest zit opgesloten in het niets. Als gevangene brengt hij het grootste deel van zijn tijd door in zijn gevangeniscel. Na verloop van tijd creëert hij een cel binnen zijn eigen cel. Tenslotte heeft hij maar één ding voor ogen. De totale vernietiging van zijn eigen denkwereld en gedachtenspinsels. Zijn nieuwe werkelijkheid wordt de ‘grote leegte’. Tot zich een volgende poging aandient om te ontsnappen. Op ‘Life Of The Mind’ overstijgt The Prisoner het genre van black metal. De groep slaagt erin via een insteek van doom, sludge tot zelfs progressieve metal en een paar gothic elementen zijn muzikale horizon te verruimen. Pijnpunt - toch om een groter publiek aan te spreken - blijft het vocale luik. Daarvoor deed men voor deze gelegenheid beroep op Julien Deyres, de zanger van Gorod. Een black metal zanger pur sang. ‘Life Of The Mind’ bevat anders wel genoeg interessante en uitnodigende passages. Zo is er het instrumentale openingsfragment ‘Awake’, ‘Still Here’, het imposante ‘From The Void To The Void’, het theatrale ‘Acte Final’ en de geweldige afsluiter ‘And So Be It’. The Prisoner creëert een muzikaal landschap van krankzinnigheid, waanzin angst en woede. Het ontdekken waard, maar blijf toch maar op uw hoede.

Scolopendra

Scolopendra
Cycles
Dooweet Agency

Na een eerste ep ‘Apostasy Beyond Sanity’ in 2011 bracht deze uit Parijs afkomstige metal band, midden vorig jaar, met ‘Cycles’ een eerste volwaardige album uit. Telt twaalf songs die zijn opgedeeld in drie cyclussen: ‘Incubation’, ‘Psychotic’ en ‘Slaughter’. Het instrumentale ‘Dream Sequences’ is een veelbelovende industrial getinte intro. Het album eindigt bijna identiek met de drone/industrial van het gelijkaardige ‘Soul Dissolution’. Ook andere tracks worden opgesmukt met industrial geluiden en samples zoals ‘End Of Tunnels’ en het instrumentale ‘Morbid Psychosis’. Het zijn verwijzingen naar hun avontuurlijke aanleg. In hun begindagen nog helemaal ingebed in thrash en hardcore evolueerde het gezelschap langzamerhand en sloeg de richting in van deathmetal en extreem rauwe metal. ‘Cycles’ is dan ook een stormachtige en brutale plaat met wisselende stemmingen. Je voelt aan dat de heren van Scolopendra nog zoekende zijn. Men schippert tussen de verschillende metal varianten door. Niet altijd bijster origineel heeft het kwartet soms wel blijk van een verfrissende kijk en enige creativiteit en verbeeldingskracht. ‘Purity’ is zo een nummer, net als ‘Awake Nightmare’ en ‘Psychotic Mass Murderer’. Tot de keerzijde behoren het doorsnee en voorspelbare rammen en beuken in ‘Spartan Killer Instinct’, het weinig inventieve ‘Mental Torture’, het chaotische ‘Psychic Paralysis’ en ‘Pinhole Of Diffraction’. Wel stuk voor stuk songs die de fans van deathmetal en thrash zullen weten te waarderen. 

Sula Bassana

Sula Bassana
Organ Accumulator + Disappear
Sulatron Records

Op zijn nieuwe plaat, de opvolger voor ‘Shipwrecked’ van begin vorig jaar, gaat Dave Schmidt aka Sula Bassana helemaal op de elektronische toer. Uit zijn rijk arsenaal aan instrumenten kiest hij deze maal voor de kleinere exemplaren die je zomaar onder de arm kunt meenemen zoals draagbare keyboards, orgels, synthesizers en drumboxen. Tot zijn favoriete speeltjes behoren een Casionetone 403, Farfisa Syntorchestra, een Roland Vocoder Plus en een Yamaha PS 30. De sfeer op deze ‘Organ Accumulator’ is meer ontspannen dan op zijn voorgaande werkstuk. Sula liet zich voor dit album inspireren door artiesten als John Carpenter, Vangelis en de Duitse Krautrock scene, zowel met zijn oude (Klaus Schulze, Tangerine Dream, Cluster) als meer hedendaagse vertegenwoordigers (Panabrite, Cosmic Ground, Expo ’70). Tracks als ‘Lichtbündel’, ‘Morgentau’, ‘Grashamster’ en ’Nebelschwaden’ brengen je in relaxte ambient of trance stemming, terwijl de titelsong zich meer uitstrekt naar verafgelegen sterrennevels. ‘The Frogs’ op zijn beurt leunt aan bij filmmuziek. Als bonus krijg je bij deze ‘Organ Accumulator’ de plaatkant ‘Disappear’. Verscheen eerder op de split elpee met 3AM in 2014 bij Headspin Records. Hier komen er wel meer gitaren en drums aan te pas. Gezongen wordt er ook door Komet Lulu en Sula zelf. Toch sluit dit materiaal naadloos aan bij de composities van ‘Organ Accumulator’. Een toffe aanvulling tot nog meer luisterplezier. Zowel de cd als vinyl oplage telt slechts 500 stuks. Snel wezen is dus de boodschap.

ApOllonius AbRaham ScHwarz

ApOllonius AbRaham ScHwarz
ApOllonius AbRaham ScHwarz
Get A Life Records/Atypeek Music

Zwitsers trio van jazzmuzikanten die er lustig op los experimenteren. Ze slagen erin om in deze koude wintertijd het gevoel van lentekriebels vroegtijdig te stimuleren. De eerste warmte is zalig en iedereen koestert zich in de lentezon. De paartijd breekt aan en alle beestjes voelen de drang om zich voort te planten. De muziek die deze idyllische tijden omarmt heeft wel een experimenteel karakter, doch blijft doorgaans best genietbaar. De donkere bariton sax zorgt voor een warme gloed. Gitaar en drums hebben meteen de juiste cadans te pakken en brengen je met soms opzwepende ritmes in een passende stemming. Een ambiance die ook wel kan omslaan en wat heter, agressiever wordt naargelang de feromonen, de hoge werkzame natuurlijke chemische bestanddelen, in het lichaam te keer gaan. De korte tracks zijn eerder los van elkaar staande impressies. De langere composities hebben een verhalend karakter. Iedereen kan er naar believen zijn eigen gevoelens en emoties aan koppelen. Het drietal flirt en zoekt wel de grenzen op van jazzrock als genre, maar is nooit echt buitenissig. ApOllonius AbRaham ScHwarz laat je meegenieten van een verre, soms exotische trip. Een niet te versmaden excursie. 

