zaterdag 17 september 2016

Horseback


Horseback
Slechts een deel van het verhaal, maar wel een stuk van het geheel
‘Dead Ringers’ is de titel van de nieuwe plaat van Jenks Miller, die naast Horseback ook actief is in bands als Mount Moriah en Rose Cross NC. Het album is genoemd naar de gelijknamige film van David Cronenberg uit 1988. Hoofdpersonages in de rolprent zijn twee gynaecologen, een tweeling dan nog. Het is een echt angstaanjagende, psychologische griezelfilm. ‘Dead Ringers’ verwijst ook naar beltonen: Een wekker, de schoolbel, een alarm dat afgaat. De groepsnaam Horseback verwijst dan weer naar het Wilde Westen en de ruiters van de Apocalyps. Met ‘Dead Ringers’ gooit Jenks het over een andere boeg dan wat we te horen kregen op zijn vorige opus ‘Piedmont Apocrypha’ van 2014. Een beetje toelichting kon dan ook geen kwaad.
Paul Van de gehuchte

Is deze ‘Dead Ringers’ de volgende, logische stap in de evolutie van Horseback?   
‘In zekere zin wel ja. Al zit er niet veel logica in de manier waarop ik muziek maak. Het creatieve proces is eerder irrationeel en onlogisch. Bijna elke dag ben ik op één of andere manier bezig met muziek. Het is een bijna dagelijkse routine waarbij alle mogelijke muzikale facetten aan bod komen. Het is mijn manier om alles beter te kunnen begrijpen. Het is mijn venster op de wereld. Voor mij bestaat er niet zoiets als een coherent en rechtlijnig pad. Er is geen bewust streven. Ik sta open voor alles en volg mijn impulsen. Ik heb nooit gebrek aan inspiratie. Dat alles samen geeft me een gevoel van vrijheid. Het is alleen zaak om uit te maken welke van de stroom aan ideeën je kunt gebruiken en welke niet. In het geval van Horseback kan elke plaat op zichzelf staan, maar tegelijk zijn er onderlinge connecties, een soort van verbondenheid.’

In een stroom van bewustzijn
De teksten zijn voor jou niet zo belangrijk?
‘Klopt. Als ik naar muziek in het algemeen luister schenk ik niet veel aandacht aan de teksten. Aan de andere kant mogen ze niet de Achillespees zijn en moeten de woorden wel een geheel vormen en afgestemd zij op het klankpalet van de muziek. Ik moet die verschillende elementen met elkaar weten te verzoenen. Het klinkt misschien contradictorisch,  er weinig aandacht aan besteden en toch teksten willen schrijven die interessant zijn of op zijn minst goed genoeg om even bij stil te staan. Het blijft een aspect waar ik mee worstel en veel tijd insteek. Daarbij ga ik analytisch te werk. Ideaal zou zijn dat ik in een soort van ‘stroom van bewustzijn’ de juiste woorden vind, doch dat niveau van schrijven heb ik nog niet bereikt.’

Waarom dan niet kiezen voor uitsluitend instrumentale nummers?
‘Vroeger heb ik wel instrumentale muziek gespeeld, maar ik hou van het menselijke element, zowel in de textuur als het melodieuze. Ik zie de stem als instrument en niet als iets wat centraal staat in een compositie en waar alles omheen draait. Een groot verschil met Mount Moriah, een andere groep waarin ik speel. Daar worden de songs geschreven in functie van zangeres Heather McEntire om zo haar vocale capaciteiten helemaal tot hun recht te laten komen. Helemaal het omgekeerde van wat mijn betrachtingen zijn met Horseback.’

De tijd staat niet stil
We spraken voor het eerst met elkaar vier jaar geleden naar aanleiding van de release van ‘Half Blood’. Is er sinds 2012 veel voor je verandert? Kijk je op een andere manier naar de dingen om je heen?
‘Ja toch wel. Bijvoorbeeld met ouder worden ga je andere prioriteiten stellen. Ik neem ook meer mijn verantwoordelijkheid. Qua ouderdom - een paar dagen geleden werd ik vijfendertig - ben en zie ik me als iemand van middelbare leeftijd. Iets anders wat voor mij belangrijk is: Mijn appreciatie voor andere muziekgenres is de laatste jaren alleen maar toegenomen. Veel van mijn favoriete muziek nu, vond ik vroeger maar niks. Toch werd ik erdoor geïntrigeerd, begon er meer nauwgezet naar te luisteren; in een poging de artiesten in kwestie beter te begrijpen. Een grote verandering in vergelijking met vier jaar geleden is dat ik erin geslaagd ben om techno muziek te doorgronden. Ben altijd een liefhebber geweest van academische, elektronische muziek. Alles van Coil tot Stockhausen. Maar house of muziek die men op raves draaide had nooit dezelfde impact. Tot nu. Mijn visie is veranderd en ik kan techno ten volle waarderen. Ik begrijp nu ook waarom zoveel mensen van deze muziek houden.’

Je gelooft niet echt in het Amerikaanse kiessysteem en de kandidaten die nu de race naar het Witte Huis hebben ingezet zijn beide niet onbesproken. Is het nu erger dan ooit en deze keer echt kiezen tussen pest en cholera, van twee kwaden het minste kiezen?
‘Zo kan je het wel stellen ja. Ik ben blij dat men ook in Europa zich daarvan bewust is. Ik had nooit gedacht dat ook maar iemand in Donald Trump een ernstige kandidaat zou zien voor de functie van president. Hij heeft al meermaals aangetoond dat hij incompetent is op alle gebied. Het is gewoon onbegrijpelijk. Hij representeert al het slechte wat Amerika in zich heeft. Het is en blijft één van de grote mysteries in dit land. Een ruim deel van de bevolking is weinig of niet opgeleid en heeft daar ook geen behoefte aan. Het vreemde is dat die mensen dan vermetelheid en hoogmoed verwarren met onwetendheid. Men voelt zich bestolen, men is ongelukkig en kwaad en de schuldigen/daders zijn het intellectuele establishment. Veel Amerikanen vandaag zien intelligentie als een gevaar, een bedreiging. Dat in verschillende landen sommige, democratisch verkozen politieke leiders zich daar ook zo over uitspreken baart me zorgen. Ook economisch loopt het mank. Scholen en het onderwijs in het algemeen worden te weinig gesubsidieerd, de toegang tot publieke programma’s staat onder druk of wordt afgebouwd. Met educatie, onderwijs, voorlichting en vorming gaat het in de VS helemaal de verkeerde kant op.’

Op het internet circuleren er een paar foto’s met je honden. Wat vind je zo leuk aan honden en heb je nog andere huisdieren?
‘Van een ommezwaai gesproken (lacht). Wat vind ik zo leuk aan honden? Ze zijn loyaal. Ze kunnen zich snel en gemakkelijk aanpassen aan een nieuwe omgeving. Ze zijn niet manipulatief. What you see is what you get. Je raakt eraan gehecht. De emotionele verbondenheid met een hond kan erg sterk zijn en daar hou ik wel van. Het maakt voor mij het leven wat meer draaglijk. Ze zijn mijn toeverlaat, mijn soelaas. Anders is het hier niet uit te houden en zou mijn leven niet hetzelfde zijn. Ik heb geen specifieke voorkeur voor ras, grootte of kleur. Sommige soorten dicht men bepaalde eigenschappen toe. Zoals het feit dat pitbulls van nature uit agressief zouden zijn, maar daar is niks van aan. Het is de manier waarop de eigenaar zich gedraagt en het dier behandelt die mee het karakter en het gedrag bepalen. En nee, ik heb geen andere huisdieren.’

Een brede waaier van kunst en muziek
Vier jaar geleden had je nog drie verschillende baantjes. Wat voor werk doe je nu?
‘Ik werk nu in een kunstencentrum, gehuisvest in een buurthuis niet zo ver van waar ik woon. Het is een non-profit organisatie. Het wordt gerund als een bedrijf, maar de dienstverlening staat centraal. Tot voor kort was ik ook nog werkzaam in de platenwinkel waar ik vele jaren heb gewerkt, maar omdat mijn functie in het  kunstencentrum is opgewaardeerd moest ik een keuze maken. Mijn leven als muzikant beschouw ik ook als werken. Alleen staat wat ik ermee verdien niet in verhouding tot mijn loon in het kunstencentrum. Van mijn muziek alleen kan ik niet leven. In principe kan vandaag iedereen een plaat maken. Daarvoor heb je heel weinig nodig, zowel wat materiaal als geld betreft. Maar als je streeft naar een goed of beter geluid, een degelijke opname wil, dan heb je studiotijd nodig en dat maakt alles een stuk duurder. Ik mag me gelukkig prijzen dat men bij Relapse nog altijd bereid is om voor de nodige accommodaties te zorgen en nog wil investeren in bands. Bij veel andere labels is dat niet meer het geval. Dus dat is voor mij een grote steun. Je kunt ook proberen om de kosten te drukken. Om eerlijk te zijn: Dat is ook één van de redenen dat ik nu meer geïnteresseerd ben in elektronische muziek als een mogelijk platform. Het is een stuk goedkoper om elektronische muziek te maken dan akoestische muziek waarbij je rekening moet houden met groepsleden, een studio voor de opnames, enzovoort.’ 

