zaterdag 13 juli 2019

Bèta

Bèta
Bèta
Eigen Beheer

Alternatieve rockband uit het West-Vlaamse Heule. Opgericht in 2016 heeft het viertal gaandeweg live ervaring opgedaan met een heuse rondgang langsheen de Vlaamse jeugdhuizen en concertzalen. Op die manier hebben ze zichzelf helemaal klaargestoomd om dit jaar een eerste album uit te brengen. Daarvoor werd in oktober 2018 gestart met een crowdfunding actie die succesvol werd afgesloten. Eind dat jaar werden dan de opnames afgerond in de Closed Sessions Recording Studio in Roeselare. De groepsleden vormen een (h)echt geheel en hebben elk een treffende speelstijl. De vette, soms ronkende baslijnen van Johnny Villez en de energieke drumpatronen van Jon Huyghe maken onderdeel uit van een afgemeten en strak groepsgeluid waarin ook gitarist Jonas Cottyn en zanger Joris Waegebaert hun eigen accenten aan bijdragen. Je hoort dat het viertal gepassioneerd bezig is met muziek maken. Een interessant gegeven is de introductie van tekstsamples die de thematiek van de song verder uitdiepen zoals in ‘Girls Go Catwalk’, ‘Circus Freak’, ‘Spectre’, ‘Roots’ en ‘Stormy Weather’. Het mag ook geen gewoonte worden, want dan wordt het voorspelbaar. Dus graag in kleine en treffende hoeveelheden. Tot het betere werk behoren het felle ‘Netebuk’ waarin kwistig met gitaareffecten wordt omgesprongen, ‘Wacko Lover’ en het pittige ‘Circus Freak’. Aan de andere kant van het spectrum vinden we het wat slappe ‘Running Away’. Ook in ‘Girls Go Catwalk’ gaat men wat aan het zwalpen. Toch zien we deze plaat als een veelbelovend debuut. Mocht je de kans krijgen om Bèta live aan het werk te zien: zeker doen.

Jacob’s Fall

Jacob’s Fall
The War We Miss?
Woodhouse

Producer Siggi Bemm is niet van de minste. De man kan een indrukwekkend lijstje voorleggen van artiesten die hun plaatjes in zijn Woodhouse studio hebben opgenomen. Ook de Duitste band Jacob’s Fall mag daar nu aan toegevoegd worden. Bemm vindt ze een geweldige band, met een uitstekende zanger en zeer originele liedjes. Ik vraag me af of we naar dezelfde groep/plaat hebben geluisterd. Ik ben zo vrij er een andere mening op na te houden. Zanger Christian Faust (ex-My Insanity) doet zijn stinkende best, daar niet van. Ik ben gewoon geen fan. Hij klinkt zeurderig en dikt dit nog aan met een te veel aan pathos. Als je daar bovenop als thema’s kiest voor de mislukking en het eigen verlangen naar de ondergang van de mens, dan wordt het pas echt aandoenlijk. Wat stijl betreft situeert Jacob’s Fall zich ergens midden gothic en symfonische metal plus een injectie dark rock (HIM, End Of Green, Zeraphine). Toch een vijftal nummers halen de middenmoot of zitten er net boven (‘Come With Joseph’, ‘Don’t Cry’, ‘Ministry Of Truth’, ‘World Down’ en ‘New Scene’). Bedroevend zwak zijn ‘I Need My Girl’, ’Escape To Gravity’ en ‘You’. Wie Jacob’s Fall zegt, zegt ook Jakobsladder (de groep verwijst in de bio naar het visioen en de film). De muzikanten van Jacob’s Fall hebben hun klim aangevat, maar helemaal tot boven geraken zit er bijlange niet in. Ik zie ze eerder ter plekke blijven trappelen of zelfs een paar treden zakken.

The Dead Sound

The Dead Sound
Cuts
Crazysane
Begonnen als een soloproject van zanger/gitarist en liedjesschrijver Karl Brausch (Love A, Matches). Twee jaar had hij nodig om de negen tracks neer te pennen. Opnemen deed hij ook al in zijn eentje in de beslotenheid van zijn eigen huis. Om zijn songs live te kunnen spelen zocht en vond de frontman in basgitarist Dominik Mercier, zijn kompaan van bij Love A en Matches en drummer Lars Borrmann (ex-Freiburg) twee muzikanten die wel heil zagen in een postpunk revival avontuur. Het trio sluit aan bij bands als Interpol, Kasabian, Franz Ferdinand, The Rapture en The Strokes. Om het oorspronkelijke groepsgeluid te situeren moet je even terug in de tijd en kom je terecht bij oude bekenden uit de postpunk en shoegaze era als The Jesus And Mary Chain, Josef K, The Sound, The Chameleons en The Comsat Angels. Brausch heeft daarmee zijn zaakjes op orde, want ‘Cuts’ snijdt diep. De echo’s uit dat illustere tijdperk resoneren door de luidsprekers. Het merendeel van de songs klinkt dankzij de nasale stem van Karl, de galm effecten, drummachines en synthesizers onderkoeld, maar ook dynamisch. Ze winnen moeiteloos aan populariteit naarmate ze zich in het hoofd nestelen. Neem er nog de donkere randjes en psychedelische hints bij en je hebt een fijne soundtrack voor een zwarte jassen festijn.

The Chasing Monster

The Chasing Monster
Errant
Antigony
Tweede plaat voor de Italiaanse postrockers van The Chasing Monster die in 2017 debuteerden met het album ‘Tales’. De titel ‘Errant’ verwijst naar hun zoektocht naar nieuwe uitdagingen, het verleggen van grenzen en het zwerven van de ziel. De dramatische vertelkracht van de songs op hun eersteling krijgt hier geen verlengstuk. De band spitst zich meer toe op de dynamiek en het melodieuze aspect door elk van de zeven songs apart en individueel in te kleuren met telkens onverwachte wendingen in tempo en geluidssterkte. Alle instrumenten krijgen ook hun gelijkmatig verdeelde aandacht. Een verademing binnen het genre is de inbreng van synthesizers die door Francesco Di Marco worden ingespeeld. Ze zijn genre overstijgend met links naar progressieve rock en zelfs krautrock. Heel sterk is ook de kracht die van de uitsluitend instrumentale nummers uitgaat en waarbij men daadwerkelijk een beeld probeert te schetsen van de zeven afzonderlijke titels. De traditionele postrock kenmerken blijven uiteraard alom tegenwoordig. Een van de topmomenten op deze ‘Errant’ zijn het opzwepende en bijtende ‘Shambala’ (de naam van een mythisch koninkrijk dat wordt vernoemd in het hindoeïsme en het Tibetaans boeddhisme). Ook ‘The Great Climb’ en ‘Beneath The Dessert’ zijn met bravoure gebrachte nummers. The Chasing Monster is een groep die dwaalt, maar dan in positieve zin.

Oh Hiroshima

Oh Hiroshima
Oscillation
Napalm

Oh Hiroshima is een postrock band uit Kristinehamn, Zweden. Opgericht in 2007 door gitarist Leif Eliasson en Jakob Hemström (zang en gitaar). Met de release van hun eerste ep 'Empty Places Full Of Memories’ in de pijplijn werd de bezetting uitgebreid met Hemström zijn jongere broer Oskar die de positie van basgitarist kwam invullen. In 2011 zouden ze dan met ‘Resistance Is Futile’ een eerste volwaardige langspeler uitbrengen. In diezelfde periode werd een vierde lid ingelijfd. Simon Axelsson nam de rol van Oskar over. Die op zijn beurt zou voortaan de drums voor zijn rekening nemen. Het duurde vier jaar voor ze met een opvolger op de proppen kwamen (‘In Silence We Yearn’). Nog eens vier jaar later is ‘Oscillation’ een feit. De groep werd intussen afgeslankt tot een trio, want mede-oprichter Leif Eliasson verliet midden 2018 de band. Oh Hiroshima grossiert in rijk gestoffeerde geluidslandschappen. Ze verliezen zich echter niet in de doorgaans gebruikelijke, langdradige en dromerige instrumentale nummers. Hun songs zijn merendeel compact en hebben dynamische en temperamentvolle structuren. Alleen met ‘In Solar’ treden ze even in de voetsporen van veel van hun stijlgenoten. Het stemtimbre van zanger/gitarist Hemström is nogal zweverig en hij fluistert meer dan hij zingt, maar dat doet helemaal geen afbreuk aan de liedjes. Integendeel, het onderlijnt de doortastende en energieke manier van spelen. Als Oh Hiroshima telkens zo een puike plaat aflevert, dan wil ik gerust nog eens vier jaar wachten op hun volgende exploot.