donderdag 5 januari 2017

Charcoalcity

Charcoalcity
Greyscale
Eigen Beheer
Charcoalcity is opgericht in 2013 door Peter De Zutter. Hij is niet alleen de voorman, maar ook het creatieve brein. Als band laat Charcoalcity een eerste keer van zich horen eind december 2014 met een video van ‘Leave’. Een opname die inhoudelijk voor enige commotie zorgt door het aansnijden van een actueel thema als het aanhoudende terrorisme. En dat een week voor de aanslagen op Charlie Hebdo in Parijs. Tegenslag zorgt dan voor een langere periode van inactiviteit, maar nu is er de eerste in eigen beheer uitgebrachte cd. Op ‘Greyscale’ speelt Peter alle instrumenten zelf, zingt en neemt ook het grafische werk voor zijn rekening. Het is dus eigenlijk een heuse solo onderneming. Bij optredens - er waren al enkele try-out concerten - wordt Charcoalcity met bassist Timo De Vreese en drummer Anthony Hooft uitgebreid tot een trio. Zelf omschrijft De Zutter zijn muziek als ‘industrial wave metal’. De basis bestaat uit een stevige onderstroom van heavy metal. De industrial invloeden zijn heel verscheiden, inventief en zorgen voor afwisseling. Een aantal nummers zijn pakkend, aanlokkelijk en nemen je meteen op sleeptouw. Tot het betere werk behoren ‘Darkness Rules’, het met een gothic randje omgeven ‘Feed Me’, het pittige ‘Leave Me’, ‘You Can’t Take My Soul’ en het snoeiharde ‘FaceThe Truth’. Een puntje van kritiek is misschien de monotone zang. En naar het einde toe komt er een dipje met minder inspirerende songs als ‘Killing Is A Virtue’ en ‘Selfcontrol’. Hoe dan ook is, alles in acht genomen, ‘Greyscale’ een degelijk debuut. Geef Charcoalcity wat meer middelen of nog beter een platendeal en dan mogen we nog mooie dingen verwachten.

The Great Old Ones

The Great Old Ones
EOD: A Tale Of Dark Legacy
Season Of Mist

De groepsnaam kan niet mis geïnterpreteerd worden. Deze Franse black metal band is helemaal in de ban van de schrijfsels van Howard Phillips Lovecraft, door velen aanzien als de koning van het klassieke griezelverhaal. ‘EOD: A Tale Of Dark Legacy’ is hun eigen interpretatie, een uitvloeisel, een vervolg op het enige in boekvorm verschenen verhaal van Lovecraft: ‘The Shadow Over Innsmouth’. Een derde album dat ook - zowel thematisch als muzikaal - naadloos aansluit bij hun twee vorige langspelers, ‘Al Azif’ (2012) en ‘Tekeli-li’ (2014). De vijf Bordelais opteren voor een black metal variant waar ook plaats is voor doom, sludge en symfonisch getinte passages. Verschroeiende riffs worden afgewisseld met dramatische, tragere stukken of genadeloze en grootse geluidserupties die soms epische proporties aannemen. ‘The Ritual’ en het majestueuze ‘Mare Infinitum’ zijn twee van die alles verzengende tracks die alle opgesomde aspecten aan bod laten komen. Die laatste is een lofzang op de onmetelijke geheimen die de abyssale vlaktes van de diepzee nog altijd niet hebben prijs gegeven. Het is een gegeven dat ook in de literatuur van Lovecraft een voorname rol speelt. Het nummer ‘The Shadow Over Innsmouth’ kent op zijn beurt een bijzonder sinister, doch veelzijdig verloop. The Great Old Ones hun muzikale benadering staat helemaal in verhouding met het literaire werk van H. P. Het macabere, griezelige en angstaanjagende krijgt daardoor een extra dimensie. De vrees voor het onbekende is alom aanwezig en tastbaar. Achter iedere deur, onder elke trap ligt iets op de loer. ‘EOD: A Tale Of Dark Legacy’ komt uit op 27 januari en zet meteen de toon in het pas gestarte 2017.

Exercise Two

Exercise Two
Everything's Wrong
Ex2-Music / Soulfood Music Distribution

Trio uit Stuttgart, maar gepokt en gemazeld in de Britse new wave en postpunk scene van de jaren tachtig. Heel herkenbaar voor wie met die muziek is opgegroeid of fan is van het genre. Het is trouwens een stijl die nooit helemaal uit beeld is verdwenen en met regelmaat de inspiratiebron is voor nieuwe bands zoals deze Exercise Two. Het groepsgeluid van het drietal is sterk gelaagd. Zeer emotioneel, melancholisch, tragisch en poëtisch. Alles nog eens extra beklemtoont door de nasale zang van frontman Holger Liebig. ‘Everything’s Wrong’ is een plaat die muzikaal gezien weinig toevoegt aan het genre en valt of staat met de kwaliteit van de songs. Vocaal loopt het al eens fout, want Liebig is niet altijd toonvast. De sterkte van de composities zou dit dus moeten ondervangen. En daar nijpt het schoentje. Sommige tracks zijn gelukkig wel goed en bieden enig soelaas. Zo is het best genieten van ‘Ambitiously’, ‘Revel’ en ‘Control’. Daar tegenover staan minder tot de verbeelding sprekende liedjes als ‘Mainstream Rain’, ‘Echoing’ of ‘Black Robes’. En die tweede categorie is hier spijtig genoeg in de meerderheid. Als je het geheel overschouwt is ‘Everything’s Wrong’ een halfslachtig, beetje saai album. Eentje dat niet verder reikt dan de middenmoot.  

Mark Zero

Mark Zero
Ballistica
Eigen Beheer

Het Zweedse viertal Mark Zero bekommert zich niet om perfectie. Integendeel, ze gruwen een beetje van technische hoogstandjes, een afgelikte productie en prachtige, heldere zangpartijen. Niet dat ze daar andere bands op afrekenen. Ze willen zich gewoon niet beter voordoen en eerlijk en oprecht klinken. Al zijn ze niet vies van enkele kunstgrepen met piano en strijkers zoals in ‘Once Against The World’, ‘More Of Us’ en ‘Not Gonna Die’ om hun songs wat op te smukken. Muzikaal kun je Mark Zero situeren in het nu metal kamp van de jaren negentig. Een introductie in 2014 bij producer Jacob Hellner (Rammstein, Clawfinger) zorgde ervoor dat wat industrial invloeden het groepsgeluid bijstuurden. Zanger en gitarist John NT heeft een rauwe strot. Dat hij ook gewoon kan zingen laat hij horen in onder meer het zeemzoete en slijmerige ‘All That I Loved Was The Enemy’ en het sombere, wat theatrale ’This Is Your Life’. Op hun best zijn ze nog in recht voor de vuist tracks als ‘Bleed It Out’, ‘My Polluted Mind’ (met een knipoog naar Rammstein) en ‘Megamösh’. Pluspunten daar zijn de ronkende baslijnen van Kammo Olayvar en het solide drumwerk van trommelaar Robin Risander. Gitarist Scott Crocker op zijn beurt kan in verschillende van de nummers uitpakken met een paar korte, maar spitse solo’s. Mark Zero heeft nog een duidelijk gebrek aan maturiteit. Hun jeugdige onbezonnenheid en honger naar een eigen insteek lijdt zelfs tot misselijk makende misbaksels als ‘Karma Backlash’ en ‘Eye To Eye’. Nee, met toewijding en hard werk alleen kom je er niet. 