Heb je plannen om ‘Dead Ringers’ live te brengen?        
‘Niet echt nee, het zou sowieso moeilijk worden om verschillende redenen. Horseback heeft al jaren niet meer live gespeeld. Het toeren met Mount Moriah neemt een groot deel van mijn tijd in beslag. Het is een andere line-up, de songs zijn helemaal anders. Wanneer je live gaat optreden dan moet er gerepeteerd worden en de overige muzikanten van Horseback hebben elk een drukke agenda met eigen projecten. Sommige hebben ondertussen kinderen, een voltijdse baan. Het wordt moeilijk om dat patroon te doorbreken en een concertreeks te plannen. Het is wel een hele uitdaging en daar hou ik wel van. Dus wie weet, eenmaal de bal aan het rollen gaat… .’   

Horseback

Horseback
Dead Ringers
Relapse Records

Jenks Miller verkent met Horseback nieuwe muzikale horizonten. Geen black metal, sludge of loodzware drones, al krijgt de drone component op deze ‘Dead Ringers’ een centrale rol toegewezen. Ook geen grunts of oerschreeuwen, maar mooi en helder gezongen fascinerende songs. Zijn recent opgewekte interesse voor elektronische muziek wordt hier meteen ook verzilverd. Electro, sterk verwant met krautrock en minimal music. Daarnaast veel psychedelische invloeden. Er vindt ook een kruisbestuiving plaats met de muziek van zijn andere projecten Mount Moriah en Rose Cross NC. Jenks blijft hoe dan ook onvoorspelbaar en eigengereid. Luister maar naar ‘The Cord Itself’, het schitterende ‘Lion Killer’ of de ultieme, psychedelische ervaring van ‘Descended From The Crown’. Mysticisme, de Apocalyps, mythologie en surrealisme zijn nog altijd de thema’s die aan bod komen. De keuze van de hoes illustratie - ‘Doggie Death’, een ontwerp van de Poolse kunstenares Aleksandra Waliszewska - is een zoveelste bewijs van Miller zijn ongebreidelde fantasie die gepaard gaat met het opwekken van weerzin, het zich afzetten tegen gevestigde waarden, het zoeken naar een eigen identiteit. Jenks Miller is een perfectionist en dat hoor je aan de manier waarop alle instrumenten met elkaar worden verweven. Bijvoorbeeld in opener ‘Modern Pull’ worden dissonante en heldere gitaarklanken, zware, repetitieve percussie, orgel en ijle synthesizerklanken tot een hypnotiserend geheel gesmeed. Ook al is soms de samenstelling van het instrumentarium anders, het is een effect dat nog meermaals terugkeert en je stevig in zijn greep houdt. Jenks Miller is een visionair artiest die telkens weer weet te verrassen. Meer nog: ’Dead Ringers’ is naar mijn gevoel het tot nu meest steekhoudende en doortimmerde werkstuk op het palmares van Horseback en nog net geen meesterwerk.

vrijdag 16 september 2016

S U R V I V E

S U R V I V E
RR7349
Relapse Records

Wie zich mocht afvragen wie de componisten zijn van de soundtrack voor de nieuwe science fiction annex horror serie ‘Stranger Things’: Het zijn Kyle Dixon en Michael Stein. Twee muzikanten die ook actief zijn in S U R V I V E, een experimenteel synthesizer kwartet dat zijn uitvalsbasis heeft in Austin, Texas en waar ook Adam Jones en Mark Donica deel van uitmaken. Dat ze bij metal label bij uitstek Relapse onderdak vonden is niet zo uitzonderlijk, want die platenmaatschappij heeft ook acts als Zombi, Goblin Rebirth en Steve Moore onder zijn vleugels. S U R V I V E debuteerde in 2012 en eiste meteen zijn stek op in het nieuwe analoge synthesizer tijdperk. Het viertal van S U R V I V E laat zich net als sommige van hun voornoemde label maten inspireren door filmmuziek componist John Carpenter, computermuziek uit de jaren tachtig van de vorige eeuw, horror prenten - vooral dan Italiaanse griezelfilms - en IDM. Het is niet zo vanzelfsprekend om met instrumentale muziek opzien te baren en fris en apart uit de hoek te komen. Voor S U R V I V E lijkt dit een fluitje van een cent. Natuurlijk hoor je invloeden van onder meer Kraftwerk, Tangerine Dream, Jean-Michel Jarre of Giorgio Moroder, maar op een intelligente en inventieve manier geeft het viertal de herkenbare klanken een eigen richting en structuur. Men creëert een bijwijlen bijzonder onheilspellend, boosaardig universum waar ook plaats is voor meditatie, ambiance, spanning en relaxatie. ‘RR7349’ is een avontuurlijk en inspirerend werkstuk. Een aanrader zonder meer.

Radio Moscow

Radio Moscow
Live! In California
Alive Natural Sound Records

Radio Moscow werd boven de doopvont gehouden in 2003 door frontman, zanger en gitarist Parker Griggs. Tegelijk is hij de enige constante in de band waar sindsdien vier bassisten en evenveel drummers al de revue zijn gepasseerd. De huidige bezetting bestaat naast Griggs uit drummer Paul Marrone en bassist Anthony Meier. De groep bezit een stevige live reputatie en ondernam sinds 2007 verschillende tournees waarbij ze meerdere continenten aandeden. Na vier goed ontvangen studioalbums vond Parker het tijd om uit te pakken met een eerste live plaat. De opnames vonden plaats in The Satellite in Los Angeles op 10 en 11 december 2015. Wat meteen ook de keuze van de titel verklaard. Muzikaal wordt Radio Moscow vaak vergeleken met gelijkaardige trio acts als Cream, Blue Cheer en The Jimi Hendrix Experience. Met blues rock als vertrekbasis heeft Radio Moscow zijn groepsgeluid van bij aanvang verder aangedikt met een stevige inbreng psychedelische rock, acid, garage en hardrock. Van bij de start gaat het drietal meteen flink loos. De rauwe, schreeuwerige zang van Griggs, zijn in fuzz en andere effecten gedrenkte, splijtende gitaarriffs, mokerende drumslagen en pompende bas dompelen je meer dan een uur lang onder in een wereld van een hallucinogene broederschap waar elke muziekliefhebber zich meteen thuis voelt. Op één cover na, ‘Chance Of Fate’ van Sainte Anthony’s Fyre, put het gezelschap uit eigen materiaal. Daarbij gunt men zich de ruimte om te improviseren en de songs naar believen anders in te kleuren. Het maakt van ‘Live! In California’ een avontuurlijke belevenis. Het is tegelijk één van de betere live albums van de laatste jaren. Een flinke brok vettige, niet te versmaden en heet opgediende volbloed rock-’n-roll.

Souls Of Tide

Souls Of Tide
Join The Circus
Mighty Music

Een zoveelste band uit Scandinavië, meer bepaald Noorwegen, die ‘authentieke’ jaren zeventig rock brengt. De zes leden zijn/waren actief in andere bands als Trollfest, Wyruz, Sarkom, Porterville, Dead Maple en Opel. Al die verschillende achtergronden moeten garant staan voor een eigentijdse invalshoek en hedendaagse hardrock variant. Het zestal doet zijn stinkende best om originaliteit en variatie te laten doorschemeren in de negen uit eigen brein ontsproten songs. Ingrediënten als een stevige en gedegen ritmesectie, een goede zanger, inventieve gitaarriffs en last but not least het onvermijdelijke Hammond orgel dat het geheel extra kleur en warmte geeft, zijn hier volop aanwezig. Het sextet kiest niet voor de meest voor de hand liggende weg en nummers als ‘Devils’ en ‘Faith’ laten zich niet zo gemakkelijk weghappen. Meer rechtlijnig gaat het er aan toe in tracks als ‘She’s Dead’, titelsong ‘Join The Circus’, ‘Once Again’, ’Calm Water’ en ‘Spray-Tan Magic’ met een vinnig gitaar versus orgel duel als hoogtepunt. Een pluspunt, zo ervaren wij dat toch, is dat Souls Of Tide niet meteen onmiddellijk een binding of vergelijkingspunten heeft met oude gloriën uit die voor hardrock en metal magische jaren zeventig. Als we toch een naam als referentie moeten laten vallen dan is het misschien wel Deep Purple. ‘Join The Circus’ is een album waarop zes ervaren muzikanten hun talenten laten samenvallen. Als je er ook nog een geroutineerde producer als Endre Kirkesola (Blood Red Throne, Green Carnation, Carpathian Forest) bijhaalt en de natuurelementen van het overweldigende Noorse berglandschap - in samenspel met geestrijk vocht - op het gemoed laat inwerken dan kom je tot bijvoorbeeld een doorwrochte plaat als ‘Join The Circus’. 