Lazybones Flame Kids

Lazybones Flame Kids
Beyond
Antigony

Vijf man sterke Italiaanse postrock band die in maart 2016 debuteerde met het album ‘L.F.K’. In principe een instrumentaal combo wil het vijftal ook wel zijn verhalen en frustraties kwijt door te vertellen, te fluisteren of te schreeuwen. Dat is het geval in ‘That One Is Cacus’, ‘Morning Hope’ en ‘Will There Be An End’. Tekst en zang in ‘Seven Kings Of Rome’ zijn voor rekening van Miles Cooper Seaton (Akron/Family). De op klassiek leest geschoeide postrock van deze Italianen bevat weinig epaterende elementen. De sfeer en emoties zijn gemeenzaam en herkenbaar. Op het juiste moment heb je de muziek die crescendo gaat en passeren de repetitieve arpeggio’s. Uitschieters zijn het eerder genoemde ‘That One Is Cacus’ en het bijna metal epos ‘A Part Of You’. Met ‘Beyond’ blikt Lazybones Flame Kids terug op hun tot nu toe afgelegde parcours. De overwonnen obstakels, het leren omgaan met je beperkingen, het actuele proces van zelfrelativering. Voor hen de inspiratiebronnen om door te gaan en reikhalzend uit te kijken naar wat hen nog te wachten staat. Hoop vinden in wanhoop. Een nobel doel, maar dan gaan ze toch een tandje moeten bijsteken.

Lacrimas Profundere

Lacrimas Profundere
Bleeding The Stars
Steamhammer/Oblivion/SPV

Begonnen in 1993 als een death en doom metal band (toen nog met Dark Eternity als naam) evolueerde deze Duitse band richting gothic metal en gothic rock. Hun laatste wapenfeit ‘Hope Is Here’ dateert intussen van 2016. Twee jaar later volgde de aankondiging dat zanger Roberto Vitacca de band zou verlaten. In geen tijd hadden ze met Julian Larre (eveneens actief in Lessdmv) een vervanger aangetrokken. Lacrimas Profundere heeft momenteel een trio bezetting met naast Larre oudgediende en medeoprichter Oliver Nikolas Schmid (gitaar, basgitaar en toetsen) en op drums Dominik Scholz die al eens van de partij was op het in 2013 verschenen ‘Antiadore’. Achter de schermen blijft ook Christopher Schmid (ex-zanger, liedjesschrijver en broer van Oliver) een cruciale rol spelen. De groep besliste om met ‘Bleeding The Stars’ terug aan te sluiten bij hun originele groepsgeluid, doch met het behoudt van hun succesformule van dark en gothic rock. Producer Kristian ‘Kohle’ Kohlmannslehner (Hämatom, Powerwolf, Aborted) was de man die als bruggenbouwer dienst deed tussen de oude en huidige Laccrimas Profundere sound. En dat heeft de man keurig gedaan. Zanger Julian zijn timbre sluit nauw aan bij dat van Christopher destijds en hij schakelt vlotjes over van gewone zang naar grauwende grunts en omgekeerd. Rest de kwaliteit van het songmateriaal. Daar vallen weinig verrassingen te noteren. Geen enkel nummer slaat je met verstomming of stelt teleur. De sterrenstatus blijft voorlopig wel te hoog gegrepen. 

Cherubs

Cherubs
Immaculada High
Relapse

Na een korte, maar explosieve passage (1992-1994) met twee elpees, maakte dit trio uit Austin, Texas in 2014 een comeback met het album ‘2 Ynfynyty’. In 2016 volgden nog een ep (‘Fist In The Air’) en ‘Ink Obscene Archaic Gutter Memes’ een split single met Gay Witch Abortion With Haze XXL. Voor hun vierde langspeler trok het cult noise rock drietal met Erik Wofford (The Black Angels, My Morning Jacket, Explosions In The Sky) naar de in hun thuisstad gevestigde Cacophony Studio. Het elf nummers tellende ‘Immaculada High’ doet hun reputatie alle eer aan. De songs zijn rommelige vehikels doordrenkt van feedback, gierende en jankende gitaren, snoeiharde en gruizige riffs, doordringende en schreeuwerige zang met als topping een vleugje psychedelische stennis. Tussen het kabaal en de stampij laverend kom je terecht bij een paar solide songs (Sooey Pig’, ‘Tigers In The Sky’, het op een LSD wolk drijvende ‘IMCG’ en ‘Pacemaker’). Wie fan is/was van pakweg Big Black, The Butthole Surfers, The Jesus Lizard, Melvins of Scratch Acid zal in zijn nopjes zijn met ‘Immaculada High’ van deze drie kwaadaardige, luidruchtige en malicieuze cherubijntjes.

Jaz Coleman / Deflore

Jaz Coleman / Deflore 
"Party In The Chaos" EP
Subsound

Het Italiaanse duo Christian Ceccarelli (basgitaar, grooves, samples en synthesizers) en Emiliano Di Lodovico (gitaar, synthesizers en radio(?)) vormen samen sinds het jaar 2000 de band Deflore. Sporadisch brengen ze een album uit. Tot op heden hebben ze er vier in de kast staan plus een split ep. Het is een act die vooral een underground status geniet. Daar komt nu verandering in, want enkele jaren geleden stonden ze als voorprogramma op de planken in hun thuisstad Rome voor het legendarische Killing Joke, dat dit jaar zijn veertigste verjaardag viert. Frontman Jaz Coleman was erg gecharmeerd met de prestatie van Deflore. In die mate dat hij graag met hen eens wou samenwerken. In december 2017 was het eindelijk zo ver. De uitkomst van dat onderonsje, een drie nummers tellende ep, ‘Party In The Chaos’ is nu te koop. De titelsong is meteen een knaller. Het verband leggen met de kunstjes van Killing Joke is onvermijdelijk. Toch heeft deze track veel in zijn mars. De explosieve mix van electro, industrial en noise maakt een verpletterende indruk. Het tweede nummer is van een heel ander kaliber. In ‘Sunset In The West’ trekt Deflore het laken helemaal naar zich toe. Het is een instrumentale track die in zeven minuten een landschap te voorschijn tovert van weidse vergezichten, maar waar het ook al eens kan stormen. Futuristisch, scifi, cinematografisch en vooral heel mooi. In ‘Transhuman World’ is Jaz opnieuw prominent aanwezig. Naast Killing Joke weet het drietal op een subtiele manier invloeden van andere artiesten te laten infiltreren. Het is een meesterlijk draconische song. Deze ‘Party In The Chaos’ is zo één van die plaatjes die een beetje magie uitstralen. Het is misschien wat overdreven, want het betreft hier slechts een ep’tje. Toch zijn we al meteen fan.