Degraey

Degraey
Chrysalis
Eigen Beheer

Post metal combo uit Spanje, meer bepaald Barcelona. Zanger en drummer Cesar Perals was op zoek naar muzikanten om zijn band Carontte nieuw leven in te blazen. Hij kwam in contact met zanger/gitarist Victor Paradis (Boreals), maar dat volstond niet om het leven van Carontte te verlengen. De twee besloten dan maar om een nieuwe groep op te richten. De definitieve bezetting werd ingevuld met de komst van gitarist/toetsenist Ivan Pizarro en bassist Luc Espinach. ‘Chrysalis’ is meteen hun debuut. Degraey is een gezelschap dat zijn eigen muzikale grenzen aftast. Opener ‘From Them’ begint met een typische postrock passage. Lieflijk, gevoelvol, op wolkjes drijvend. Maar naarmate de song vordert neemt die een totaal andere wending. Zo moet de mooie rustgevende zang van Victor Paradis plaatsmaken voor de rauwe uithalen van Cesar Perals en de postrock elementen worden weggedrukt door onheilspellende metal, doom en sludge riffs. Aanvankelijk blij verrast treedt er op een bepaald moment, na het herhaaldelijk beluisteren van een aantal tracks, een soort van gewenning op. Zelfs de inbreng van progressieve rockelementen kan niet verhelpen dat hetzelfde stramien iets te nadrukkelijk wordt herhaald. Alleen in songs als het machtige ‘In My Struggle’ en het overweldigende ‘Hearth’ is er een perfect samenspel tussen de vele facetten en contrasten. ‘Shellhead’ en afsluiter ‘Chrysalis’ komen ook nog aardig in de buurt. Het overige materiaal is zeker niet ondermaats. Alleen het vuur en de begeestering is een stuk minder.

maandag 26 december 2016

N + Meinein & Viscera///

N + Meinein & Viscera///
Das Lächeln, Deinerseits
Consouling Sounds

Na Alkerdeel & Gnaw Their Tongues en Hemelbestormer & Vanessa Van Basten, is dit de derde release in de reeks ‘Split Series’ van Consouling Sounds. Naar goede gewoonte werden twee uiteenlopende acts gevraagd om samen te werken aan een album. ’N’ is Hellmut Neidhardt, Duits drone icoon die op zijn beurt beroep doet op geestverwant en ambient adept Meinein om een team te vormen. Tegenpool op deze split cd is het uit Cremona afkomstige Italiaanse post metal combo Viscera///. Qua volume haalt Viscera/// het altijd van N en Meinein. Toch slagen die laatste er in door middel van modules, veldopnames en gruizige drone sculpturen een grimmige sfeer te scheppen die een delicaat evenwicht vormt met de schreeuwerige uithalen en het gitaargeweld van Viscera/// in ‘Session II’. Het is altijd verrassend om te zien hoe men ondanks de ver uit elkaar liggende muzikale sferen toch gezamenlijk een compositie in elkaar weet te knutselen. Hier komt dat tot uiting in het experimentele ‘Session III’. Je kunt zelfs spreken van een echte kruisbestuiving en een volwaardige interactie. De overige vier stukken zijn netjes verdeeld over de protagonisten onderling. Een track als ‘Session IV’ laat een heel ander Viscera/// horen. Door de sterke zangpartijen en het melodieuze gitaarspel blijft het een stevige rocksong, maar klinkt toch heel wat minder agressief dan ‘Session II’ Opvallend is ook de negentien minuten lange, dramatische en kosmische trip in ‘Session V’ van N + Meinein. Elk van deze nummers is op zijn eigen manier hoogstaand. Misschien op zich wat buitenissig en gewaagd, maar dat deze formule aanslaat, daar valt na deze derde en alweer opmerkelijke editie niet aan te twijfelen. Hopelijk eindigt het niet met ‘Das Lächeln, Deinerseits’ en wordt de reeks verder gezet. 

Shaman Elephant

Shaman Elephant
Crystals
Karisma Records

Als het gaat om progressieve en psychedelische rock dan floreert er in en rond de Noorse stad Bergen wel een en ander. Naast bands als Seven Impale, Tiebreaker, D’accorD en Ossicles doet daar nu ook Shaman Elephant zijn intrede. Ze hadden al met het digitale ‘More’ in 2015 een eerste ep uit, maar nu wagen ze zich met ‘Crystals’ aan het grote werk. Om de aandacht te trekken kan een intrigerende groepsnaam al wonderen verrichten en als je bovendien uitpakt met een zeer opvallende cover dan wordt het nog interessanter. Natuurlijk draait alles rond de muziek. Een plaat die je enorm kut vindt, blijft nu eenmaal een kutplaat. De vier muzikanten van Shaman Elephant zijn gelukkig uit het juiste hout gesneden. Hun groepsgeluid is verre van vernieuwend, maar het is de overtuigende manier waarop er wordt gemusiceerd die je als luisteraar mee op sleeptouw neemt. Diep geworteld in de prog scene en psychedelische rock van eind de jaren zestig en aansluitend het daarop volgende decennium laat het kwartet je alle hoeken van de kamer zien. Bassist Ole-Andreas Jensen en drummer Jard Hole staan garant voor een stevige en solide grondlaag. Toetsenist Jonas Særsten en zanger/gitarist Eirik Sejersted Vognstølen krijgen van hun maats vrije baan om zich helemaal uit te leven. Ze doen dat op een uitbundige manier met een breed palet waarin ook jazz, proto hardrock, avant-garde en krautrock aan bod komen. De titelsong is al meteen een voltreffer. Een psychedelische rollercoaster, een heuse ‘trip’ ervaring en dat zonder drugs te scoren. Een track die ook laat horen dat deze jongens hun eigen muzikale opvattingen en talenten met brio ten toon spreiden. ‘Shaman In The Woods’ is een iets rustiger nummer, een prachtige reisgezel voor onderweg met een glansrol voor keyboardspeler Jonas. In het felle ‘I.A.B.’ mag iedereen de registers open trekken. Het instrumentale ‘Tusko’ zorgt voor een heerlijke verpozing. Lekker jazzy, speels en een uitstekende compositie waarin elk van de vier muzikanten om beurt op het voorplan treden. ‘The Jazz’ is een titel die je op het verkeerde been zet. De scherpe fuzz gitaren, het hammond orgel en de logge ritmesectie leunen dicht aan bij hardrock met niet te vergeten, een paar naar sludge refererende passages. Afsluiter ‘Stoned Conceptions’ is de minste uit het lot. Een soort van vergaarbak - gaande van Led Zeppelin tot Frank Zappa - waarin alle stijlen en subgenres bij elkaar komen en waar men twaalf minuten voor uittrekt. Toch zorgt Shaman Elephant zo laat op het jaar nog voor een aangename verrassing. Hun debuut ‘Crystals’ is, zij het op de valreep, zelfs een kanshebber voor in de einde jaarlijstjes.