donderdag 15 september 2016

The Walk

The Walk
Wrong Enemy
Eigen Beheer
Op het eerste gezicht een conventionele groep in een klassieke bezetting, ware het niet dat Nicolas Beck op een tarhu speelt. De naam doet vermoeden dat het om een oud instrument zou gaan, maar niets is minder waar, want het eerste prototype van de tarhu kwam er pas in 1995. Uitvinder van het instrument is de Australiër Peter Biffin. Het is een veelzijdig instrument waar je zowel kunt op tokkelen als met een strijkstok spelen. ‘Wrong Enemy’ is voor The Walk, na de release van een paar ep’s, hun debuutalbum. Het Franse viertal toont zowel zijn hardere, brutale kant en brengt ook meer behaaglijke en warmhartige songs. Contrasten die bijvoorbeeld goed tot hun recht komen in opener ‘Sit By The Fire’ en aansluitend ‘Stand The Truth’. Een lijn die ze eigenlijk de hele duur van het album aanhouden met nog als uitschieters ‘Security Slap’ en ‘Far From My Dreams’. Naast de reeds genoemde snarenplukker Nicolas Beck heeft het gezelschap met Hervé Andrione een goede zanger/gitarist in huis en drummer Victor Binot springt inventief om met verschillende, soms elektronisch versterkte percussie elementen. Het tegendraadse, op blues en folk geënte ‘Already Gone’ vormt hier een beetje een struikelblok, net als het vluchtige, zoetgevooisde ‘Until’. Een dip die wordt goedgemaakt met ‘A Price To Pay’ en de mooie ballade ‘Expanding Universe’. Voor wie houdt van een mix van indie rock, blues en folk is ‘Wrong Enemy’ een plaat, het ontdekken waard.

Semistereo

Semistereo
Re-Ignite
Eigen Beheer

Het is geleden van ‘As The Pressure Drops’ (2007), ’Welcome, You Knight’ (2009) en ‘SemistereO’ (2012) dat deze Nederlandse act nog van zich liet horen op het platen front. Sindsdien was het stil geworden. Al werd er wel nog opgetreden. Nu is er dus ‘Re-Ignite’ een vier songs tellende ep en de voorloper van een later dit jaar te verschijnen album. Je mag spreken van een hernieuwde band, want er zijn enkele personeelswissels doorgevoerd. Zo kwam naast zanger Paul Glandorf (ex-A Day’s Work) ook bassist Mickeal Schuurman (Apophys, ex-Mondvolland, ex-Heidevolk) de rangen vervoegen. Semistereo brengt een moderne rockvariant. Alternatieve rock doorweven met post- en progressieve rock invloeden. De nummers zijn gestructureerd, veel gelaagd en afwisselend. Zo worden rustige, sfeervolle passages afgewisseld met stevige gitaaruithalen die wel heel sterk aanleunen bij metal. In opener ‘Deliverance’ is men nog op zoek naar het juiste evenwicht. De stem van Glandorf heeft het moeilijk om zich te meten met de andere instrumenten. ‘Fall Out’ klinkt op zijn beurt nogal theatraal en beladen. Het best komen ze voor de dag in de kortste en meest directe song ‘Force Feed’. ‘The Search’ is een lang uitgesponnen compositie. De twee gitaristen halen het onderste uit de kan en Schuurman mag uitpakken met zijn meest beestige bas riffs. Deze ‘Re-Ignite’, die de wederopstanding van Semistereo inluidt kon ons niet helemaal overtuigen. Toch benieuwd naar wat hun nieuwe langspeler in petto heeft.

Suzanne’Silver

Suzanne’Silver
Like Lazarus
Atypeek Music

Italiaans gezelschap dat al bijna twintig jaar aan de slag is. ‘Like Lazarus’ is onderhand hun zesde album. Het viertal is afkomstig uit Siracusa, Sicilië en opteert voor een moderne variant van metropool rock. Samengesteld uit een wirwar van stijlen gaande van psychedelische rock over noise en postrock tot jazz, indie rock en blues. Dit allegaartje draagt niet bij tot de toegankelijkheid van de met haken en ogen aan elkaar hangende composities. Ze klinken niet als songs, doch eerder als een uit de hand gelopen jamsessie. Allemaal erg fragmentarisch en experimenteel. De vinyl versie van ‘Like Lazarus’ telt slecht zeven nummers. Digitaal via download krijg je wel nog toegang tot het uit twee delen samengestelde ‘Lampi Grevi’. Helemaal op improvisatie gebaseerd krijg je in ‘Part I’ een mengelmoes, die meer doet denken aan een ultiem patroon van herrie en kabaal. Wordt afgewisseld met een slome structuur die voor iets meer lijn en continuïteit zorgt. Tijdens de laatste vijf minuten kunnen ze niet laten om opnieuw een pijnlijke mix te serveren van zwaar overstuurde gitaren, schreeuwerige zang en staccato drums. Helemaal op het einde gaan ze zelfs effe swingen. In het begin van ‘part II’ lijkt er niets aan de hand en zet men de lijn van het eerste gedeelte verder, waarna plots het orgel alle aandacht naar zich toe trekt. Het vervolg is op zijn minst verrassend te noemen wanneer men overschakelt naar duistere electro en drone toestanden. Een overgang die kan tellen. Later sluiten gitaar en drums terug aan. Een beetje stoeien met iets dat verwijst naar klassiek en nog wat vervormde gitaarklanken en drones er tegen aan gooien om in schoonheid te eindigen. De twee delen samen duren ruim veertig minuten. In velerlei opzichten is deze ‘Like Lazarus’ een opmerkelijk werkstuk, doch het blijft hoe dan ook een harde noot om te kraken.  

ICSIS

ICSIS
Pierre Vide Eau (shí zhenkong shuí)
Atypeek Music

ICSIS werd opgericht in 2006, groeide uit tot een sextet, maar is sinds 2009 afgeslankt tot een trio. Debuteerde in 2013 met een eerste album ‘Fuckiss’. Hun tweede worp ‘Pierre Vide Eau’ is een concept plaat, een initieel werkstuk over het ontstaan van het universum, de donkere materie van de kosmos waaruit alle leven is ontstaan. De cyclus van geboorte tot de dood krijgt gestalte via de energetische beginselen van kung fu. Die worden voorgesteld door vijf dieren: de ooievaar, tijger, luipaard, slang en de draak. Het sluitstuk ‘Death’ kijkt zelfs voorbij de doodservaring. Het verhaal wordt vertelt in het Engels en het Chinees. Alledrie de groepsleden nemen afwisselend de zang voor hun rekening. De meeste aandacht gaat hierbij uit naar Jessica Martin Maresco wiens stem soms doet denken aan die van Björk. Muzikaal schippert het trio tussen noise rock, no wave, punk, electro en jazz. Hun muziek is zowel meditatief, experimenteel als complex. Meest opvallende en tot de verbeelding sprekende tracks zijn ‘Hŭ (tigre)’, Bào (léopard)’, ‘She (serpent)’ en afsluiter ‘Death’. Door de vele verschillende invalshoeken is dit een plaat die smeekt om meerdere luisterbeurten. Iets waar we uiteraard graag en gretig op zijn ingegaan. 

Chaman Chômeur

Chaman Chômeur
18759
Atypeek Music

Op blues geënte noise rock waarin ook elementen zitten verweven van math rock en jazz. Geheel eigenzinnig en experimenteel gaat dit Franse trio zijn eigen weg. Klassieke structuren worden overboord gegooid. Monotoon gaat hier hand in hand met complexiteit, statisch met improvisatie, harmonie met chaos, extreem met hallucinogeen. De drie tracks zijn ook totaal verschillend met elk een eigen intonatie en klankkleur. Zo verschilt het enerverende en springerige ‘Hâchis D’Âne Halal’ enorm van de eentonige storm geluidsgolven die men produceert in ‘Chomâgique’. Het trage, meer bedachtzame en gecontroleerde, ‘Nostalgie Du RMI’ moet voor de overgang zorgen. Meest opvallend in dit nummer is de stille naar drone en doom refererende passage. Het repetitieve karakter houdt stand, ook tijdens de kakofonie van door en over elkaar tuimelende instrumenten. Alleen de accenten liggen anders. Speelduur vijftien minuten. Chaman Chômeur, de werkloze sjamaan, houdt van een vleugje mystiek en aan de songtitels te zien, spielerei met woorden. Waar de drie muzikanten niet toe bereid zijn is het sluiten van compromissen.  