Gov't Mule

Gov't Mule 
Bring On The Music - Live At The Capitol Theatre
Provogue

Gov’t Mule, opgericht in 1994, mag dit jaar zijn vijfentwintigste verjaardag vieren. Een manier om een kwarteeuw Mule in de verf te zetten is de eerste verfilming van een paar Gov’t Mule shows. Ze kozen daarvoor als locatie het Capitol Theatre in Port Chester, New York. Sinds de heropening in 2012 was Gov’t Mule daar al meermaals te gast en speelde er een aantal memorabele concerten. Als regisseur kozen ze voor oude rot in het vak Danny Clinch. Ook al een voor de de hand liggende keuze, want Danny was vanaf het prille begin de huisfotograaf van de band. Eén van zijn eerste iconische foto’s is die van de ezel gehuld in de Amerikaanse vlag die de hoes siert van hun debuut elpee. De titel voor deze release ontleenden ze aan het gelijknamige nummer terug te vinden op de dubbelaar ‘Shout!’ (2013). De groep bracht al ettelijke live albums uit en die leveren het bewijs: geen twee Gov't Mule optredens zijn identiek. Het viertal Warren Haynes (zang, gitaar), Matt Abts (drums), Danny Louis (keyboards, gitaar en zang) en Jorgen Carlsson (basgitaar), soms bijgestaan door gastmuzikanten, creëert en staat telkens garant voor een unieke ervaring. Als je kunt kiezen uit een catalogus van driehonderd nummers heb je zo al wat meer armslag. Gov’t Mule staat ook bekend om zijn lange solo’s, live jamsessies en covers (deze keer kiezen ze voor The Police). Van hun meest recente studioplaat ‘Revolution Come… Revolution Go’ (2017) lichtten ze zes tracks. Staat Gov’ Mule geboekstaafd als een southern en blues rock band dan merk je hier dat ze een wijder spectrum ambiëren, want ook psychedelische rock, hardrock, country en funk hebben ze in de vingers. Het is niet altijd vanzelfsprekend om uit het royale aanbod van zesentwintig nummers die ze hier brengen favorieten naar voor te schuiven. Daar horen zeker ‘Dark Was The Night, Cold Was The Ground’, ‘World Boss’ en ‘Mr. Man’ bij, doch ook tal van andere liedjes krijgen hier een gedenkwaardige uitvoering. ‘Bring On The Music - Live At The Capitole Theatre’ bevat nog enkele extra’s met het ontroerende ‘Travelling Tune’ (Warren Haynes solo), ‘Soulshine’ (opname van de repetitie) en een fotogalerij met uniek fotomateriaal. Tussen de songs door verwerkt Clinch ook korte fragmenten uit interviews, fans die aan het woord komen en beelden van ‘achter de schermen’. ‘Bring On The Music - Live At The Capitole Theatre’ komt er in verschillende formats met als meest opvallende de gekleurde (purper en blauw) vinylplaten en als absolute uitschieter de gemarmerde versie in een beperkte oplage van duizend stuks.

Bantha

Bantha
Kinstugi
Eigen Beheer

Ik kan het niet genoeg blijven herhalen: ik heb de grootste bewondering voor muzikanten. Zij hebben een talent waar het mij totaal aan ontbreekt. Ik kan geen enkel instrument bespelen en zingen kan ik ook niet. Ik heb meerdere malen geluisterd naar ‘Kinstugi’, de eerste volwaardige langspeler van deze vijfkoppige band uit Izegem, West-Vlaanderen. In de hoop dat ik mij vergiste, maar helaas. De songs op zich kunnen er nog mee door, maar met de zang zit het niet goed. Komt het omdat ze ervoor hebben gekozen om de plaat op te nemen in een grote studio (Room 13)? Wie zal het zeggen? Feit is dat zanger/gitarist Lode De Backer erg onzeker overkomt. Het wordt iets beter als hij ondersteuning krijgt van zijn dochter Lore (in ‘9:15’) of wanneer de andere gitaristen, Giovanni Seynhaeve en/of Pieter-Jan Batsleer, bijspringen. Het uitgangspunt en het verhaal rond ‘Kinstugi’ is heel erg mooi, net als Bantha hun intenties. Maar de realiteit valt niet te ontkennen en moet je durven onder ogen zien. Bantha maakt hier geen al te beste beurt. 

woensdag 10 juli 2019

Parallel Minds

Parallel Minds
Every Hour Wounds… The Last One Kills
Pitch Black Records

Het Franse metal combo Parallel Minds wordt geleid door twee muzikanten met een gemeenschappelijke visie: zanger Stéphane Fradet en gitarist Grégory Giraudo. Het duo droomt van het maken van grootse metal platen. Hun tweede worp ‘Every Hour Wounds… The Last One Kills’ is  typisch voor de stijl die ze aanhangen. Heavy en groovy metal vermengt met thrash en een streep progressieve metal. De ex-drummer van Dagoba, Franky Constanza nog van de partij op Parallel Minds hun eersteling ‘Headlong Distaster’ heeft hier de fakkel doorgegeven aan Eric Manella, één van zijn meest getalenteerde leerlingen. Als bassist werd ook nog Antoine Kerbrat ingehaald. Het viertal doet het niet onaardig. De speelstijl is energiek en bevlogen. Melodieuze passages worden afgewisseld met meer driftige fragmenten. Ook de zang wisselt af op dezelfde manier, zij het minder overtuigend. Het klinkt allemaal nogal krampachtig en moeizaam. Onder meer in ‘The 52Hz Whale’ en ‘Amerinds’ holt frontman Fradet achter de feiten aan. ‘Syria’, wat het pronkstuk zou moeten zijn en wordt ingezongen door gastvocalisten Kobi Farhi (Orphaned Land) en Yossi Sassi (Yossi Sassi Band, ex-Orphaned Land) maakt, ondanks de thematiek, een flauwe indruk. Ook het van Savatage geleende ‘Tonight He Grins Again’ en een reprise van ‘Syria’ als bonustracks geven geen meerwaarde aan het geheel. Aan de passie waarmee ze musiceren en het technisch vakmanschap valt er weinig aan te merken, doch om boven de middelmaat uit te steken zal Parallel Minds toch uit een ander vaatje moeten tappen.

Feverdreamt

Feverdreamt
Melantant
Blackjack Illuminist Records

Feverdreamt is het soloproject van Alexander Leonard Donat. ‘Melantant’ is na ‘Terban Te Ban’ (2015) zijn tweede release. Donat weet een uniek groepsgeluid bij elkaar te sprokkelen uit een grote diversiteit aan stijlen en genres. Het erbij horende verzonnen verhaal is eveneens ongewoon. De Aarde is in puin en de mens gaat op zoek naar een nieuwe thuisplaneet. Die missie lukt en een paar eeuwen later wanneer de oude wereld al lang is vergeten sturen wetenschappers een ruimtetuig naar een door hen ontdekte blauwe planeet. Daar vinden ze midden de restanten van een stad in de woestijn een flashdrive. Ze slagen erin om die af te spelen en stuiten op een hartverscheurend verhaal. In de video zien ze twee geliefden die ronddwalen in een soort van trance. Hun geest lijkt te zijn geherprogrammeerd in een totalitaire maatschappij waar elke dissidentie in de kiem wordt gesmoord. De muziek die erbij hoort is mysterieus. Een treurende en jammerende stem zingt in een taal die niemand meer begrijpt. Romantiek, melancholie, fantasie gaan hier hand in hand met claustrofobie, een onderkoelde stroom aan geluiden, betovering en huivering. Het jeremiëren en klagen is typerend voor Alexander zijn manier van zingen. Niet direct iets waar ik van hou, doch de versmelting met Arabische muziek, gothic, krautrock, folk, ambient en shoegaze maakt veel goed. Enkele nummers zijn fraai van opzet zoals opener ‘Xhanta’, ’Antreban Ton’ en het dreigende ‘Saeuk’. Je kan Donat weinig verwijten. De man is creatief en innovatief en ‘Melantant’ is zonder meer een merkwaardig album. Maar het gevoel te zitten luisteren naar tien bijna evangelische klaagliederen maakt me toch een beetje misselijk. 

Spoelstra

Spoelstra
West Side Story Winner Of Ten Academy Awards
Narrominded

Als kind luisterde ik naar de platen van mijn ouders. Naast jazz en popicoon Nat King Cole en Harry Bellafonte, ook wel bestempeld als ‘King Of Calypso’ zaten ook de Ray Conniff Singers, Bing Crosby en de soundtrack van de film ‘West Side Story’ in het aanbod. Die laatste werd nu onder handen genomen door de Nederlandse muzikant Spoelstra (echte naam Jeroen Warntjes). Het is een album dat thuishoort in de ‘Retro Retry’ reeks van Narrominded. De andere twee zijn ‘Evol’ van Sonic Youth en ’Another Green World’ van Brian Eno die door respectievelijk noise rock bands en elektronische musici al eens door de mixer werden gehaald. Dat Spoelstra eigenwijs is, lef heeft en niet aan zijn proefstuk toe is blijkt uit eerder uitgebrachte releases. Zo is er een cd over het internet (‘The Almighty Internet’) en wat we al of niet met die stroom aan informatie moeten aanvangen, een cassette als aanhangsel van een tweehonderd pagina’s tellend boek over paletten (‘Pallets’) plus een vinylplaat waarbij je alles te weten komt over sport en financiën (‘Sports And Finance’). De weg die Spoelstra bewandeld met ‘West Side Story…’ ligt in het verlengde van al die titels. De originele muziek is soms vaag te herkennen, maar verdwijnt meestal in het grotere geheel door een veelvoud aan instrumenten als gitaar, synthesizers, drums, samplers plus effecten en genres gaande van noise rock, math rock over avant-garde, blues en electro tot en met psychedelica of country. Ik denk dat alleen Spoelstra weet waar hij naartoe wil met zijn interpretatie van ‘West Side Story’. Toch heb ik het moeilijk om zijn voorstellingen van de liedjes van de musical/film te verteren. Hij hangt een vorm van radicaal musiceren aan waarbij alles in vraag wordt gesteld. Alleen blijf je als luisteraar met de gebakken peren zitten en heb ik althans geen flauw idee van wat ik hiermee moet aanvangen.