Sadness

Sadness
Somewhere Along Our Memory…
Distant Voices

‘Somewhere Along Our Memory’ verscheen eerder dit jaar - op 4 februari om precies te zijn - op cassette in een oplage van amper 25 stuks bij het label Depressive Illusions. En nu voor de eerste maal op cd via het Franse Distant Voices, ook in een beperkt aantal van slechts 63 exemplaren. Deze versie bevat met ‘The Way She Smiles’ een niet eerder verschenen track en een andere, alternatieve hoes afbeelding van de hand van Thomas Bel. Sadness is de eenmansonderneming van Damián Antón Ojeda. Een naar de VS uitgeweken, Mexicaanse en zeer productieve muzikant die dit jaar alleen al een achttal releases op diverse geluidsdragers op zijn palmares heeft staan. Zijn muziek wordt omschreven als ‘depressive post-black metal’, een benaming die niet helemaal de lading dekt. Ojeda mikt vooral op het creëeren van een specifieke sfeer en daarvoor beperkt hij zich niet tot een bepaalde muziekstijl. Zijn muzikale spectrum is heel wat breder en gaat van dark ambient over shoegaze, drone en postrock tot dromerige pop excursies. Zeventig minuten lang word je ondergedompeld in een decor van wisselende stemmingen. Al is de toon overwegend neerslachtig, mistroostig en deprimerend. Toch zeker als het black metal monster dan toch de kop opsteekt in een monumentale compositie als ‘When The First Snow Fell…’. Zenuwslopend is het enerverende gekrijs in het voor de helft als gewone rocksong opgebouwde ‘D’Un Ciel De Nuit’. Het tweede gedeelte is experimenteler. Eerst meer ambient getint, daarna postrock ingekleurd om dan met minimalistische ambient klanken af te sluiten. Hemels mooi is het postrock en shoegaze opus ‘Kiss In October’. Ook ‘Her’ is een gelijkaardige, fraai opgebouwde song met zowel melancholische als ingetogen features. Bonus track ‘The Way She Smiles’ kun je qua klankkleur onderbrengen bij black metal, maar muzikaal blijft het een vreemde combinatie van overwegend akoestische gitaar, ijle percussie en koorzang. Dit is mijn eerste kennismaking met de muziek van Damián Antón Ojeda, alias Sadness. Het is een plaat die alleszins mijn interesse heeft gewekt. Ben dan ook zinnens om meer van zijn werk te exploreren.

Queen Elephantine

Queen Elephantine
Kala
Atypeek Music

Opgericht in 2006 in Hong Kong verkaste dit combo eerst naar New York en verhuisde tenslotte naar Providence, Rhode Island dat nu dienst doet als uitvalsbasis. Naast enkele split cd’s met Sons Of Otis, Elder en Alunah heeft Queen Elephantine al een aantal eigen platen op zijn conto staan met als meest recente ‘Scarab’ dat verscheen in 2013. Onder impuls van gitarist Indrayudh Shome haalt het steeds in bezetting wisselende collectief inspiratie uit het Hindoeïsme. De titel van dit album (hun vijfde) verwijst naar de god van de tijd Kala die ook opduikt in de Javaanse en Balinese mythologie als Batara Kala, de god van de onderwereld. Queen Elephantine improviseert naar hartelust in wat ook wel eens wordt omschreven als meditatieve blues. Opener ‘Quartered’ is een broeierig, psychedelisch en psychotisch stuk waarin allerlei gitaar effecten en een donkere baslijn de dienst uitmaken. ‘Quartz’ is rauwer en gaat meer richting stonerrock tot doom metal. in ‘Ox’ en ‘Onyx’ evolueert de muziek naar een mythische, bijna religieuze beleving, al blijven ook hier de doom elementen, metal gitaren en tonnen feedback een voorname rol spelen. ‘Deep Blue’ heeft een sterk repetitief karakter. Deze track dient zich aan als een soort van duistere mantra en brengt je in een bedwelmende, doch beklemmende roes. Het zich uitermate traag voortslepende doom/drone opus ‘Throne Of The Void In The Hundred Petal Lotus’ is op zijn manier zo mogelijk nog heftiger en het passende sluitstuk voor deze langspeler. Queen Elephantine blijft een buitenbeentje. Een groep die zich tot doel stelt de de verbeelding van de luisteraar te blijven stimuleren en dat kunnen we alleen maar toejuichen.

Glaukom Synod

Glaukom Synod
Vampires And Gorgeous Throats
Visceral Circuitry

Glaukom Synod is sinds het ontstaan in 2005 een exponent van extreme underground metal en industrial. Het soloproject van deze Franse onderdaan heeft een voorliefde voor industrial uit de oude doos, denk aan Skinny Puppy, Godflesh, Frontline Assembly.  In de mix gooit deze noise terrorist ouderwetse deathmetal en grindcore in de stijl van Morbid Angel, Napalm Death en Carcass met tegelijk meer hedendaags geluiden, gemodelleerd uit subgenres als ‘cybergrind’ en ‘harshnoise'. Op deze ‘single sided’ cassette staan vijf nieuwe tracks en twee remixes. In zijn totaliteit een zestien minuten durende helletocht. De songs zijn versnipperde fracties, intense geluidsuitbarstingen met wisselende grimmige en pikzwarte stemmingen. Soms krankzinnig en striemend, dan weer de waanzin nabij hakken de breaks en beats genadeloos in op de trommelvliezen. Zelfs een icoon als Tarzan ontsnapt niet wanneer zijn typische kreet wordt vervormd en gecontamineerd met een doodsreutel en staccato door merg en been snijdend gedreun in ‘Jungle Glaukom Fever’. ‘Vampires And Gorgeous Throats’ is een momentopname, een enerverende, onrustwekkende factor die je vreedzame, zorgeloze, comfortabele leventje van geborgenheid duchtig overhoop haalt en je met de neus op de feiten drukt. De wereld gaat om zeep en er is geen weg terug.  