Nosound

Nosound
Scintilla
Kscope

In 2002 opgestart als een soloproject van multi-instrumentalist en zanger Giancarlo Erra. Nosound genoot al snel veel bijval en won aan populariteit. De vraag om live op te treden bleef niet uit en daardoor zag Erra zich genoodzaakt om andere muzikanten bij Nosound te betrekken. Sinds 2006 kent de groep een, zij het wisselende, vijf man sterke bezetting. Nosound viste in dezelfde vijver van No-Man, Porcupine Tree, Genesis en Pink Floyd, maar gooit het voor ‘Scintilla’, zijn vijfde studio album over een enigszins andere boeg. De symfonische en progressie rock componenten komen slechts sporadisch nog aan de oppervlakte. In de plaats komen meer postrock, shoegaze en alternatieve rock elementen. De muzikale invulling is meer direct, eenvoudiger. Zo creëert Giancarlo een meer intieme sfeer. Het streven naar het perfecte groepsgeluid bleef echter intact. Er is geen gebrek aan emoties en melancholie. Onder meer met de passage van celliste Marianne De Chatelaine die eerder al meewerkte aan het album ‘Lightdark’ (2008). Daarnaast zijn er gastoptredens van Vincent Cavanagh (Anathema) in ‘The Perfect Wife’ en ‘In Celebration Of Life’. De Italiaanse zanger Andrea Chimenti zingt en schreef mee aan ‘Sogno E Incendio’. ‘Scintilla’ vraagt enig inlevingsvermogen, maar eenmaal begeesterd door de prachtige teksten en muziek is deze langspeler een genot om naar te luisteren. Misschien iets te gestroomlijnd en gepolijst. Het hangt af van je persoonlijke smaak. Alleen in ‘The Perfect Wife’ zitten er wat stevige uithalen. ‘Scintilla’ is een plaat die inspeelt op je gemoed en sentiment. Maar in een mooie en verheven stijl.     

Ultra Panda

Ultra Panda
The New Bear
Atypeek Music

Frans drietal, met een passie voor archeologie en liften muzak, dat zijn underground reputatie alle eer aandoet en hier een amalgaam aan muziekstijlen door elkaar mikt. Na de release van de elpee ‘Satan Salsa’ in 2014 is er als tussendoortje deze vier nummers tellende ep. ‘The New Bear’ bevat vier qua stijl uiteenlopende liedjes waarbij energieke drums, diepe basdreunen en hippe, inventieve synths de dienst uitmaken. De zangstem past zich aan naargelang de noden van de song. Soms luidkeels, dan weer luchtig of melancholisch. Alternatieve rock, post rock, punk, post hardcore, pop, funk: op één of andere manier zitten die allemaal verweven in deze vijftien minuten durende, explosieve muzikale cocktail. Het flitsende, dolgedraaide trio laat je alle hoeken van de kamer zien. ‘The New Bear’ is alvast een aangename kennismaking en smaakt naar meer.

Sinsaenum

Sinsaenum
Echoes Of The Tortured
earMUSIC

Wanneer een aantal muzikanten die al tamelijk bekend zijn voor een nieuw project de handen in elkaar slaan dan neemt men nogal snel de term ‘supergroep’ in de mond. Dat is ook het geval met deathmetal act Sinsaenum. De bezetting bestaat uit zangers Sean Zatorsky (Dååth, Chimaira) en Attila Csihar (Sunn O))), Mayhem), gitaristen Frédéric Leclercq (DragonForce) en Stéphane Buriez (Loudblast), bassist Heimoth C. Krueger (Seth) en drummer Joey Jordison (Slipknot, Murderdolls, Scar The Martyr en Vimic). Een inderdaad veelbelovende line-up. Voor verschillende van de muzikanten was het al lang een wensdroom om eens in een echte deathmetal band te spelen. Dankzij hun enthousiasme en de zin om er vol voor te gaan worden een groot deel van de verwachtingen ook ingelost. De meerderheid van het gezelschap is ook opgegroeid met klassieke deathmetal en schrikt er niet voor terug om de attitude en muziekbeleving van het genre uit de jaren tachtig en negentig nieuw leven in te blazen. De elf songs gaan vergezeld van korte instrumentale, soms bombastische fragmenten die overwegend refereren naar horror tv-series of fantasy- en griezelfilms. Op een clevere manier worden zo de teugels gevierd en de luisteraar warm gemaakt voor de volgende kopstoot die er zit aan te komen. Sommige nummers zijn zonder meer magistraal en weergaloos. Dat is het geval met ‘Army Of Chaos’, ‘Condemned To Suffer’, ‘Sacrifice’ en ‘Gods Of Hell’. Het valt af te wachten hoe lang de heren van plan zijn deze samenwerking levendig te houden. Mocht het lukken dan staat Sinsaenum nog een mooie toekomst te wachten. 

Norman Westberg

Norman Westberg
MRI
Room40
Na ’13’ in 2015 brengt het experimentele Australische label Room40 nu ook van Norman Westberg, de Amerikaanse gitarist, die vooral bekendheid geniet als lid van Swans, de langspeler ‘MRI’ uit. Naast zijn rol als muzikant met zijn passage in bands als The Heroine Sheiks, Five Dollar Priest en NeVAh is Norman ook in de kunst- en filmwereld van New York geen onbekende door onder meer zijn participatie in ‘The Right Side Of My Brain’, een low budget film geproduceerd door de ondergrondse beweging Cinema Of Transgression. MRI staat voor ‘magnetic resonance imaging’, een vorm van medische beeldvorming. Het is een techniek die zowel wordt gebruikt in de neurologie, bij inwendige ziekten als orthopedie. Westberg kwam er mee in aanraking toen bleek dat hij na een jarenlange carrière als muzikant gehoorschade had opgelopen. De MRI scan was nodig om de oorzaak vast te stellen plus een juiste diagnose van de ernst van de aandoening. Een ingrijpend proces dat Norman  inspireerde tot het maken van het album ‘MRI’. De twee composities, ‘MRI’ en ‘410 Stairs’, waarvan de opnames dateren van 2012, zijn twee minimalistische stukken van ingeperkte en begrensde, door gitaar opgewekte klanken die een harmonisch geheel vormen en je als luisteraar een bovenzintuiglijke en mystieke ervaring laten beleven. Ondanks het ingebouwde herhalingsmechanisme en het afgebakende, muzikale spectrum voel je de intensiteit van de aanrollende geluidsgolven. ‘MRI’ bevat met ‘Lost Mine’ nog een derde track. Opgenomen in 2015 is het een soort van na zinderende echo, een aanvulling op het verloop en de methode van benadering van de oorspronkelijke geluidsregistraties die een nog sterkere band vertoont met traditionele minimale muziek.

Norman Westberg

Norman Westberg
The All Most Quiet
Hallow Ground

Ex-Carnival Crash gitarist Norman Westberg is van bij het begin betrokken bij Swans het project van Michael Gira. Naast het debuut ‘Filth’ (1983) is hij ook van de partij op de daarop volgende releases tot en met ‘The Great Annihilator’ van 1995. Sinds de comeback van Swans in 2010 is hij vast groepslid. Daarnaast verleende hij onder meer zijn medewerking aan platen van Jarboe, Wiseblood, The Body Haters, Five Dollar Priest en The Heroine Sheiks. Voor solowerk is het wachten op ‘Plough’, een vier nummers tellende EP die in februari 2012 verschijnt. Sporadisch volgen er nog een  paar releases met als laatste wapenfeit deze ‘The All Most Quiet’. Die bestaat uit twee tracks van elk achttien minuten. De aanzet van de titelsong bestaat uit een subtiel opgebouwde minimalistische ambient/drone intro die zich op een bijzonder fragiele wijze ontplooit tot een volwaardige compositie. De verschillende facetten en minutieuze variaties houden je als luisteraar gevangen in een spinnenweb van gewaarwordingen als kilte, gloed, licht, duisternis, rustgevend, dreigend, eenvoudig, complex. Het lijkt onwaarschijnlijk dat voor het opwekken van deze zee aan effecten Westberg enkel een gitaar als instrument nodig heeft. De kunst bestaat erin om op een geduldige manier een uit vele lagen bestaande structuur uit te bouwen en met soepele bewegingen dit tot een hypnotiserend geheel te versmelten. ‘Sound 2’ begint met enerverende, repetitieve geluiden met een machinale ondertoon en ontpopt zich als een dissonante geluidscollage. De veranderingen van klank zijn soms nauwelijks merkbaar, maar gaandeweg verandert de sfeer, komt er een soort dreiging opzetten die telkens weer wordt afgezwakt en terug aanzwelt. De grondtoon blijft minimalistisch. De natuurfoto van John Fell die de hoes siert, is een momentopname die stilstand en stilte uitademt en tegelijk het onvoorspelbare en unieke van onze leefwereld. Een universum waar ook de subtiele, ‘stille’ muziek van Norman Westberg deel van uitmaakt.   

Klaus Schulze

Klaus Schulze
Moondawn (re-release)
MIG

‘Moondawn’ wordt gezien als een klassieker en één van de hoogtepunten in het oeuvre van Klaus Schulze. Het is zijn eerste album waarop hij zijn Big Moog introduceert en waar drummer Harald Grosskopf van de partij is. Met ‘Moondawn' verkent en tast Schulze de grenzen af van wat hijzelf omschrijft en ziet als zijn interpretatie van rock muziek. De langspeler heeft alvast de dynamiek mee en een grootse klankkleur die je in hogere sferen brengt. Nog nooit eerder gehoord, zorgde dit in 1976 voor een kleine aardverschuiving in de wereld van de elektronische muziek. En ook vandaag nog mist deze muziek zijn uitwerking niet. Het blijft een breed opgezet, luisterrijk en verheven werkstuk. Net als veel van zijn andere releases zijn er verschillende heruitgaven geweest. Een eerste keer in 1995 en nog eens tien jaar later in 2005. De eerste keer dat ‘Moondawn’ op cd verscheen in 1990 had Klaus Schulze een paar foutjes (gekraak) van de originele vinyl opnames weggefilterd met wat mellotron akkoorden. Dat werd hem door de fans niet in dank afgenomen. Daarom dat op latere edities zoals deze, de originele tapes in ere werden hersteld. Zoals gebruikelijk krijg je ook hier een bonus track. ‘Floating Sequence’ is afkomstig van dezelfde, nachtelijke opnamesessie tijdens welke ‘Moondawn’ werd ingeblikt en ligt helemaal in het verlengde van ‘Floating’. Voorlopig is dit de laatste in deze serie van opnieuw uitgebrachte Klaus Schulze albums door het Made In Germany label die de Dark Entries redactie kreeg toegestuurd. Wordt ongetwijfeld vervolgd.