Carneia

Carneia
Voices Of The Void
Eigen Beheer

Met ‘Voices Of The Void’ is Carneia toe aan zijn vierde release. Deze Belgische post-metal formatie heeft met zanger Jan Coudron (zie ook King Hiss) een bevlogen frontman in de rangen die bewijst een breed gamma aan te kunnen gaande van gewone zang tot grunts. ‘Voices Of The Void’ is een conceptplaat. Een ouder wordende, gekwelde man - een ‘eenzame wolf’ - zoekt een uitweg voor zijn getormenteerde ziel. Traumatische ervaringen, innerlijke demonen blijven zijn leven beheersen. Zal hij geruisloos opgaan in het grote geheel of vindt hij toch zijn plaats in de maatschappij? De muziek op deze ‘Voices Of The Void’ is heel levendig en scherp, doch ook zwaar op de hand. Het viertal probeert het post-metal genre wat breder uit te smeren door er elementen uit andere stijlen aan toe te voegen. Zo heb je de stoner/death metal pletwals van het door grunts gedomineerde ‘Alter Ego’ en het dampende rock epos ‘Black Coffee’. ‘Shadow Man’ is reggae getint en maakt ook ommetjes richting grunge. Erg goed zijn de twee meest toegankelijke songs, ‘Anthem For The Wasted’ en ‘Blood And Candy’. Vooral die laatste is pakkend en geschikt om rondjes te draaien bij de betere radiostations. ‘Epilogue’ is doom, drone en industrial in één. Het meest indrukwekkend is echter ‘The Hangman’ met zijn diepgravende riffs, potige ritme en krachtige zanglijnen. Carneia bijt zich hardnekkig vast in het uitstippelen van een tegendraads parcours met dit beklemmend en duister werkstuk als doortastend bewijs.    

Manu Louis

Manu Louis
Cream Parade
Igloo Records

Manu Louis is een Belgische onderdaan en een ondernemend muzikant die in Berlijn woont en tijdens de winter in Spanje verblijft. Vroeger speelde hij bij Funk Sinatra en The Gardening, maar sinds het succes met een eerste single ‘Tchouang Tseu’ (2015) en zijn volwaardige debuut ‘Kermesse Machine’ een jaar later kiest hij ervoor om op de solotoer te gaan. Al blijft hij wel nog muziek componeren voor andere artiesten als Orchestra Vivo, L’Orchestre de chambre de Liège en Plastic Fanfare. De laatste twee jaar stond hij op podia in Europa en Azië en speelde meer dan tweehonderd shows. Met zijn tweede album ‘Cream Parade’ neemt Manu onze afhankelijkheid van technologie en de heerschappij, het gebrek aan controle en oppervlakkigheid van de sociale media op de korrel. ‘Saxophone’ is een korte introductie met inderdaad een saxofoon. Saxofonist Greg Tirtiaux verleent zijn medewerking op een aantal nummers net als zangeres Heidi Heidelberg en de Braziliaanse percussionist Nyllo Canela. Daarna volgen met ‘Internet’ en ‘Efface’ twee heel sterke dansnummers. Het smachtende ‘Data Farm’ is een met pathos omhangen chanson over de gevoeligheden rond het verzamelen en al of niet delen van data. Een kort instrumentaaltje en het meer hoekige ‘President’ vormen de aanloop naar opnieuw een hippe danstune, ‘The Screen’. ‘Internet’s Farewell’ klinkt als een vervolg op ‘Data Farm’ en afsluiter ‘Tardigrade’ neemt je andermaal mee op de dansvloer. ‘Cream Parade’ klinkt bij momenten erg funky en blits, maar ook een tikje treurig in de tragere songs. Maar wie houdt van wat muzikale afwisseling komt hier zeker aan zijn/haar trekken.    

Basic Rhythm

Basic Rhythm
On The Threshold
Planet Mu

Dat de in Londen residerende Anthoney Hart (eveneens actief als East Man en Imaginary Forces) van origine een DJ is valt andermaal te horen op zijn derde langspeler (de eerste voor het Planet Mu label) ‘On The Threshold’. Hart combineert zijn kennis van de Britse dansmuziek uit het verleden met een frisse en vernieuwende kijk op de hedendaagse dansscène. Drum-’n-bass, techno, hardcore en house gaan hier samen met UK garage, jungle, IDM en grime. Anthoney kent ook zijn klassiekers en in zijn werk zitten subtiele verwijzingen naar soul en jazz. Het album begint met ‘St. Fabian Tower’, vernoemd naar het nu gesloopte torenblok in Chingford waar Anthoney vroeger DJ was voor Rude FM (opgericht in 1992 en één van de langst lopende en nog steeds actieve internet radiostations). Hart is dan ook helemaal thuis in het wereldje van radiopiraten en ravers. ‘On The Threshold’ bestrijkt een breed spectrum met als rode draad dominante baslijnen en heftige drumpatronen die de verschillende stijlen en genres ondersteunen. Anthoney gunt zichzelf ook de ruimte om te experimenteren en te improviseren. Toch blijft de focus gericht op het beweeglijke, dansbare en avontuurlijke gegeven eigen aan deze muziek. De plaat zit vol trucs en tricks zonder het eigentijds karakter uit het oog te verliezen. Tot de hoogtepunten rekenen we het futuristische ‘Buss It’, het kletterende ‘Fi Di Gyal’, het hypnotiserende ‘The Light’ en het jazzy ‘Yeah, I Like It’.

Monsta

Monsta
Monsta III
Opa Loka Records

Monsta is het soloproject van basgitarist en producer Boaz Bentur. In thuisland Israël is hij ook bekend als groepslid van Tiny Fingers, Octans en van andere samenwerkingen met lokale en internationale artiesten. 2018 was voor Bentur een erg productief jaar met de release van de ep ‘Neptune’ en een drieluik van live in woonkamers en op speciale locaties gespeelde sessies van psychedelische en meditatieve muziek: ‘Deep Dive Sessions 1, 2 & 3’. Het laatste deel wordt nu ook als ‘Monsta III’ uitgebracht op cd. De plaat bestaat uit twee lang uitgesponnen tracks van respectievelijk achtentwintig en op zes seconden na zevenendertig minuten. Het eerste deel ‘A3’ stijgt op uit het niets en begint nauwelijks hoorbaar. Langzaam zwelt het volume aan en ontplooien zich een reeks van repetitieve drones die echoënd gestaag de ruimte innemen. De zweverige ambient textuur is zeer rustgevend. Het stuk groeit uit tot een geheel van uit vele lagen opgetrokken galmende tonen. Naast het kalme en vage aspect gaat er van deze compositie mede door de donkere inkleuring een licht dreigend en onbehaaglijk effect uit. Van een geheel andere orde is de tweede track ‘B3’. De toon is meer teder, lichter en luchtiger. Je wordt er door omarmt en geknuffeld en er daalt een zekere tevredenheid over je heen. De muziek op ‘Monsta III’ geeft je de mogelijkheid om zowel lichamelijk als geestelijk tot rust te komen of in een staat van meditatie. Volgens de maker mag je er van alles bij doen (koken, yoga, autorijden, werken) of juist helemaal niets. Boaz raad ook aan het volume vrij laag te houden, gewoon omdat de fragmenten zo zijn ingespeeld. Een bruikbare tip die we niet in de wind slaan en garant staat voor een specifieke en unieke sfeerschepping en het beeld oproept van een in harmonie zijnde kosmos. 

Craig Leon

Craig Leon
The Canon - Anthology Of Interplanetary Folk Music Vol. 2
RVNG Intl.