Cowards

Cowards
Still
Throat Ruiner / Dooweet

De afbeelding op de cover laat een man zien tijdens zijn sprong van een torengebouw. Nonchalant, de handen in de broekzakken, starend naar het asfalt van de straat beneden hem waar hij pijlsnel op afstevent. Een portret dat op een botte manier nog voor men een noot heeft gehoord, de luisteraar confronteert met het muzikale genot waar de heren van Cowards voor staan. Voor de vijf Parijzenaars is ‘Still’ een tussendoortje, de opvolger van hun tweede, in februari 2015 verschenen langspeler ‘Rise To Infamy’. De ep bevat drie nieuwe nummers en twee covers. Die laatste twee zijn gedurfd en totaal onherkenbaar. ‘Every Breath You Take’ van The Police wordt omgeturnd tot het duivelse gedrocht ‘You Belong To Me’. De hardcore / techno hit ‘One Night in NYC’ van Oliver Chesler, alias The Horrorist, is omgedoopt tot ‘One Night In Any City’. De muzikale invulling maakt de impact van de lugubere tekst nog meer griezelig, enger en grotesker dan in de originele uitvoering. De drie eigen tracks zijn korte maar beenharde impressies. Scherpe en smerige songs die bulken van genadeloze hardcore, verpletterende sludge riffs en scabreuze black metal. Net als op hun vorige releases staat Cowards garant voor een monumentaal, verschroeiend groepsgeluid. Een eigen formule die werkt en waarmee ze een publiek bereiken waar dit soort van muzikale excessen op gejuich wordt onthaald.    

woensdag 30 november 2016

Tiny Fingers

Tiny Fingers
We Are Being Held By The Dispatcher
Eigen Beheer

Laatste van het drieluik Tiny Fingers albums dat heruitgegeven wordt door Pelagic Records. Merkwaardig is dat deze set songs een paar weken later is opgenomen dan die van het in 2014 uitgebrachte ‘Megafauna’. Die opnames dateren van 2 oktober 2012, deze van ‘We Are Being…’ van 24 oktober 2012. Dit album verscheen voor het eerst in eigen beheer in 2013. Je hoort al een zekere evolutie, al is de opnametechniek hier dezelfde als bij ‘Megafauna’: Live in de studio. En ook hier sluit alles naadloos bij elkaar aan. ’We Are Being…’ bevat een korte speellijst van negen tracks met een speelduur van net geen dertig minuten. De metal invloeden zijn volledig gebannen. Nu ligt de nadruk op een freaky, psychedelische space rock variant met een ferme portie dubstep en triphop, veel effecten en manipulaties waarbij een FX synthesizer centraal staat. Het viertal liet zich hiervoor bijstaan door Adir Dadia. Er wordt ook gebruikt gemaakt van tekstsamples, dialogen, geplukt denk ik dan uit één of meerdere films. Waarmee de link wordt gelegd met filmmuziek, want sommige, zo niet al deze nummers kunnen evengoed deel uitmaken van een soundtrack. Meest markante songs op deze ‘We Are Being Held By The Dispatcher’ zijn ‘Moving Q’s’, ‘Dispatcher’, het naar intergalactisch reizen verwijzende en tegelijk verontrustende ‘Space Slavery’, ‘Bushdog’ en het ‘space’ gedrocht ‘1965’.

Tiny Fingers

Tiny Fingers
Megafauna
Anova Music

Net als ‘The Fall’ wordt dit album uit 2014 van het in Tel Aviv residerende kwartet Tiny Fingers opnieuw uitgebracht door Pelagic Records. De groep zat toen duidelijk nog in een overgangsstadium. Men schuwde het experiment niet en trachtte een eigen stijl te distilleren uit verschillende muziekgenres als space rock, dub step, metal en progressieve rock. ‘Megafauna’ werd in één enkele sessie ‘live’ opgenomen in de studio op 2 oktober 2012. De negen songs sluiten naadloos bij elkaar aan. Er eentje uitpikken als favoriet is bijna onbegonnen werk. Komt ook wel omdat na verschillende luisterbeurten merkt dat de nummers niet zoveel van elkaar verschillen. Veel facetten komen in meerdere van de composities terug aan bod. Het gebrek aan variatie is een beetje de achillespees van deze langspeler. Telkens breekt de hel los tot een pandemonium van donkere, ronkende baslijnen, scherpe, door effecten gestuurde gitaarriffs, snelle drumroffels en ijle en spookachtige synthesizer geluiden. Alleen ‘Pasadena Matador’ is een stuk minder heftig, al blijft die dreigende ondertoon sluimeren en verwacht je een zoveelste uitbarsting. Die komt er pas met de intro van ‘Money Time’. ‘Cyclamens’ heeft een iets meer psychedelische tendens, maar klinkt toch nog hard en rauw genoeg om niet uit de toon te vallen. Persoonlijk kan ik de muzikale intenties van Tiny Fingers wel appreciëren, maar als je geen liefhebber bent van sterk naar metal neigende instrumentale muziek volgestouwd met breaks, beats en effecten dan laat je deze ‘Megafauna’ beter links liggen. Tenzij je je graag eens laat overdonderen.

Tiny Fingers

Tiny Fingers
The Fall
Anova Music

Tiny Fingers zijn afkomstig uit Tel Aviv, Israel. Ze hebben sinds hun start vijf albums op hun conto staan, uitgebracht in eigen beheer of op verschillende kleine labels, zoals Anova Productions of Nana Disc. Hun laatste worp ‘The Fall’ dateert van de zomer van 2015 en wordt nu naast nog twee oudere releases, ‘Megafauna’ (2014) en ‘We Are Being Held By The Dispatcher’ (2013) opgevist door het gerenommeerde label Pelagic Records en in een vernieuwd kleedje op de Europese markt gedropt zowel te verkrijgen op al of niet gekleurd vinyl en als cd. De muziek van Tiny Fingers is op ‘The Fall’ uitgegroeid tot de ultieme mix van postrock, psychedelische rock, dubstep, math rock en electro. Daarbovenop komen nog allerlei analoge en door synthesizers gestuurde effecten het geheel opsmukken. Zelf omschrijven ze ‘The Fall’ als een autobiografische vertelling over de verhoudingen tussen de groepsleden onderling. Elke track vertelt een deel van hun verhaal. Over hun angsten, hoop, verlangen, verwarring, pijn, duisternis, maar ook over schoonheid en intelligentie. De muziek kwam tot stand in de loop van 2015. Er werd aan gewerkt in de vrije tijd die hadden tijdens het vele reizen en toeren. Het was ook een heuse zoektocht naar nieuwe elementen, geluiden en invalshoeken. Ook al komen er geen woorden aan te pas, toch word je als luisteraar overweldigd door impressies, sentiment, prikkels en sensaties. Tiny Fingers verschaft je toegang tot hun aparte, muzikale universum die een breed gamma bestrijkt gaande van ongekunstelde, intense rock tot de finesse van reine en puur elektronisch geproduceerde geluiden. Eén van de meest opvallende nummers die alle facetten van het spectrum in zich draagt is ongetwijfeld het hypnotiserende ‘Dispatcher’. Het zweverige en licht psychedelische ‘Music For The Sun’ laat je wegdromen, maar heeft tegelijk een stekelig randje. En zo heeft elk van de negen songs wel een bijzonder treffende component die alle aandacht naar zich toetrekt. Dit alles maakt van ‘The Fall’ een meer dan aantrekkelijke langspeler.  