Güiro Meets Russia

Güiro Meets Russia
Dystopia
Verlag System

Duo, bestaande uit Juanvi Fortea en Francisco León die Valencia als uitvalsbasis hebben en hun passie voor elektronische muziek met de wereld willen delen. In eigen land reeds opgemerkt door de organisatoren van het Volumens Festival en toetsenist/producer Vicente Sais van het Jupiter Lion Trio en WWAT is deze ‘Dystopia’ hun officieel debuut. Het tweetal introduceert op een inventieve en spitsvondige manier IDM, cold wave, synth pop en krautrock en steekt dit in een modern en hedendaags kleedje. Meestal heeft de muziek een filmisch karakter, dromerig, wijds en sfeervol. Soms mysterieus, in nevels gehuld, experimenteel en kosmisch. Een reis naar het onbekende, op zoek naar nieuwe sterrenstelsels en planeten. Je hoort echo’s van onder meer artiesten als Neu!, Harmonia, Eno, John Hopkins, Isolée en Boards Of Canada. Spreken het meest tot de verbeelding: het pulserende en kille ‘Rootless’, de repetitieve synthesizerlijnen en hypnotiserende percussie in ‘Dystopia’, de titelsong van het album, waarin een treffend beeld wordt geschetst van het soort van samenleving waarin men beslist niet zou willen leven. ‘Die Reise’ op zijn beurt klinkt inderdaad avontuurlijk en het met gitaren gelardeerde ‘Ziggurat’ is zonder meer beklijvend. ‘The Path Of The Righteous Man’ is een imponerende compositie, statig en waardig. De overige songs zijn eveneens smaakvol, maar naar mijn gevoel iets minder eclatant. Toch is ‘Dystopia’ een meer dan degelijk debuut en het ontdekken waard.

Klaus Schulze & Pete Namlook

Klaus Schulze & Pete Namlook
The Dark Side Of The Moog Box 2 (Vol. 9-11+Bonus CD) (re-release)
MIG

Met ‘Vol. 9-11’ zijn we toe aan het derde en laatste deel van deze cyclus. Ook deze box telt vijf cd’s. Naast de drie laatste albums bevat dit gedeelte twee bonus cd’s. De eerste is een digitale DTS/5.1 Digital Surround versie van volume elf, op nummer twee staat de originele versie van het live concert op 23 april 1999 gegeven in Hamburg tijdens het daar gehouden Jazz Festival. Met deze reeks zijn we ook aanbeland in de 21ste eeuw, want de opnames dateren van respectievelijk 2002, 2005 en 2008. Dat er geen vervolg kwam na de release van deel elf is onder meer te wijten aan het plotse overlijden Pete Namlook (echte naam Peter Kuhlmann) op 8 november 2012. Met deel negen zijn we aanbeland bij de commercieel gezien misschien wel meest bekende en herkenbare compositie ‘Set The Control For The Heart Of The Mother - Part I’. Je hoort ook de evolutie - ook al blijft men trouw aan het analoge concept - die het duo heeft doorgemaakt tijdens dit samenwerkingsverband gespreid over meer dan tien jaar. Die verandering in de muzikale ontwikkelingen zijn soms minimaal, maar niettemin aanwezig. Voor het eerst komt er met zangeres Jenny Gibbert in ‘Part V’ ook vocale ondersteuning. Op volume tien ‘Astro Know Me Domina’ wordt er lustig geëxperimenteerd. Al of niet vervormde tekstfragmenten, free jazz, vreemde geluiden, drone effecten, minimal music: Het komt allemaal aan bod. Moeilijk te doorgronden ook en op het eerste gehoor weinig attractief, doch onvoorspelbaar en fascinerend. ‘The Heart Of Our Nearest Star’ begint een stuk toegankelijker, tussendoor is het verloop soms wat meer onheilspellend. Opvallend hier is de inbreng van elektrische gitaren in ‘Part II’ en de aanrollende golven en het gekwetter van vogeltjes in ‘Part IV’. Het aanbod van een andere luisterervaring krijg je met de al eerder genoemde digitale versie van ‘Volume 11’. Het improvisatie talent van Schulze komt dan weer helemaal tot uiting op ‘Live In Hamburg’. Namlook, die meer een controlefreak is en van Klaus de schalkse bijnaam ‘the banker’ kreeg, moet voor het nodige tegengewicht zorgen.

Klaus Schulze & Pete Namlook

Klaus Schulze & Pete Namlook
The Dark Side Of The Moog Box 2 (Vol. 5-8+Bonus CD) (re-release)
MIG
In maart hadden we het al over het ontstaan van deze reeks en de eerste box die volumes 1 tot en met 4 bevat plus nog een bonus cd. Het concept voor het tweede deel is exact hetzelfde en bestrijkt opnames uit de periode van 1996 tot 1999. Ook de gimmick met songtitels die telkens verwijzen naar nummers van Pink Floyd blijft onveranderd. Net als op ‘The Evolution Of The Dark Side Of The Moog’, de bonus schijf van de eerste box hoor je Robert Moog, de sleutelfiguur en uitvinder van het naar hem genoemde instrument en de man die mee aan de basis ligt van deze reeks, in de intro. Op cd nummer vijf prijkt ‘Psychedelic Brunch’, een in acht delen opgedeeld opus. Een heel afwisselend album, waarin heel wat facetten van de elektronische muziek aan bod komen. Van heel zweverige fragmenten waarin de mellotron de boventoon voert tot twee licht psychedelische passages en een paar verkwikkende uptempo tracks. ‘Psychedelic Brunch’ is ook een mooie weergave van de verschillende percepties van de twee protagonisten, met Klaus die graag improviseert en Pete die alles nauwgezet plant. Tijdens de aanloop van de ‘The Dark Side Of The Moog’ series vonden beide de gulden middenweg met wederzijds respect voor elkaars opvattingen en ideeën. Het ultieme bewijs daarvan wordt geleverd op volume 8, met een live registratie van ‘Careful With The AKS, Peter’ opgevoerd tijdens het Jazz Festival in Hamburg op 23 april 1999. ‘The Final DAT’ (volume 6) kent een meer experimenteel karakter. Onder meer door de introductie van een aaneenschakeling van vervormde tekstfragmenten, de soms abrupte tempo schakeringen en de verschillende aanknopingspunten met andere muziekstijlen als techno en drum-'n-bass. Aan ‘Part IV’ verleent Bill Laswell zijn medewerking. Deel 7 bevat ‘Obscured By Klaus’ en ligt in het verlengde van de voorgaande composities. Nog altijd sfeervol en met veel variatie, maar naar het einde toe wordt langzaamaan het punt van verzadiging bereikt, maar op zichzelf staand de beste langspeler van deze tweede box. Daarna komt de reeds aangehaalde live plaat en die zorgt voor een andere belevingsvorm. Al blijft de muziek verwant aan de voorgaande tracks het live effect mist zijn uitwerking niet. Het bonus materiaal dateert uit dezelfde periode; Het zijn drie composities van de hand van Klaus Schulze. Ze vormen een mooie aanvulling en vallen helemaal niet uit de toon.


Klaus Schulze

Klaus Schulze
Picture Music (re-release)
MIG

‘Picture Music’ verscheen een eerste keer op het gerenommeerde Duitse Brain label in 1975. Door de jaren heen zouden er nog vele verschillende edities volgen tot en met deze huidige release bij Made In Germany Music. Ritmiek en zweverige synthesizerklanken bepalen het verloop van ‘Picture Music’ dat met ‘Totem’ en ‘Mental Door’ slechts twee tracks telt. Het ritme in ‘Totem’ is staccato, repetitief en hypnotiserend. Daaroverheen worden sluiers van etherische en ijle klanken gedrapeerd. Naarmate de tijd verstrijkt wordt het tempo wat opgedreven en zijn de synthesizer percussie en de synthesizer lijnen meer op elkaar afgestemd en vloeien zelfs in elkaar over. Naar het einde toe wordt het proces omgedraaid en krijgt het geheel een nog andere, meer ingetogen klankkleur. ‘Mental Door’ is van een andere orde, heeft een meer vluchtige ondertoon, nestelt zich in het onderbewustzijn en sluimert onder de waarnemingsdrempel. Toch domineert ook hier die integrerende en mesmeriserende stemming. Belangrijk opnieuw is het percussie element, een vingerwijzing naar Klaus zijn muzikale verleden als drummer bij Tangerine Dream en Ash Ra Tempel. Een voorname rol op ‘Picture Music’ is weggelegd voor de nu legendarische EMS VCS 3 synthesizer die het hoofdbestanddeel van het timbre en nuance voor zijn rekening neemt. Net zoals bij alle uitgaves staat er een bonustrack op deze versie van ‘Picture Music’. ‘C’Est Pas La Même Chose’ is eigenlijk een langere uitvoering van ‘Totem’, tien minuten om precies te zijn. Buiten de lengte zijn er nog andere, kleine verschillen. Op een cd kan meer muziek dan op vinyl, daarom dat samensteller Klaus Dieter Müller de voorkeur gaf aan deze interpretatie. Een cadeautje zeg maar, voor de kenners en diehard fans. Ook op dit album is één van de opvallende kenmerken het tijdloze karakter van de muziek van Klaus Schulze.