In een ander leven stond Craig Leon als ontdekker van acts en producer van meer dan honderdvijftig elpees mee aan de wieg van legendarische bands als The Ramones, Sucicide, Talking Heads en Blondie. In 1981 met ‘Nommos’ en een jaar later met ‘Visiting’ bracht hij voor het eerst onder eigen naam twee langspelers uit met een mix van abstracte, experimentele elektronische muziek en ambient. Beide werden in 2014 verenigt op het als dubbelalbum verschenen ‘Anthology of Interplanetary Folk Music Vol. 1’. Met ‘The Canon: The Anthology Of Interplanetary Folk Music Vol. 2’ komt daar nu een vervolg op. Sinds 1998 heeft Leon heel wat muziek geschreven en gearrangeerd voor films en klassieke ensembles, doch ook Bach en kerstliederen prijken op zijn palmares. Met zijn nieuwe album zoekt Craig na bijna veertig jaar opnieuw aansluiting bij ‘Nommos’ en ‘Visiting’. Het nieuwe materiaal werd in de afgelopen twee jaar opgenomen. Daarbij zijn veel van de oude instrumenten en technieken, onder meer inharmoniciteit dat hij destijds overnam van pioniers van krautrock, terug gebruikt. Ook het kosmische scheppingsverhaal van de Dogon stam uit Mali, waarvan hun tentoonstelling in het Brooklyn Museum in 1973, mee als inspiratiebron diende voor ‘Nommos’, komt hier terug aan de oppervlakte. Het is een soort van relikwie uit het verleden die naar het heden wordt gekatapulteerd en de voortzetting van Craig zijn conceptuele cyclus. Opnieuw van de partij is ook Leon zijn partner Cassell Webb. Samen staan ze in voor de productie en uitvoering. Bij de eerste drie composities ligt de nadruk op zang en verschillende vormen van percussie die verwijzen naar de ceremoniële muziek van de Dogon. De overige tracks klinken na meerdere keren luisteren meer en meer als een soort van achtergrondmuziek. Behalve dan in ‘The Gates Made Plain’ waarin echoënde percussie terugkeert. De gedreven slagkracht maakt plaats voor minimalistische ambient klanken en doet onbewust denken aan Brian Eno zijn cyclus van ambient platen. Toch geeft ook deze helft zijn bestaansreden. Het transcendente en visionaire palet beschikt over een bezwerende kracht die het kosmische accent en het bestaan van buitenaardse beschavingen en het ondernemen van ruimtereizen terug actueel maakt. Want ligt daar niet de oorsprong van het Westerse denken?  

DJ Marcelle / Another Nice Mess

DJ Marcelle / Another Nice Mess
One Place For The First Time
Jahmoni Music

De Nederlandse Marcelle van Hoof draait al ruim vijftien jaar plaatjes en niet alleen in Amsterdam. Zo is ze resident DJ in hippe clubs in steden als Wenen, Berlijn, Zürich en Basel. Haar DJ noemen is oké, doch Marcelle heeft meer pijlen op haar boog. Als muzikale avonturier brengt ze onder het pseudoniem Another Nice Mess (de naam van haar radioshow) sinds 2016 haar eigen muziek uit op het Duitse label Jahmoni. Daarvoor was ze al aan het feest bij het ook al Duitse Klangbad label met een reeks van ‘Soulmates’ platen met mixes van haar favoriete artiesten. Een belangrijk criterium is dat ze uitsluitend vinylplaten draait én maakt, met tussendoor af en toe en cassette. Op haar nieuwe elpee 'One Place For The First Time’ is ze andermaal haar eigenzinnige zelf. Laat u niet misleiden door bijvoorbeeld de grappige intro ‘She Plays Vinyl’ en de gelijkaardige uitsmijter ‘Don’t Touch The Table’. Allebei verwijzen ze naar samples afkomstig van haar Boiler Room act tijdens het Nyege Nyege Festival 2018 in Oeganda. Deze ‘One Place For The First Time’ is echt wel een plaat waar je op kunt dansen. De onorthodoxe elementen en bizarre samples moet je er maar voor lief bijnemen. Luister maar naar ‘Respect Cage Animals’, ‘Technicians And Their Smoke Machines’ of ‘Hippies Use Side Door’. Helemaal een buitenbeentje is ‘The Mother Of All Messes’ vernoemd naar een Britse krantenkop over de Brexit. Dub liefhebbers komen ook aan hun trekken in ‘Dub (Dub)’ en ‘Respect My Snack Foods’. Ook een kinderliedje gaat voor de bijl in ‘There!’. Om haar bijzondere ideeën uit te werken gebruikt Marcelle drie draaitafels en een mixer. Haar creaties hebben geen specifieke stijl en laten grenzen tussen genres vervagen. En dat maakt van deze ‘One Place For The First Time’ best wel een merkwaardig werkstuk.

Thomas William Hill

Thomas William Hill
Grains Of Space
Village Green Recordings

'Grains Of Space’ is de opvolger voor het in 2017 eveneens bij Village Green uitgebrachte debuut ’Asylum For Eve’ van deze Britse componist en producer. Op ‘Grains Of Space’, borduurt Thomas William Hill verder op de ingeslagen weg die hij ook reeds bewandelde met Origamibiro, momenteel een duo act bestaande uit Hill zelf en Andrew Tytherleigh. De oorsprong voor de hier gebracht melodieën ligt bij een serie van minimale loops opgenomen met een viola de gamba, een populair snaarinstrument in de tijd van de barok en renaissance. De muziek ontwikkelde zich als korrels in de vrije ruimte. De kunstenaar heeft dan het heft in handen om die te verplaatsen, op te vullen of van samenstelling te veranderen. Toonhoogte, timbre, kleur en evengoed stilte krijgen hier een plaats. Voor de invulling gebruikt Thomas niet alledaagse instrumenten als een metallofoon, gongs, klankschalen, duimpiano en metalen vaten, maar evengoed drummachines en analoge synthesizers. Gastmuzikanten zijn trompettist Steve Pretty, Fiona Stein (viool) en Christine Palethorpe (harp) en ook Tytherleigh, die andere helft van Origamibiro is van de partij. Er ontstaan nieuwe verbindingen, andere samenstellingen en onvermoede variaties. De composities bestaan uit velerlei lagen die garant staan voor melodische pracht en praal met hier en daar wat pathos. Met ‘Grains Of Space’ kun je rustig achterover leunen en volop genieten. Het speelse karakter van dit album en tegelijkertijd het harmonische samenspel tussen al die van oorsprong uiteenlopende instrumenten zijn een ware verademing.  

Emily A. Sprague

Emily A. Sprague
Water Memory / Mount Vision
RVNG Intl.

Emily Sprague is een muzikante, liedjesschrijver en geluidsontwerper uit de Catskill Mountains. Ze maakt deel uit van de groep Florist die kan terugblikken op een drietal releases. Sinds 2011 is ze ook solo actief. ‘Water Memory’ en ‘Mount Vision’ verschenen in respectievelijk 2017 en ’18 in beperkte oplage en in eigen beheer op cassette. Daarnaast waren beide ook digitaal te verkrijgen. De geluidskunstenaar en ontwerper Taylor Deupree heeft nu beide albums opnieuw onder handen genomen in de studio. Aangevuld met enkele niet eerder uitgebrachte nummers zijn beide nu verzameld op één cd. Door de vernieuwde indeling beginnen beide edities met een door muziek ondersteund kort gedicht. Het geheel sluit af met bonus track ‘Outdoor’. De voornaamste ingrediënten tijdens het maken van dit tweeluik zijn door ambient en drone gestuurde composities voor modulaire synthesizers. In ‘Water Memory’ ligt de focus op het element water. Op verschillende manieren hoor je de diverse facetten van hoe water zich beweegt (‘Water Memory Poem’, ’Water Memory 2’, ‘Dock’). Tijdens deze geluidsfragmenten openbaart zich een visuele beeldvorming. ‘A Lake’ is een monumentale track die de uitgestrektheid en donkere dieptes van een wateroppervlak verwoord. ’Your Pond’ dat dit luik afsluit is een minimalistische en repetitieve collage van simpele synthesizer tonen. De tweede helft bestaat uit ‘Mount Vision’. Deze is donkerder van textuur. De beleving is meer diepgaand en intens. Via zich herhalende loops ontstaan thematische, sonore geluidslandschappen. Synthesizers en piano wisselen elkaar af. De nadruk ligt op kleine en fijngevoelige nuances. Met ‘Water Memory / Mount Vision’ deelt Sprague enkele fases die ze als artiest heeft doorlopen. Naast de elpee en cd versie is er een gelimiteerde editie te koop van Emily haar verzamelde gedichten: ‘Ambient Poems (2017-2018)’.   