Cancel The Apocalypse

Cancel The Apocalypse
Our Own Democracy
Get A Life! Records

Deze vorm van muzikaal vertier krijg je als je muzikanten uit het hardcore metal circuit en klassiek geschoolde muzikanten bij elkaar brengt. Zanger Matthieu Miegeville (My Own Private Alaska, Psykup, The Black Painters) en drummer Jérémy Cazorla (Shake Us) slaan de handen in elkaar met gitarist en pianist Arnaud Barat en celliste Audrey Paquet (Trio Milonga, Quatuor Eveil). Samen schetsen ze een beeld van een post apocalyptische wereld de chaos voorbij. De overlevenden komen getekend uit de strijd. Het enige wat ze nog hebben zijn hun dromen. De zang is soms rauw en schreeuwerig, doch zonder de andere instrumenten in het verdomhoekje te duwen. Integendeel, de cello zorgt voor een melancholische toets, de akoestische gitaar neigt naar een variant van donkere folk en folkrock. Enkele van de liedjes brengen soms Violent Femmes in herinnering. De tien songs zijn kort, beknopt. Met een totale speelduur van amper 29 minuten blijf je toch wat op je honger zitten. Anders bekeken is het misschien maar goed dat men binnen dit kort tijdsbestek blijft. De zangstem die tussen extremen in laveert valt niet altijd in goede aarde en roept soms weerzin op. Wie weet is het net dit dat men beoogt. Daarnaast is er het experimentele aspect in bijvoorbeeld ‘We Were Young’, ‘Planes And Bombs’, ’Children’ en ‘Bad Boxer Part 2’. In zekere zin zijn die twee laatste de meest extreme tracks waar de verhoudingen het verst uit elkaar liggen. Een verademing is ’A Bunch Of Roses With Thorns’, een fijnzinnig instrumentaal nummertje waarin cello en piano zich met elkaar verstrengelen. ‘Bad Boxer Part 1’ draagt de typische kracht van een chanson in zich en smacht naar een Franse tekst en dito zang. Besluit: ’Our Own Democracy’ is gedurfd, redelijk origineel en onconventioneel. Moeilijk te vatten ook, maar zijn het net niet die plaatjes waar naar uitgekeken wordt.     

Efterklang & Karsten Fundal

Efterklang & Karsten Fundal
Leaves - The Colour Of Falling
Tambourhinoceros

In eigen land mag je Efterklang beschouwen als erg succesvol. Ze staan er bekend als progressief en als een act die constant tracht te evolueren en op zoek is naar nieuwe muzikale uitdagingen. Na het uitbrengen van ‘Pyramida’ in 2012 trok het tot acht muzikanten uitgebreide gezelschap op tournee. Een aantal optredens, zoals die in het Sydney Opera House gingen zelfs vergezeld van een orkest. In 2014 laste het Deense kerntrio een rustperiode in. Men nam de tijd om het tot dusver afgelegde parcours te overschouwen en een verdere route uit te stippelen. Wat leidde tot het maken van een heuse opera. Die kreeg als titel ‘Leaves - The Colour Of Falling’ en kwam tot stand onder auspiciën van het Copenhagen Opera Festival. Dichteres Ursula Andkjær Olsen schreef de teksten. Die werden bewerkt door de muzikanten van Efterklang in samenwerking met soundtrack componist Karsten Fundal. In de zomer van  2015 werd de opera zestien avonden opgevoerd. Als setting had men gekozen voor een tijdens de periode van de Koude Oorlog duizend m2 grote ondergrondse ruimte, die kon ingericht worden als noodhospitaal en behoorde destijds toe aan het voormalige gemeentelijke ziekenhuis van Kopenhagen. Sinds decennia lang gesloten werd die voor het eerst terug opengesteld voor het publiek. Het hoeft niemand te verwonderen dat het spektakel werd omschreven als bloedstollend, mysterieus en fascinerend en met lof werd overladen. Deze unieke voorstellingen komen er nooit meer. Toch krijgt de opera dankzij deze uitgave een tweede leven en komt er een reeks van concerten met Efterklang en het Happy Hopeless Orchestra. Wat je hier te horen krijgt is een modern opgevatte songcyclus die de grenzen van de opera als verteltrant tracht te verleggen. Het libretto verhaalt over een groep mensen die ondergronds trachten te overleven terwijl bovengronds de wereld ten onder gaat. Men heeft alles te verliezen. Zowel zijn eigen identiteit, het vermogen om lief te hebben als het leven zelf. Representatief als beeldvorming zijn de in prachtige herfstkleuren gevatte, vallende bladeren op een mooie en zonnige herfstdag. Het zachte neerdwarrelen staat symbool voor het feit dat alles vergankelijk is. Voor de cast kon met Lisbeth Balslev een echte Deense operaster strikken. Ze wordt omringd door aanstormende opera talenten. Naast het traditionele element van de markante operastemmen is er het experimentele karakter en de moderne opvatting van de muziek waarbij het ritmische, in de vorm van percussie een hoofdrol krijgt toebedeeld. Deze ‘Leaves - The Colour Of Falling’ klinkt misschien wat elitair, maar is evengoed een genre overstijgende en opmerkelijke release.

Pray For Sound

Pray For Sound
Everything Is Beautiful
dunk!records

Voor Bruce Malley begon Pray For Sound eind 2011 als een soloproject met de release van een eerste album ‘Monophonic’. Door een cyste in zijn linkeroor kreeg hij echter gehoorproblemen. Het gevolg was serieus gehoorverlies, tinnitus en een steeds terugkerende pijn. Veel muzikanten zouden dan eerder opgeven en op zoek gaan naar een andere vorm van beleving, maar niet Bruce. Integendeel, Malley gebruikte zijn aandoening als een hefboom, een bron van inspiratie die zich vertaalde in teergevoelige instrumentale postrock composities. In zijn thuisstad Boston vond hij een aantal muzikanten die hem wilden helpen om zijn muzikale reis verder te zetten. Dat resulteerde in een tweede, in 2014 uitgebrachte langspeler ‘Dreamer’. Voor het maken van ‘Everything Is Beautiful’ trok het vijfkoppige gezelschap naar Glover in Vermont waar ze zich afsloten van de buitenwereld. Hun kluizenaarsbestaan duurde acht dagen. In dat tijdsbestek, niet blootgesteld aan stress en invloeden van buitenaf, vonden ze vernieuwde energie en creativiteit. Het bracht hen in een zekere staat van euforie, een soort van opwinding, met als uitkomst een pakket van elf hedendaagse songs. Pray For Sound slaagt erin om ook op deze ‘Everything Is Beautiful’ meermaals te ontroeren, zoals in het korte openingsfragment ‘The Ringing In Your Ears’ of het religieus getinte ‘Only When It Is Dark Enough Can You See The Stars’, maar ook stevig uit te halen. Soms lukt beide in één en hetzelfde nummer, bijvoorbeeld in ‘Once One Begins There Are Only Endings’, ‘Anything Can Be’ en ‘’til The Summer Comes Again’. IJzingwekkend traag en beklemmend is dan weer afsluiter ‘Valley Of Unrest’. Pray Of Sound probeert op deze ‘Everything Is Beautiful’ zondere woorden een auditieve voorstelling te geven van begrippen als licht en donker. Aan u om uit te maken in hoeverre dat ze is gelukt. 