Klaus Schulze

Klaus Schulze
Irrlicht (re-release)
MIG

Bij het label Made In Germany Music gaan ze gestaag door met het opnieuw uitbrengen van albums uit de rijkgevulde catalogus van Klaus Schulze. Na korte passages bij Tangerine Dream en Ash Ra Tempel koos Schulze vanaf 1972 voor een solocarrière. Datzelfde jaar verscheen nog zijn eerste werkstuk ‘Irrlicht’. Al behoort het niet tot de muziekstukken waarmee Schulze wereldwijd bekend zou worden, is het een plaat die net als nog verschillende andere langspelers is uitgegroeid tot een klassieker en een referentie in de wereld van de elektronische muziek. Pionierswerk dat ook banden heeft met onder meer ‘musique concrète’, space rock, drone tot progressieve rock en klassiek. Voor het maken van legendarische en tijdloze muziek hoef je niet altijd een arsenaal aan instrumenten te bezitten. Meer nog; in die tijd moest Klaus zich behelpen met tweedehands materiaal waarvan sommige onderdelen niet eens naar behoren werkten. De indruk die Schulze in die dagen maakte op de mensen die hij ontmoette was die van een verward en beetje wereldvreemd jongmens die totaal opging in de creatie van een eigen universum. Hij begaf zich met zijn muziek op onbekend terrein. Maar de composities, opgedeeld in drie bewegingen (satz) zijn hoe dan ook integrerend, mysterieus en tegelijk uitnodigend naar de buitenwereld toe. Iedereen die zich geroepen voelt is welkom. Het verhaal over de manier waarop hij de dirigent van het Colloquium Music Orchestra kon overtuigen om mee te werken aan ‘Irrlicht’ werd ook al uitvoerig beschreven en wordt nog eens uit de doeken gedaan in het bijbehorende cd boekje. De bonussong ‘Dungeon’ - een track die voor het eerst op plaat verscheen in 2006 op de eerste heruitgave van ‘Irrlicht’ - daarvan is de herkomst niet duidelijk. Het is een experimentele aan drone gerelateerde studio opname die je wel 24 minuten lang in de ban houdt. Na al die jaren heeft ‘Irrlicht’ nog niets van zijn authenticiteit en originaliteit verloren. Het is nu aan de huidige generatie muziekliefhebbers om in de tijdsgeest van nu de waarde, de verdienste en het significante van ‘Irrlicht’ opnieuw  te beoordelen.

The Pineapple Thief

The Pineapple Thief
Your Wilderness
Kscope Records/Snapper Music

Bruce Soord, frontman en songsmid van The Pineapple Thief maakte vorig jaar een prachtige solo uitstap en verleende ook zijn medewerking aan het album ‘Stupid Things That Mean The World’ van Tim Bowness (No-Man, Henry Fool, Memories Of Machines). Projecten die hem deugd hebben gedaan, want ze zorgde voor een nieuw elan in de aanloop naar inmiddels The Pineapple Thief hun elfde album. Voor het eerst zijn er ook een paar gastmuzikanten uitgenodigd. Meest opvallende naam is die van Porcupine Tree drummer Gavin Harrison, eveneens actief in King Crimson, OSI en te horen op nog een hele rits platen van andere acts, te veel om op te noemen. Andere gasten zijn John Halliwell (Supertramp), Geoffrey Richardson (Caravan) en Darran Charles (Godsticks). Namen die je ook kunt linken aan het prominent aanwezige muziekgenre en Bruce Soord naar eigen zeggen deden teruggrijpen naar zijn oude liefde: progressieve rock. Dit komt tot uiting in zowel de composities zelf als de arrangementen. ‘Your Wilderness’ getuigt van een ongekende schoonheid. Toch is het niet allemaal perfect en zoekt men soms de weg van de minste weerstand. Dat zorgt voor enkele mindere passages. Die zijn te lieflijk, te gepolijst en/of te doorzichtig. Naast Soord, heeft The Pineapple Thief met Jon Sykes (basgitaar) en toetsenist Steve Kitch muzikanten die al een respectabel aantal jaren deel uitmaken van de bezetting en het muzikale palet alleen maar beter en rijker maken. Het briljante drumwerk van Harrison zorgt hier voor de spreekwoordelijke kers op de taart. Over het concept houdt Soord de lippen stijf op elkaar. De naar goede gewoonte, mooie teksten zijn voor interpretatie vatbaar en Bruce wil niet dat zijn persoonlijke visie de luisteraar zou beïnvloeden. De aantrekkelijke hoes moet je op weg helpen om het verhaal te ontrafelen. Geniet van schitterende nummers als ‘In Exile’, ‘Tear You Up’ en ‘Take Your Shot’. Het zijn iets steviger en heftiger songs, waarin ook wel zijn samenwerkingsverbanden met Opeth en Katatonia hun licht laten op schijnen. Andere pareltjes zijn ‘Fend For Yourself’, The Final Thing On My Mind’ en ‘No Man’s Land’.

dinsdag 12 juli 2016

Family

Family
Future History 
Prosthetic Records 

Family, niet te verwarren met de gelijknamige eind jaren zestig, begin jaren zeventig cult band met als frontman de charismatische Roger Chapman, is een collectief bestaande uit muzikanten residerend in Brooklyn, New York dat op een eigenwijze manier progressieve rock/metal en classic rock in de armen sluit. Bezieler is Steven Gordon een man die van vele markten thuis is. Hij probeert een originele invalshoek te vinden zonder te nadrukkelijk te moeten teren op vroegere en hedendaagse grote namen uit de rockgeschiedenis, al vallen die hun invloeden niet te ontkennen. De teksten en thematiek op ‘Future History’, Family zijn tweede langspeler - de opvolger voor het in 2012 verschenen ‘Portrait’ - zijn gebaseerd op een scenario over de evolutie van de mens dat Gordon samen schreef met zijn toenmalige klasgenoot aan de Boston University film school Michael Arginsky. Vocaal klinkt opener ‘The Darkside’ heel verrassend door het afwisselen van heldere zang met grunts, muzikaal door de inventieve insteek van progressieve rock elementen. Een veelbelovende begin dat spijtig genoeg geen vervolg kent. In wat daarna komt zijn het overwegend alleen nog oerschreeuwen die aan bod komen. De opwinding van de eerste minuten dat hier iets origineels in de maak is maakt zo al snel plaats voor berusting. De aandacht wordt alleen nog een keer aangescherpt tijdens de passage van ‘Floodgates’ en ‘Precedent’ dat in het verlengde ligt van ‘The Darkside’. Leuk zijn ook ‘Prison Hymn’ en ‘Last Looks’, korte fragmenten folk rock die het monotone karakter enigszins doorbreken. Technisch en qua songstructuur kun je Family moeilijk iets verwijten. Alleen komt men uit bij een goeie, doorsnee plaat, eentje waar we niet meteen zitten op  te wachten.