Rature

Rature
Les Oubliés d’Okpoland
Atypeek Music

Ben doorgaans geen grote fan van hiphop rap, ragga of dub, maar dit Franse duo heeft me enigszins verrast, in positieve zin dan. Ze hebben met ’29 Erreurs’ (2009) en ‘Bouelvard Des Gros’ (2010) al twee albums uit, maar dit is dus een eerste kennismaking. De titel van hun derde worp verwijst naar een beroemd pretpark in Zuid-Korea dat na een aantal tragische ongelukken in 1999 definitief de deuren moest sluiten. Zanger/drummer Damien Grange maakt dankbaar gebruik van stemeffecten die leiden tot een bombardement van klanknabootsingen. Daarnaast rapt hij in het Frans of het Engels. Zijn maatje Sebastien Finck drumt ook en is de man die het ritme bepaalt. Hij weet ook hoe synthesizers, electronica, drones en een arsenaal aan effecten de toon kunnen zetten. De wijze waarop het tweetal musiceert zorgt voor een overwegend duister getint en soms angstaanjagend en primitief plaatje. We zijn helemaal in de ban geraakt van ‘Escalier’ en ‘Oldschool’ (die laatste doet me denken aan House Of Pain). Ook ‘Coma’ en ‘Poney’ wekken de nieuwsgierigheid en zitten vol contrasten. De twee meest vreemde en groteske songs zijn ‘Dubyo’ en ‘Aeiou’. De acht reguliere nummers worden aangevuld met twee remixes van respectievelijk ‘Orgue’ en ‘Stone’. Rature brengt met deze ‘Les Oubliés d’Okpoland’ een hedendaagse variant van rap en hiphop. Radicaal en ook een beetje formidabel.
 

Chris Brokaw

Chris Brokaw
End Of The Night
Glitterbeat/tak:til

De in Boston gevestigde gitarist Chris Brokaw ken je misschien van beeldbepalende bands als Codeine en Come of zijn collaboraties met The Willard Grant Conspiracy, Cobra Verde, Manta Ray, Steve Wynn, Evan Dando, Thalia Zedek, The Lemonheads, Thurston Moore, Hugo Race of Stephen O’Malley. Sinds 2001 is hij ook solo actief en heeft al heel wat platen uitgebracht. Hij is thuis in vele genres en bracht in 2017 nog een album uit waarin hij songs van David Bowie en Prince omtovert in akoestische instrumentale pareltjes. Het idee voor deze ‘End Of The Night’ kwam er na een avondje/nacht platen beluisteren met zijn vriend Steve Lowenthal. De twee wilden hun luistersessie afsluiten met muziek die de perfectie van de laatste uren van de nacht die langzaam overgaan in ochtendgloren zou kunnen weergeven. Ze bleven het antwoord schuldig, doch vanaf dat moment speelde bij Brokaw het idee om ooit zelf zo een album te maken. Enkele jaren gingen voorbij waarin andere projecten tot een goed einde werden gebracht. Toch bleef Chris in die periode aantekeningen maken en verdween de opzet nooit uit zijn gedachten. Vanaf april 2017 werd sporadisch tijd vrijgemaakt om het concept uit te werken. Brokaw nodigde een aantal bevriende muzikanten uit. Met sommige er van speelde hij eerder reeds samen, andere heeft hij een sterke binding mee. Zijn eigen tien composities worden allemaal eigengereid ingekleurd. De ene keer in duo bezetting, dan eens als trio of in kwartet. De songs zijn overwegen jazzy getint, met een sterke hang naar weemoed en geven perfect de sfeer weer wanneer een nieuwe dag begint en het eerste licht aanbreekt. Heel mooi zijn ‘Trade Winds’, ‘Our Fathers’, het dromerige ‘Blue Out’ en de met trompet opgesmukte titelsong.  

Erlend Apneseth Trio With Frode Haltli

Erlend Apneseth Trio With Frode Haltli
Salika, Molika
Hubro

Een plaat gemaakt in opdracht van een cultureel centrum dat dienst doet als ontmoetingsruimte voor kunstenaars, het kan. Toch in de Noorse stad Bergen waar ‘Bergen Kjøt’ (in het verleden een vleesfabriek) in samenwerking met de Noorse Kunstraad een opdracht in commissie gaf aan het Erlend Apneseth Trio. Dat is niet aan zijn proefstuk toe, want bracht eerder reeds twee albums uit: ‘Det Andre Rommet’ in 2016 en een jaar later ‘Åra’. Erlend Apneseth is een jonge Hardanger violist. De Hardangerviool is in Noorwegen, maar ook daarbuiten een begrip. Het is een instrument waarvan het oudste bekende exemplaar dateert uit de 17e eeuw en is genoemd naar de streek waar het oorspronkelijk vandaan komt: Hardanger. Apneseth verdiept zich in de traditionele vaderlandse volksmuziek, maar voegt er tegelijk moderne elementen en andere stijlen aan toe. De twee andere muzikanten die deel uitmaken van de triobezetting zijn bariton-gitarist Stephan Meidell en drummer/percussionist Øyvind Hegg-Lunde. Voor de gelegenheid is ook de bekende accordeonist Frode Haltli van de partij. Naast een deel van de opnames die zijn opgenomen in de vroegere vleesfabriek bevat de plaat ook enkele repetitieopnamen. Er werd ook in de archieven gedoken waar men een paar tekst- en zangfragmenten vond die in de muziek werden geïntegreerd. Het geheel bestaat zo uit een bonte verzameling van de meest uiteenlopende genres en invloeden. Naast oude volksmuziek zijn dat ambient, wereldmuziek, jazz en folk. De zeven liedjes zijn ook niet aan tijd gebonden. De mengeling van oud en nieuw en de verhalen van toen met de moderne invulling tonen een unieke verbondenheid. ‘Salika, Molika’ is een heel aangenaam plaatje, soms een tikje experimenteel, doch vooral origineel en fris van de lever. Muziek waarmee je zorgeloos de zomer kan doorkomen. 

Trond Kallevåg Hansen

Trond Kallevåg Hansen
Bedehus & Hawaii
Hubro

Met het naar hemzelf genoemde trio debuteerde de veelgeprezen Noorse gitarist en componist   Trond Kallevåg Hansen in 2017 met het album ‘Se Meg En Annen Dag’. Een plaat die goed werd ontvangen, zowel nationaal als internationaal. Zijn twee medemuzikanten Alexander Hoholm (contrabas) en drummer Ivar Myrset Asheim zijn hier ook van de partij, naast twee van Noorwegen zijn belangrijkste musici, gitarist Geir Sundstøl en jazzviolist Adrian Løseth Waade. De titel ‘Bedehus & Hawaii’ verwijst naar de zomers die Hansen doorbracht bij zijn grootouders in Bømlo. Trond kiest er bewust voor om herinneringen op te halen uit zijn jeugd en die te verwerken in zijn instrumentale liedjes. Een ‘bedehus’ is een parochiezaal of -huis waar onder meer kinderen zondagsschool volgden. Predikers kwamen er langs om parabels te vertellen en er werden psalmen gezongen. Intussen zijn de tijden veranderd en heeft de strenge protestantse leer veel van zijn pluimen verloren. Als er nog een ‘bedehus’ is dan kun je er nu een kopje koffie drinken, gezellig bijpraten of een boek lezen. Hawaï laat je dromen van verre reizen, zorgeloos door het leven stappen en liggen bakken in de zon. En die tegenstellingen vind je helemaal terug in de negen tracks. Het eerste nummer, ‘Flanellograf’ laat improvisatie toe en heeft een licht experimenteel karakter. De overige songs hebben een meer ontspannen en warmere sfeer ondermeer dankzij de virtuositeit van Sundstøl. Die brengt het exotische Polynesië binnen handbereik. Trond op zijn beurt slaagt er in om zijn interesse in filmmuziek over te brengen naar zijn eigen composities. ‘Bedehus & Hawaii’ is een poëtisch en lyrisch werkje. Ook het gemak waarmee de muzikanten jazz, country en folk met elkaar verweven en van akoestisch naar elektrisch switchen getuigt van vakmanschap. Dit alles samen zorgt voor kommerloos luisterplezier. Het leven ziet er weer een stukje rooskleuriger uit. 