Asger Techau

Asger Techau
Phonetics
ArtPeople

Misschien kent u Asger Techau wel als drummer van de Deense band Kashmir. Actief sinds 1991 en in eigen land een begrip in het alternatieve rockcircuit. Al een kwarteeuw maakt Asger ook jonge Deense muzikanten wegwijs in de lokale muziekindustrie. Door de jaren heen schreef hij ook een aantal eigen nummers die nu eindelijk hun weg vinden naar het publiek. Techau schrijft over het alledaagse leven en de beslommeringen die erbij horen. Genieten van een zonnige dag in het park, de herinnering aan je eerste liefde, verre reizen maken, heimwee naar thuis en familie. Of er is de meer emotionele instabiliteit tijdens hectische dagen, situaties waarbij een innerlijke tweestrijd woedt, de onzekerheid die aan je zenuwachtig maakt. Producer Mario McNulty (werkte onder meer met David Bowie, Laurie Anderson, Lou Reed en Nine Inch Nails) houdt het simpel, helder en relevant. Een spaarzame werkmethode die perfect de oprechte vertedering onderschrijft die in de liedjes van Techau hun opwachting maken. Asger ontpopt zich hier ook als een uitstekende zanger en speelt ook gitaar. Hij laat zich op deze ‘Phonetics’ omringen door bevriende muzikanten die hij enorm respecteert. Hun interpretaties van zijn songs laten horen dat de waardering en achting wederzijds is. De zuinige invulling laten nummers als ‘Phonetics’, ‘Brother’, ‘Big City Dropout’ nog beter tot hun recht komen. ‘No Misgivings’ op zijn beurt klinkt ondanks de gitaarsolo een tikje melig. Tell Tale Signs’ kan evenmin overtuigen. Het zijn de twee wat mindere momenten op een voor de rest fraaie langspeler.

Blind Ego

Blind Ego
Liquid
Gentle Art Music / Soulfood

‘Liquid’ is het derde soloalbum van RPWL gitarist Karlheinz ‘Kalle’ Wallner. In 2007 debuteerde hij met het melancholische ‘Mirror’, twee jaar later gevolgd door het hardere, meer metal georiënteerde ‘Numb’. Op ‘Liquid’ vinden we naast nieuwe componenten van beide albums elementen terug. De titel van zijn derde solo uitstap verwijst naar de unieke eigenschap van vloeistoffen. Ze zijn ongrijpbaar, glippen tussen de vingers door. Een vloeistof als water is bovendien levensnoodzakelijk, maar bezit ook een verwoestende kracht die niemand of niets ontziet. Grote contrasten die Wallner in zijn muziek heeft verwerkt. De negen songs variëren dan ook van erg heftig en brutaal naar gevoelig en emotioneel. Kalle is een gitaarvirtuoos, maar loopt daar niet mee te koop. Zijn talent etaleert hij met finesse en in de juiste proporties. Zelfs in het instrumentale ‘Quiet Anger’ gaat hij zich niet te buiten aan excessen. Voor de opnames verzamelde hij rond zich een aantal bevriende muzikanten en vocalisten. Op basgitaar zijn dat Sebastian Harnack (Sylvan), Ralf Schwager (Subsignal) en Heiko Jung (Panzerballett). Achter de drumkit zit Michael Schwager (ex-Dreamscape). Gastzangers zijn Erik Blomkvist (ex-Platitude), Arno Menses (Subsignal). Aaron Brooks van Simeon Soul Charger neemt de prachtige afsluiter ‘Speak The Truth’ voor zijn rekening. Andere opvallende songs zijn ‘A Place In The Sun’, het als single uitgebrachte ‘Blackened’, het overweldigende ‘What If’ en het pittige ‘Tears And Laughter’. Karlheinz Wallner heeft er zeven jaar over gedaan om met ‘Liquid’ in het reine te komen. Hij vindt hier wel de juiste balans, een muzikaal evenwicht tussen hard en zacht. ‘Liquid’ is dan ook een prima plaat die een divers publiek kan aanspreken.   

Fragment.

Fragment.
Nothing Will Ever Be The Same
Atypeek Music

Fragment. is het eenmansproject van de Fransman Thierry Arnal. Actief sinds 2006 heeft Arnal via diverse labels in binnen- en buitenland al verschillende releases op zijn naam staan. De meest bekende is misschien nog het album ‘Bittersweet’ uitgebracht in 2010, waarop hij de krachten bundelde met de Britse band Iroha. Thierry Arnal haalt zijn inspiratie bij acts als Godflesh, Jesu en Low. Op deze ‘Nothing Will Ever Be The Same’ is ook bassist Pascal Bertier (Amantra) van de partij. Hoofdbestanddeel is een massief, traag door dissonante en overstuurde metal gitaren gedomineerd geluid, een soort van doom variant aangevuld met stugge, afgemeten drumslagen, grimmige drones en daarover heen gedrapeerd monotoon gezang. Het is treurnis en droefenis alom op deze ‘Nothing Will Ever Be The Same’. Thierry voelt zich duidelijk in zijn sas in deze zelf gecreëerde en lugubere muzikale omgeving van onderdrukking, depressie en verdriet. Alle composities zitten geprangd in hetzelfde strakke keurslijf. In de eenvormigheid schuilt echter het gevaar van afstomping, saaiheid en herhaling. De dreinende, zeurende manier van zingen, waarmee Arnal zijn mindere zangkwaliteiten probeert te maskeren, doet daar nog een schepje bovenop. Dat laatste komt vooral tot uiting in ‘Got To Let You Go’, ‘Lose Yourself” en ‘With Eagle’s Claw’. Meest ‘luchtige’ nummer is nog het instrumentale ‘In Silence’. In zijn geheel is ’Nothing Will Ever Be The Same’ loodzwaar en moeilijk te verteren. Voor liefhebbers van de donkerste soort doom, post metal en shoegaze.