Die Krupps

Die Krupps
Live Im Schatten Der Ringe
AFM Records

Opgericht in 1980 heeft het Duitse Die Krupps al vele watertjes door zwommen. De groep was langere periodes inactief, maar kwam telkens weer terug aan de oppervlakte. Een veerkrachtige band dus die nu voor het eerst in zijn meer dan dertigjarig bestaan ook een dubbele live cd en dvd uitbrengt. Een eerste vogelvlucht vooruit maakten ze in 1992 met het album ‘I’ waar voor het eerst elektrische gitaren de dienst uitmaakten. Voordien maakte men vooral gebruik van allerhande synthesizers en metalen percussie. Ook hun comeback in 2013 met het studio album ‘The Machinists Of Joy’ - het eerste na ‘Paradise Now’ van 1997 - bleek een schot in de roos. Daarna verscheen nog ‘V - Metal Machine Music’ (2015) en nu verzilveren ze de hernieuwde aandacht met deze dubbelaar annex dvd. De keuze van het gespeelde materiaal start voor het leeuwendeel ook vanaf 1992. Dus geen ’Wahre Arbeit Wahrer Lohn’, ‘Goldfinger’ of ‘Germaniac’. Tijdens de bisronde passeert wel nog ‘Machineries Of Joy’. Gelukkig heeft het gezelschap rond Jürgen Engler nog genoeg degelijk materiaal achter de hand om een fraaie mix te serveren van industrial en metal. De opnames vonden plaats tijdens het E-Tropolis Festival in Oberhausen begin 2014. Een met in 2010 eerste editie, nog relatief jong festival dat dark electro, EBM, industrial en synthpop hoog in het vaandel voert. Een uitgelezen plek voor Die Krupps om nog eens snoeihard uit te halen. Na de intro gooit het viertal al meteen twee bommetjes met ‘Blick Zurück Im Zorn’ en ‘Dawning Of Doom’. Oudgediende Ralf Dörper springt inventief om met zijn ‘synthetics’ en gitarist Marcel Zürcher moet het metal gehalte op peil houden. Huurling en drummer Bradley R. Bills (Pigface) handhaaft een strak tempo. Frontman Engler is goed bij stem. Die Krupps stellen niet te leur en pakken uit met een fantastische versie van het van Visage geleende ‘Anvil (Night Club School)’ door Die Krupps omgedoopt tot ‘Der Amboss’ en uitstekende tracks als ‘Metal Machine Music’, het opzwepende ’To The Hilt’ en dito ‘Fatherland’. Ook recent werk als ‘The Machinists Of Joy’, ‘Part Of The Machine’, ’Robosapien’, ‘Schmutzfabrik’ en ‘Nazis Auf Speed’ mist zijn uitwerking niet. Afsluiter ‘Crossfire’ is de spreekwoordelijke kers op de taart. Die Krupps hun passage op het E-Tropolis Festival was zonder meer een voltreffer, want ook de geluidskwaliteit was uitzonderlijk goed. De dvd op zijn beurt zorgt voor een gevarieerd visueel spektakel die die muziek helemaal tot zijn recht laat komen. Aanschaffen die handel.

rebelHot

rebelHot
rebelHot
Metalapolis Records

De revival van jaren zeventig rock blijft maar nieuwe bands spuien. Ze komen zelfs uit alle windstreken. rebelHot is bijvoorbeeld afkomstig uit Italië. De informatie over de muzikanten is voor de rest zeer summier. Dat ze al een aantal jaren aan de slag zijn en over heel wat ervaring en technische bagage beschikken kun je zo afleiden uit hun podium présence en de manier waarop ze dit eerste album hebben ingeblikt. Geen opsmuk, trucks of overdubs, gewoon vier muzikanten in een traditionele bezetting die het beste van zichzelf geven. Meer is er ook niet nodig om een funky feestje te bouwen. De stem van zanger Husty houdt het midden tussen Steve Marriott (Small Faces, Humble Pie), Bon Scott (AC/DC) en Justin Hawkins (The Darkness). De muziek refereert naar Free, Cry Of Love, Humble Pie, The Black Crowes en Mother’s Finest. Mooi is dat de nadruk ligt op de funk elementen. Je wordt er goedgeluimd van en het laat een wat ander groepsgeluid horen dan bij recent werk van gelijkgestemde groepen als Buffalo Summer of Stray Train. rebelHot opent de feestelijkheden met ‘Shake It’ ,waarbij je al meteen je beste dansmoves mag bovenhalen. Het bijbehorende clipje is een tikje ondeugend en pikant. Bij sommige nummers komen er wat meer heavy rock, blues en southern rock invloeden de kop opsteken zoals in de akoestische versie van ‘Pray For The Rain', ’Hands Up’, ‘Hot Stuff’, de titelsong of de tegelplakker ‘Everywhere You Go’. ’rebelHot’ is een lekker, soms zwoel plaatje dat deze zomer bij warm weer de temperatuur nog wat meer de hoogte kan injagen.

Gov't Mule

Gov’t Mule
The Tel-Star Sessions
Provogue/Mascot Label Group

Er zit een nieuwe cd van Gov’t Mule aan te komen, maar ondertussen kan u zich vermaken met deze ‘The Tel-Star Sessions’. Dit zijn de opgesmukte demo’s, de allereerste van Gov’t Mule opgenomen in juni 1994. Helemaal geen minderwaardig materiaal, maar echt wel een hoogstaande verzameling moddervette, zompige songs, een succulente mix van blues en southern rock. Er schemert zelfs enige magie door in wat het triumviraat bestaande uit wijlen bassist Allen Woody, drummer Matt Abts en zanger/gitarist Warren Haynes hier neerzet. Men had toen slechts een handvol eigen nummers en met voor ogen de release van een eerste album kozen de heren voor een viertal eminente covers van enkele prominente vertegenwoordigers van de betere (blues) rock muziek. ‘Mr. Big’ van Free, ‘The Same Thing’ van Willie Dixon, ZZ Top’s ‘Just Got Paid’ en ‘Mother Earth’ van Memphis Slim. Tracks die niet te onderscheiden zijn van hun eigen materiaal en helemaal worden ingepast in de muzikale beleving van Gov’t Mule. Het drietal laat op een overtuigende en doortastende manier zijn instrumenten spreken. Stuk voor stuk eisen die hun aandeel op en zorgen tegelijk voor een heerlijk stug en rauw samenspel. Je hoort dat hier een band aan het werk is die alles in zich heeft om uit te groeien tot een wereldtopper. Ontdek en (her)beleef de eerste stappen van Gov’t Mule in het muzieklandschap van southern rock en blues waar ze nu niet meer zijn weg te denken.

Gov't Mule

Gov’t Mule
Een terugblik met het oog op de toekomst
In afwachting van nieuw werk van Gov’t Mule dook men bij Provogue/Mascot de kelder in. Ze troffen er de eerste studio opnames aan van het in 1994 vers opgerichte trio Gov’t Mule. Men maakte van de gelegenheid gebruik om deze nu uit te brengen. Wat toen begon als een low budget onderneming groeide uit tot een mega succesvolle act met vijftien albums op de teller, meer dan duizend optredens en een miljoenen verkoop. Tijd om te grasduinen en een balans op te maken en dat deden we met de immer sympathieke frontman Warren Haynes.
Paul Van de gehuchte


Overslaande vonken
Wat maakt voor Warren Haynes de opnames in de Tel-Star Studios zo speciaal?
‘Het zijn onze allereerste opnames en als ik er vandaag naar luister dan valt me meteen de wonderbaarlijke chemie op tussen ons drieën. (Naast zanger/gitarist Warren Haynes bestond de eerste bezetting van Gov’t Mule uit bassist Allen Woody en Matt Abts als drummer - PVdg). Als trio moet je elkaar echt aanvoelen, anders werkt zo een formule niet.   Het was meer dan tien, twintig jaar geleden dat ik ze nog gehoord had en als ik er vandaag naar luister tovert die muziek een grote glimlach op mijn gezicht.’

‘Het was voor die tijd ook vernieuwend, vanuit een bepaald standpunt bekeken zelfs experimenteel. We hadden een handvol nummers en aangevuld met wat covers was het de bedoeling om met weinig geld in eigen beheer een eerste plaat uit te brengen. Het pakte uiteindelijk grootser uit dan gepland. Naarmate de tijd verstreek schreef ik meer nieuwe songs. We kregen de mogelijkheid om een platen contract te tekenen en maakten gebruik van de opportuniteit die het label ons bood om met Michael Barbiero een echte producer in te huren. Iets wat helemaal haaks staat op de oorspronkelijke intenties van de Tel-Star sessies.’

‘Een aantal songs als ‘Blind Man In The Dark’, ‘Rocking Horse’ en ‘Monkey Hill’ had Haynes voordien al klaar met in gedachten hoe zijn eigen band Gov’t Mule zou klinken. In die optiek moet je ook de keuze zien van de covers die in de Tel-Star Studio zijn ingespeeld. Warren: ‘Het zijn liedjes die voor mij een speciale betekenis hebben en een eresaluut zijn aan de artiesten in kwestie. We hebben er wel een geheel eigen interpretatie aan gegeven. Als je niet van plan bent er een persoonlijke toets aan te geven heeft het niet veel zin om een song van iemand anders te coveren.’     

Een groot verlies
Het plotse overlijden van je oude vriend bassist Allen Woody (werd dood aangetroffen zittend in een zetel in zijn motel kamer in de ochtend van 26 augustus 2000 - PVdg) moet hard zijn aangekomen. Heeft die gebeurtenis je kijk op het leven veranderd?
‘Zonder enige twijfel. We kenden elkaar al jaren, waren muzikale zielsverwanten en zakenrelaties. Er vonden toen veranderingen plaats op zoveel verschillende niveaus, persoonlijk en zakelijk. De moeilijkste beslissing voor mij was doorgaan met Gov’t Mule of niet. In eerste instantie wou ik ermee stoppen. Het heeft drie, vier maanden geduurd voor ik wou denken aan een eventuele doorstart van Gov’t Mule. Het doorslaggevende argument was dat we ook zonder Allen Woody onze muziek levendig wilden houden. In gedachten zou hij altijd bij ons zijn.’