Niklas Adam

Niklas Adam
Undulate
Sofa Music

Bij Sofa Music houden ze van avontuurlijke artiesten. Eén van hun meest recente aanwinsten is Niklas Adam een Deense kunstenaar die momenteel in Oslo woont. Naast muzikant werkt hij ook met performances en installatiekunst. Het is zijn eerste onder eigen naam uitgebrachte album. Opereert ook onder het pseudoniem Mona Sigler en is actief in acts als Bichon Frisé, Tigers Mind en Y LAZ YUNGSTER. Op deze ‘Undulate’ verkent Niklas de mogelijkheden van elektronica en programmering in het sturen van instrumenten en geluiden. Het zorgt voor een samensmelting van geluid, beweging en perceptie. Welke interpretatie krijg je in een bepaalde ruimte waarin synthetische geluiden vrij spel krijgen en zich vermengen met stemmen, dierlijke geluiden en terugkerende thema’s. ‘Undulate’ brengt twee door allerhande percussie gestuurde fragmenten. Het zijn abstracties die ver verwijderd zijn van traditionele structuren. Ingenieus van samenstelling, veeleisend en complex. Het is muziek, ongrijpbaar en onwerkelijk, een soort van testcase. Wat wil de kunstenaar bereiken en wat moet je met zijn uitnodiging om hier naar te luisteren aanvangen? Ik heb geen flauw idee. Ook al heb ik met een open geest ‘Undulate’ toch een aantal keren geconsumeerd. Misschien is het wel een goed idee om gewoon mee te gaan op de golven, zonder zich verder om iets te bekommeren.

Fredrik Rasten

Fredrik Rasten
Six Moving Guitars
Sofa

Fredrik Rasten is een Noorse gitarist en componist werkzaam op het gebied van zowel geïmproviseerde als gecomponeerde experimentele muziek. Hij studeerde bij Catherine Lamb en Marc Sabat in Berlijn en spitst zich vooral toe op de uitgebreide mogelijkheden die een akoestische gitaar biedt. ‘Six Moving Guitars’ is een muziekstuk met choreografie, uitgevoerd door drie gitaristen en drie dansers. Rasten ziet het als een studie van hoe uitvoerders, al dan niet getrainde musici, met elkaar omgaan en hoe ze naar elkaar luisteren en zich tegelijkertijd ruimtelijk oriënteren. Het zestal combineert verschillende speelwijzen zoals open snaren of specifieke intonaties en beweegt zich door de kamer. Roterend, wandelend, lopend of rennend activeert elk de snaren van zijn of haar gitaar. Ze splitsen zich ook op in drie duetten met als uitgangspunt ritmische unisono patronen. De muziek werd gecomponeerd door Fredrik. De choreografie kreeg pas in een later stadium een vaste vorm. Er ging een proces aan vooraf van al spelend de mogelijkheden van de ruimte af te tasten en te onderzoeken. Het klinkt een beetje raar om naar de gitaarmuziek te luisteren en tussendoor het geschuifel en getik van schoenen te horen van het bewegende zestal. Het geheel straalt wel een zekere rust uit. De bijna stilte en de aandacht voor elkaars werk, aandacht voor klank, aandacht voor het overgangsgebied tussen geluid en stilte verwijzen naar Wandelweiser muziek. Andere invloeden haalt Rasten bij traditionele Britse folk en oude muziek. Het vraagt concentratie om naar dergelijke muziek te luisteren. Muziek als bindmiddel. Het brengt mensen op allerlei manieren dichter bij elkaar. Zo ook deze ‘Six Moving Guitars’.

eRikm / Anthony Pateras

eRikm / Anthony Pateras
Albédo
CCAM Éditions

Het gebeurt niet zo vaak dat het woord idiosyncrasie in verband wordt gebracht met muziek. De Franse musicus, componist en visueel kunstenaar eRikm (echte naam Eric Matt) doet dat wel. Een eerste kennismaking met de veelzijdige Australische componist en uitvoerder Anthony Pateras kwam er in 2017. Beide heren hebben ontelbare releases op hun naam staan, zij het solo of in een heel bestel van uiteenlopende samenwerkingsverbanden. Tijdens die eerste ontmoeting bracht elk zijn eigen muzikale ervaringen in stelling. Zo creëerde en ontwikkelde het tweetal nieuwe geluidslandschappen. Het bleek de voorbode te zijn van deze langspeler. ‘Albédo’ bestaat uit twee lange composities. De eerste ‘Orbitale’ is live opgenomen in januari 2018 in Ljubljana en kent zowel naar ambient neigende rustige passages als geluidsuitbarstingen. Modulaire glitch fragmenten, storingen, ruis en samples versmelten met een door eRikm aangestuurde CDJ speler en zijn idiosyncrasie systeem. Afwijkend van de norm zonder verder te specificeren verplaatst de muziek zich naar verschillende terreinen waar de twee muzikanten met elkaar in dialoog gaan. Het in de studio van CCAM (oktober 2017) opgenomen ’Nyctalope’ heeft een andere structuur. Er zijn meer verschuivingen die de experimentele aard van het stuk benadrukken. Drone, glitch, minimale muziek en chaotische uitbarstingen volgen elkaar op of tuimelen door elkaar heen. ‘Albédo’ is eerder ongepolijst en rauw. Een uiting van vrijheid die de kunstenaars zichzelf gaven om op muzikaal gebied eindeloos te kunnen exploreren. 

woensdag 12 juni 2019

Wet Dreams

Wet Dreams
Wet Dreams
Black Pop

Sebastian Ulstad Olsen, frontman van Death By Unga Bunga had tijdens het maken van albums voor zijn eigen band een aantal songs op overschot waar hij niet wist wat er mee aan te vangen. Als Wet Dreams zette hij er drie van op een single, ‘Cartridge Belt’ die werd uitgebracht in mei 2017. De overige tien zijn nu verzameld op deze debuutplaat. De songs verschillen niet zo veel van die van Death By Unga Bunga. De nadruk ligt iets meer op het rudimentaire en rauwere element van garagerock, rock-’n-roll en punkrock. Met de nadruk op de chaotische begindagen van het punk tijdperk. De door testosteron aangedreven muziek streeft naar een ‘groter dan het leven’ gevoel. De eigen onzekerheden worden weggemoffeld. Dit in tegenstelling tot de teksten waarin Olsen aantoont dat we mensen zijn met allemaal dezelfde fundamentele behoeften en verlangens. ‘Wet Dreams’ wisselt doordeweekse, voorspelbare songs af met een paar fraaie nummers zoals het jaren zestig geintje ‘Roliglåta’, de twee in acid riffs gedrenkte tunes ‘Bad Boy’ en ‘Boogie’ plus het licht psychedelische ‘Blueslåta’. Leuk plaatje en uiterst geschikt voor liefhebbers van voornoemde genres.

This Can Hurt

This Can Hurt
Worlds Apart
Eigen Beheer

In hun relatief korte bestaan kende This Can Hurt al enkele personeelswissels. De huidige bezetting bestaat uit gitarist Jean Paul De Brabander (ex-LoopLizard / ex-DeLaVega), zanger Sven Vande Neste (70's Tush) en Jack Noise neemt de drums en samples voor zijn rekening. Live krijgen ze voortaan versterking van bassist Jo Van Maldergem. Zelf omschrijven ze hun muziek als ‘Industrial Post Wave’. En daar valt wel iets voor te zeggen. Het trio kiest voor een mengeling van new wave, industrial en indie/alternatieve rock. En voor een streepje electro halen ze ook hun neus niet op. Deze mannen zijn doorwinterde muzikanten en dat hoorde je al op hun debuutplaat ‘When Nothing Matters’ (2017). Op deze tweede worp klinken ze nog overtuigender. Een eerste optater krijg je al meteen met ‘Hourglass’. De titelsong heeft wat meer industrial invloeden en is trager, maar zeker niet slecht. Het daarop volgende ‘Fate’ kun je evengoed onderbrengen in de categorie metal. Net als ‘Illusion’. Het is verleidelijk om de songs te toetsen aan artiesten waar ze een aantal elementen aan hebben ontleend (dat is voor bijna elke track zo), maar dat gaan we hier niet doen. Andere krachtige songs zijn ‘High Tide’, ‘Rivers Run Deep’, ‘Diane’ en het sinistere ‘For You’. Absolute hoogtepunt is ‘The Fall Of Mark E. Smith’. De titel verwijst naar Mark Edward Smith (60), de frontman van postpunk band The Fall die kwam te overlijden op 24 januari 2018. Met ‘Worlds Apart’ bewijst This Can Hurt dat ze thuis horen bij de top van de Belgische rock/metal scene.