Dirk Serries

Dirk Serries
Microphonics XXVI-XXX: Resolution Heart
Tonefloat
De laatste jaren was Dirk Serries actief in verschillende muzikale constellaties als Yodok III, Kodian Trio en naast nog vele anderen, met muzikanten als John Dikeman, Rene Aquarius, Rutger Zuydervelt en Chihei Hatakeyama. Allemaal uiteenlopende projecten waar meestal de nadruk lag op het experimentele en improvisatie, wat leidde tot op muzikaal gebied heel wat verrassende uitkomsten. ‘Microphonics’ is op zijn beurt een cyclus die begon in 2008 en nu wordt afgerond met een laatste en ultieme deel ‘Microphonics XXVI-XXX: Resolution Heart’. In zijn eentje ontpopt Serries zich als een meester van het ambient genre. Harmonie, melancholie, dynamiek, zuiverheid, schoonheid worden gecombineerd met minimalisme, loutering, stilte, strakheid en dissonantie. Een zacht geruis is de aanzet van ‘Epiphany And Isolation’. Blijvend op de achtergrond komen daaroverheen verschillende lagen opgewekt door elektrische gitaar en viool. Het geeft de compositie iets plechtstatig, bijna religieus. De muziek onderschrijft de meervoudige betekenis die de titel van de song in zich draagt. ‘I Communicate Silence’ heeft een meer cinematografisch karakter. De lucht is ijl, het landschap bar en desolaat. In het oosten komt de zon op. In de schemering van de kille, blauwe lucht kun je een laatste weerspiegeling zien van de maan. Een nieuwe dag kondigt zich aan. In ‘Swept To The Sky’ brengen greinige, korrelige drones een gewemel op gang. Een veelvoud van gestaag aanzwellende geluiden vermengen zich met elkaar en deinen uit tot een in de hand gehouden en gecontroleerde hectiek. Het slotakkoord is ‘The Deprivation Of Heart’. De mens als individu is tot veel in staat. Zowel constructief als destructief. Wat uitnodigt tot een moment van bezinning en reflectie. Er is de aanblik van een zweverig tracé van wisselende stemmingen dat uiteindelijk tergend traag afneemt en uitdooft. Wat rest is een oorverdovende stilte. Deze ‘XXVI-XXX: Resolution Heart’ is een waardig slot voor de ‘Microphonics’ reeks waar je altijd blijvend kan van genieten. Dirk Serries gaat nu ongetwijfeld nieuwe muzikale uitdagingen aan. 

De dag na de officiële release, op 19 november geeft Dirk Serries een eenmalig en exclusief concert van ‘Microphonics XXVI-XXX: Resolution Heart’ in de Singer in Rijkevorsel. Alle info vind je op de site van De Singer.

donderdag 10 november 2016

Krobak

Krobak
Nightbound
Purple Sage

De stroom aan postrock bands blijft verder uit deinen en brengt ons naar verschillende, soms minder voor de hand liggende plaatsen in de wereld. Met Krobak zijn we deze keer aanbeland in Kiev in Oekraïne. Krobak is een act die al een hele tijd aan de slag is en begon als een eenmansproject van multi-instrumentalist Igor Sydorenko in 2006. Zijn debuutplaat ‘The Diary Of The Missed One’ wordt beschouwd als het eerste Oekraïense postrock album. Weinig erkenning deed hem besluiten om in 2009 Krobak te laten voor wat het was en zijn pijlen te richtten op het meer succesvolle Stoned Jesus. Nog eens drie jaar later werd Krobak nieuw leven ingeblazen en met een meer volwaardige bezetting bestaande uit Igor zelf plus Natasha Pirogova (drums), Asya Makarova (basgitaar) en Marko Nikolyuk (viool) kwam er met ‘Little Victories’ een tweede langspeler uit in 2013. Naast invloeden van Godspeed You! Black Emperor, Yndi Halda en Mono vielen er ook elementen te bespeuren van Swans, King Crimson en The Mars Volta. Het groepsgeluid werd nu nog wat verder uitgediept op het huidige werkstuk ‘Nightbound’. Naast de prominente rol van de viool als instrument sluimert in de achtergrond de traditie van lokale volksmuziek vermengt met progressieve rock en een equivalent van hedendaagse postrock. Het album telt slechts vier instrumentale geluidssculpturen. Elk met eigen kenmerken die mee moeten helpen de eenvormigheid van het aanbod aan instrumentale muziek te ontstijgen. Iets wat het viertal met ‘Stringer Bell’, ‘No Pressure, Choice Is Yours’ en ‘So Quietly Falls The Night’ nog lukt ook. ‘Nightbound’ is een intense, gevarieerde en interessante langspeler. Alleen het resterende, op zich wel mooie ‘Marching For The Freedom We Have Lost’ is repetitief en eentonig en blijft wat steken in goede bedoelingen.

Haan

Haan
Sing Praises
Kaos Kontrol

Laten we maar meteen met de deur in huis vallen. De combinatie van sludge metal en noise is Haan op het lijf geschreven. Het in 2012 als No Way opgerichte viertal uit Brooklyn, New York wist zich al snel een reputatie bij elkaar te spelen. Komt onder meer door de macabere teksten en zanglijnen van frontman Chuck Berrett, de overstuurde en jachtige gitaren en een brutale, door alles heen hakkende ritmesectie met achter de drumkit de imponerende Chris Enriquez. Dat ze aan een opmars bezig zijn bewijst de samenwerking met Andrew Schneider die al achter de knoppen zat bij Unsane, Cave In, Shrinebuilder en Pelican. Berrett kan meer dan alleen in de rooie gaan en zich de longen uit het lijf schreeuwen. Het is zelfs pas wanneer hij gewoon gaat zingen dat je het benauwd krijgt. Zijn donkere, indringende timbre jaagt je de stuipen op het lijf. Vooral het nummer ‘Pasture / Abuela’ maakt een verpletterende indruk. Deze steenharde vier tracks tellende ep is een debuut dat kan tellen en beloofd nog veel goeds.

Svin

Svin
Missionær
PonyRec

Baanbrekend kwartet uit Denemarken dat naar lieve lust experimenteert. Het viertal trok voor de opnames van ‘Missionær' in december 2015 naar de gerenommeerde Sundlaugin Studio opgericht door de IJslandse band Sigur Rós. Tien intense dagen waren genoeg om hun zes songs tellende vierde release in te blikken. Zo te horen heeft de overweldigende omgeving, de schoonheid van het in de winter barre landschap een sterke indruk nagelaten en voor de nodige inspiratie gezorgd. In die mate dat de immense vergezichten en panorama’s een voorname plaats innemen in de muziek van Svin. Ook hier veel saxofoon, een instrument dat blijkbaar goed in de markt ligt en dezer dagen in veel verschillende genres aan bod komt en dikwijls een eminente rol vervult. Men gaat van start met het zeer onheilspellende ‘Dødskontainer’, een compositie die tot nadenken stemt. ‘Færge Ellen’ klinkt bijna als een gewone rocksong. Alleen de sombere saxofoon, die zich als een luid loeiende fabriekssirene manifesteert, gooit roet in het eten. ‘Japser’ doet qua structuur een beetje denken aan die andere geweldige saxofonist, de Noor Jan Garbarek. Alleen lopen hier bij de langgerekte noten de koude rillingen over je rug. In ‘Kirkesorgelsafrikaner’ wordt de klankkleur van een kerkorgel, Afrikaanse percussie en Oosterse geluiden nagebootst met de voorhanden zijnde instrumenten. Een sterk staaltje van improvisatie, observatie en toetsing aan wat we vandaag zouden kunnen omschrijven als multiculturele muziek. Het stemmige ‘Stella’ gaat vergezeld van een bijna religieuze gloed. Het zou de voorbode kunnen zijn van één of andere mirakel en een reden om een zalig verklaarde te verheffen tot de status van heilige. Of de nakende komst inleiden van natuurfenomenen zoals de midzomernacht zon of het poollicht. ‘Missionær’ is bijzondere plaat gemaakt door vier uitzonderlijk getalenteerde muzikanten.