‘Ik ben in eerste instantie ook terug gaan spelen bij The Allman Brothers Band. Was Allen Woody niet gestorven dan was dat niet aan de orde geweest. We hadden beiden de groep verlaten eind maart ’97 en kozen er definitief voor om onze eigen act een kans te geven en tot zijn dood zag de toekomst van Gov’t Mule er ook heel rooskleurig uit. Mijn eerste overtuiging na zijn heengaan was dat het over en uit was voor Gov’t Mule. Toevallig kreeg ik rond die tijd een telefoontje van Gregg Allman die ook heel goed bevriend was met Allen en tijdens ons gesprek zei hij dat ik altijd welkom was mocht ik willen terugkeren naar The Allman Brothers Band. Iets wat ik in overweging nam en uiteindelijk ook deed.’

Naast Gov’t Mule heb je nog heel wat meer muzikale plannen. Voor een deel zijn die al verwezenlijkt. Met de rest ben je niet gehaast. Alles komt ter bestemder tijd?
‘Ik laat de dingen hun beloop. Ik denk dat alles gaat zoals het geacht wordt te gaan. Je kunt daar uiteindelijk zelf niet veel aan veranderen. En ver vooruit plannen? Wel, dat doe je beter niet, want er kan altijd iets onverwacht gebeuren en dan ben je eraan voor de moeite.’

Wat zijn de nadelen van de rocksterren status?
‘Ik zie mezelf niet als een rockster. Eerder als een muzikant die het nodige geluk heeft gehad om voor zijn muziek en de manier waarop hij zijn muziek brengt een geïnteresseerd publiek te vinden. Een nadeel is soms een gebrek aan privacy. Maar over het algemeen gedraagt iedereen zich erg respectvol. Ik word dikwijls herkend, doch de mensen blijven vriendelijk, zijn niet opdringerig en respecteren mijn persoonlijke ruimte. Het enige wat ze willen is hun erkenning laten blijken voor je muziek en als artiest. Dat kan ik alleen maar appreciëren.’

Een veelvoud aan gitaren
Ben je een verzamelaar? Hoe uitgebreid is je collectie gitaren en apparatuur?
‘Door de jaren heen heb ik mijn collectie zien aangroeien. Niet dat ik daar fanatiek mee bezig was en op zoek ging naar bepaalde instrumenten. Allen Woody was dat wel. Hij bezat meer dan vijfhonderd muziekinstrumenten, overwegend basgitaren. Mijn verzameling telt nu honderdvijftig à tweehonderd gitaren. Dat zijn er veel, maar als je weet dat ik daar dertig jaar over heb gedaan om die bij elkaar te krijgen dan lijkt het toch minder buitenissig.’


Hoe moeilijk is het om te kiezen op welke je gaat spelen tijdens een concert of plaatopname?
‘Wel ik heb zo mijn favorieten. Vijf of zes ervan zijn min of meer onmisbaar en de overige gitaren worden gekozen in functie van het variëren in muziekstijl of wanneer ik op zoek ben naar een specifiek geluid of effect. En dan zijn er nog waar bijna nooit op wordt gespeeld. Maar, ik ben niet van plan er van de hand te doen of te verkopen. Ook al nemen ze heel wat plaats in beslag en vraagt het tijd om ze te vrijwaren en in prima staat te houden.’  

Een zoon als hobby
Hoe ziet voor jou een dag eruit als je niet met muziek bezig bent?
‘Ik heb een zoontje van vier en een half jaar, een enig kind en al mijn vrije tijd breng ik met hem door. Dus ofwel ben ik thuis of ergens onderweg en hard aan het werk. Het is ofwel familie of werken, voor iets anders is er geen tijd.’

Als hij ouder is zou je hem aan- of afraden om in de muziek business te stappen?
‘Hij heeft alleszins iets met muziek. Hij heeft gevoel voor ritme en toonhoogte, ook al is hij nog zo jong. Ik zou hem niet stimuleren om iets met muziek te doen, maar als hij dat echt zelf zou willen dan sta ik helemaal achter zijn keuze en zal ik hem zoveel mogelijk proberen te helpen. Mijn vrouw en ikzelf zijn er voor beducht om hem te veel in de muziekrichting te duwen, maar hij gaat er zelf naar op zoek. Ook al omdat hij geconfronteerd wordt met mijn ervaringen en mijn leefwereld vol van muziek. Het zit hem in de genen denk ik.’

‘Wat hij doet of al wat hem interesseert daar kijk ik met belangstelling en verwondering naar. Het is raar dat, nu ik zoveel mogelijk tijd probeer samen te zijn met mijn zoon er ook heel wat herinneringen uit mijn eigen jeugd terug aan de oppervlakte komen. Ik kan terug genieten van sport, wandelen in het park, speeltuinen, hem leren fietsen, allerhande speelgoed, gaan zwemmen. Hij houdt ook van turnen. Hij doet heel wat uiteenlopende dingen en het is leuk om daar ook als gezin in mee te gaan en er deel van te mogen uitmaken. Mijn zoon is mijn enige, echte hobby vrees ik (lacht).’


Liever geen Trump
De verkiezingen komen er aan begin november. Is politiek iets wat je bezighoudt?
‘Het merendeel van de songs die ik schrijf zijn niet politiek gerelateerd en toch staan er op elk album toch twee of drie nummers waarin politiek aan bod komt. Zoals het er nu voorstaat heb ik vooral angst. Ook met wat er in de rest van de wereld allemaal omgaat. Wat mij in de VS zorgen baart is de ‘fear factor’ en de waarop Donald Trump dit gebruikt of eerder misbruikt om te proberen de verkiezingen te winnen. Ongeacht of het gaat om godsdienst, kleur of achtergrond probeert hij groepen mensen tegen elkaar opzetten. Ik voel me daar heel ongemakkelijk bij. Ik hoop dat het allemaal goed komt. Ik denk niet dat Trump ooit president wordt. Al moeten we ons ook voorbereiden op dat scenario. Ik had bijvoorbeeld nooit gedacht dat George W. Bush president kon worden en dat zelfs voor twee ambtstermijnen. Ik was toen ook heel erg ongelukkig en ontgoocheld.’

Mocht Trump verkozen worden; kan het Amerikaanse congres dan niet als een soort van regulator optreden en zijn macht aan banden leggen?
‘Het congres en in feite ons hele kiessysteem is zo inadequaat en ontoereikend dat het helemaal vernieuwd moet worden. Een belangrijke component die de Amerikaanse politiek en het politiek systeem beheerst en in stand houdt is geld. Dat moet eruit. Er worden nu miljarden dollars besteed aan campagnes. Dat is gewoon absurd en totaal zinloos. Behalve  voor de enkelingen die er garen bij spinnen. De laatste veertig, vijftig jaar heeft men een systeem ontwikkeld dat waarbij de corruptie alleen maar is toegenomen. Nee, geld mag niet langer een factor zijn die verkiezingen en/of de politieke agenda bepaalt.’    

Als ik je dit mag vragen: ben je gelovig? Wat is je mening over religie in het algemeen? 
‘Nee, ik ben niet gelovig, niet in de zin dat ik me aangetrokken voel of actief deelneem aan één van de georganiseerde godsdiensten. Ik heb zo mijn eigen visie op spiritualiteit. Het is een feit dat religie door de eeuwen heen verantwoordelijk is voor heel wat menselijk leed en schade. Dit zou bespreekbaar moeten zijn en men zou er op een volwassen manier mee moeten kunnen omgaan. We zouden er lessen uit moeten trekken. Maar ik vrees dat dit een proces is van lange duur. Iedereen zou moeten in de mogelijkheid zijn om zijn geloof te kunnen belijden in alle vrijheid en met het nodige respect voor iemand anders zijn overtuiging. Een intuïtieve levensstijl kan mooi zijn. Zoals het er vandaag aan toegaat zijn godsdiensten in hun huidige vorm gevaarlijk en bedreigend voor alle andersdenkenden.’

En welke zijn je goede en slechte eigenschappen?
‘Ik denk dat dit iets is dat ik liever voor mezelf hou en niet ga delen met de rest van de wereld. Maar ik werk eraan, elke dag (lacht).’


Je hebt al een indrukwekkend parcours afgelegd. Is er nog iets dat je absoluut wil verwezenlijken?
‘Ik heb nog nooit en echte blues plaat gemaakt. Een ander idee is een op jazz gebaseerd instrumentaal album. Ik wil nog zeker een vervolg breien aan ‘Ashes & Dust’ met opnieuw de focus op het singer-songwriter aspect. En er is het heuglijke feit dat er een nieuwe Gov’t Mule langspeler zit aan te komen, iets waar ik persoonlijk heel enthousiast over ben. En dan zijn er nog een aantal artiesten waar ik graag eens mee zou samenwerken. Nu is het nog te vroeg om daar meer over te zeggen, doch als het juiste moment zich aandient zal daar verder over gecommuniceerd worden.’


‘Dit jaar zal ik ook veel op tournee zijn. Eerst is er de Jerry Garcia Symphonic Celebration, daarna komt er een Europese rondreis met de ‘Ashes & Dust’ band waarbij we het gelijknamige album voorstellen en dan terug naar de States om de release van het nieuwe Gov’t Mule en de bijbehorende toer voor te bereiden. Het is heel wat, maar als je zoals ik mag doen wat je graag doet, dan is het allemaal geweldig en prijs ik me gelukkig.’