Theatre Of Tragedy

Theatre Of Tragedy
Remixed
AFM

Precies zeventien jaar na de oprichting legde het Noorse Theatre Of Tragedy er op 2 oktober 2010 het bijltje bij neer. Deze Noorse act stond mee aan de wieg van gothic metal, het samengaan van een donkere, mannelijke zang (grunts) met een vrouwelijke sopraan. Tot op vandaag is het genre springlevend en krijgt het nog steeds navolging. De groep maakte zelf een echte evolutie door en zocht door de jaren heen naar nieuwe muzikale uitdagingen. Die brachten hen bij zowel electro, synthipop, gothic rock, alternatieve rock als heavy metal. Dit jaar laat Theatre Of Tragedy opnieuw van zich horen met een compilatie van remix versies van hun meest populaire en ook minder bekende songs. Een overzicht dat hun hele carrière bestrijkt. Voor de liedjes in een nieuw jasje te steken werden enkele van de groten uit de wereld van gothic, electro, futurepop, EBM, industrial en aggrotech opgetrommeld. Uit eigen land rekruteerden ze onder meer Zeromancer en Icon Of Coil, uit Duitsland Das Ich en Funker Vogt en ook het Iers-Britse VNV Nation is van de partij. Das Ich levert hier puik werk met twee nummers gelicht van de elpee ‘Velvet Darkness They Fear’. Voor een deel betreft het hier ook reeds bestaande opnames, terug te vinden op eerdere releases van singles en ep’s zoals de versies van ‘Machine’, ‘Lorelei’, ‘Let You Down’, ‘Envision’, ‘Frozen’ en ‘Deadland’. Aan u om uit te maken wat de meerwaarde is van deze ‘Remixed’ verzamelaar.

Sofy Major

Sofy Major
Total Dump
Deadlight Entertainment

Shit happens. Iedereen kent wel het gevoel als je een tegenslag moet incasseren. Je zit dan aan het eind van je Latijn of diep in de put. Je kunt dan twee dingen doen: berusten en je lot aanvaarden of er tegen vechten en er terug bovenop komen. Het inspireerde het Franse combo Sofy Major bij het maken van zijn inmiddels vierde album. Zelf zijn ze de door de jaren heen door diepe dalen getrokken en hebben ook een paar pieken gekend. De woede die doorklinkt in de stem van bassist/zanger Mathieu Moulin lijkt dan ook oprecht. Sofy Major hakt er lustig op in en is zo te horen niet van plan zich nog eens te laten kisten. Donkere bastonen graven zich een weg tussen dissonante gitaren en zware drumpatronen. De schreeuwerige zang past wonderwel in het geheel van noise, metal, sludge en post hardcore die het trio omarmt. Twee nummers, ‘Cream It’ en ‘Franky Butthole’, steken er wat bovenuit door de combinatie van wat meer gematigde en melodieuze poptonen met heftige en ongetemde riffs. In de overige acht songs doet de sloophamer zijn werk, soms flitsend en pittig, dan weer log en gestaag. Voor fans van Unsane, Pigs, Baroness en Kylesa.

Sad Planets

Sad Planets
Akron, Ohio
TeePee

Patrick Carney (The Black Keys) en John Petkovic (Cobra Verde, Sweet Apple, Guided By Voices en Death Of Samantha) leerden elkaar toevallig kennen in het Akron Art Museum in 1999. Twintig jaar later brengen ze samen een eigen album uit. Beide muzikanten zijn trouwens afkomstig uit Akron, de industriële hoofdstad van het Amerikaanse Midwesten. Met deze plaat vieren ze niet alleen hun vriendschap, maar ook de muzikale erfenis die de stad meedraagt. ‘Akron, Ohio’ is een niet al te beste rockplaat met een aantal hoopgevende songs, doch ook enkele miskleunen van jewelste. Als zanger scheert John niet echt hoge toppen. Het lijkt alsof hij de boel wil forceren en bijvoorbeeld in ‘Want You To Want You’, ‘(Falling Into The Arms Of A) Refugee’ en ‘Heaven’s Devils’ gaat hij pijnlijk onderuit. Het begint nochtans veelbelovend met het degelijke ‘Just Landed’, het wat psychedelische ‘Not Of This World’, de pakkende single ‘Yesterday Girls’ en het hypnotiserende ‘City Ghosts’. Maar dan gaat het een eerste keer mis met het afschuwelijke ‘Bad Cells’. Een uitglijder die hen meteen uittelt. ‘Dissapearing’ is een al even triestige afsluiter van een zeer wisselvallige langspeler.

Pinkish Black

Pinkish Black
Concept Unification
Relapse

Toetsenist/zanger Daron Beck en drummer Jon Teague besloten om na de zelfmoord van bassist Tommy Wayne Atkins op 25 februari 2010 - waarmee ze samen het trio The Great Tyrant vormden - als duo verder te gaan onder de naam Pinkish Black. Het tweetal debuteerde in 2012 met een eerste album en met deze ‘Concept Unification’ staat de teller ondertussen op vier langspelers. Pinkish Black is een vooruitstrevend en avontuurlijk duo dat het experiment niet schuwt. Beck maakt dankbaar gebruik van zijn batterij keyboards, mellotron en synthesizers om de juiste accenten te leggen. Teague als eenmansritmesectie is sober, doch heel secuur. De thema’s die het tweetal aankaart zijn angst, zinloosheid, beuzelarijen en leegte. De sfeer van ‘Concept Unification’ is dan ook broeierig, somber, verpletterend en dreigend. De synths doen soms denken aan krautrock en de Berlin-School stijl. Daron is geen fantastische zanger, maar zijn timbre past perfect bij de stemming en kleurt mee de uitstraling van het songmateriaal. Het dramatische effect in het bombastische ‘Next Solution’ is verbluffend. Maar ook de huiverige titelsong, het zwaarmoedige ’Dial Tone’ en het fraaie ‘Petit Mal’ zijn top. Wie zich het album digitaal aanschaft krijgt als toemaatje met ‘Away Again’ en ‘We Wait’ twee extra tracks.

Karakorum

Karakorum
Fables And Fairytales
Tonzonen

Duits vijftal dat zich nestelt in jaren zeventig krautrock en de toen heersende progressieve rock scene. Deze ‘Fables And Fairytales’ is de opvolger voor het in 2017 verschenen ‘Beteigeuze’. Slechts drie composities sieren deze plaat, maar zijn wel goed voor 47 minuten nostalgische progrock. In opener ‘Phrygian Youth’ huppelt en springt het kwintet van het ene (sub)genre naar het andere - hardrock, klassieke rock, bluesrock, progressieve rock - met daarbovenop evenveel tempo verschuivingen. In minder dan tien minuten krijg je hier een volwaardige symfonische productie in de maag gesplitst. Met ‘Smegmahood’ doet de avant-garde en free jazz zijn intrede met referenties naar de grote Frank Zappa. Daarnaast zijn ook Yes, Gentle Giant en Van Der Graaf Generator niet ver weg. Het is een flinke boterham die je in één tijd naar binnen moet werken en af en toe schiet er wel een brokje in het verkeerde keelgat. ‘Fairytales’ is het derde en laatste opus. De start is Oosters getint. Naar mijn gevoel duurt de intro veel te lang (vijf minuten). De Oosterse invloeden blijven verder aanwezig in de gitaarsolo’s en meerstemmige zang. Langzaam gaat men over in een zachtere symfo modus met zweverige synthesizers, mooie zang en stijlvolle gitaarpartijen. Na zestien minuten is het welletjes en schakelt men een versnelling hoger met hammond orgel en percussie. Het laatste woord - of toch bijna - is voor trommelaar Bastian Shuhbeck die het geheel afrond met een heuse drum en vibrafoon solo.